Een wolk van getuigen | In memoriam Harm 1982 – 2016 (68)


Ik kreeg het niet meer uit mijn hoofd, maar het klopte niet. Waar het stond wist ik wel, in één van de laatste boeken van de Bijbel. Maar een beeld kan je ook op het verkeerde been zetten. Het kwam zo; de uitvaartonderneming waarmee we vorig jaar de begrafenis van Harm regelden, bestaat twintig jaar. Ze stonden daar op een bijzondere manier bij stil. In hun ‘winkel’ maakten ze een prachtig kunstwerk. De namen van alle “cliënten” in die afgelopen twintig jaar, werden op witte stukjes linnen, vaantjes, geborduurd en vervolgens als een grote wolk opgehangen. En die wolk deed het hem, dat deed me denken aan die prachtige bijbelse uitspraak: ‘een wolk van getuigen’. In de brief aan de Hebreeën, in dat bijbelboek staat het, gaat het over mensen uit een ver verleden, die voor vandaag nog steeds als voorbeeld kunnen dienen.
Maar ja, daar gaat de vergelijking toch enigszins mank. De wolk bij “de Ode” bevatte namen van Amsterdammers die de afgelopen twintig jaar zijn overleden. Die kun je niet vergelijken met de wolk van getuigen uit Hebreeën 12. Toen ik vorige week ging kijken was ik onder de indruk. Samen met de uitvaartondernemer hebben we een hele tijd gezocht waar het ‘vaantje Harm’ hing. En het was ook werkelijk, zo leek het, een wolk van getuigen. Elke naam zegt; ik heb geleefd, ik ben gebaard en ben opgegroeid, vaders en moeders hebben mij geknuffeld, ik heb liefgehad en werd geliefd. Aan elke naam zit een heel leven vast, of hij of zij nu jong is gestorven of heel oud is geworden. Elk leven wat bij die meer dan duizend namen hoort is een getuigenis, van mooie, van minder mooie en ook van verdrietige dingen.
Dat de wolk van vaantjes zo prachtig hing kwam door de steentjes, daar was over nagedacht. Prachtige glanzende kiezelsteentjes hielden de draadjes recht waar de vaantjes aan bevestigd waren. Symbolisch, want in de Joodse traditie zien we op graven vaak steentjes liggen. Stenen ter nagedachtenis aan de gestorvene. Ben je bij zijn of haar graf geweest, dan richt je een steen voor hem op!
En opnieuw moest ik aan die ‘wolk van getuigen’ denken toen ik de weekmail van ArtWay in mijn postvak kreeg. Het uitgebreide artikel over Martijn Duifhuizen maakte dat ik over de wolk wilde schrijven. Zijn verhaal heeft dan wel te maken met een terugblik op 500 jaar Reformatie, maar ook hier opnieuw een wolk van getuigen. Een geweldige hoeveelheid namen, die je in eerste instantie niet kunt lezen of kunt ontcijferen. Zo ging het mij bij de Ode ook, ik moest me verdraaid goed concentreren en scherpstellen om de afzonderlijke namen te kunnen lezen. Duifhuizen, prachtige naam trouwens, heeft een werkelijk uniek kunstwerk geschapen. In het YouTube filmpje legt hij precies uit wat de diepere gedachte is achter zijn nieuwste werk; Communio sanctorum. Mooi en kunstzinnig wanneer je het filmpje bekijkt. Ook zij die er niet meer zijn, mogen geen ‘nomen nescio’ worden. Daarom blijft ook de naam van Harm steeds weer genoemd, gisteren, vandaag en ook morgen.
Kyrie eleison
Meer over het kunstwerk op: http://www.communiosanctorum.net/

Opeens zag ik hem liggen bij de afdeling ramsj; het eerste deel van Arabier. Wanneer ik zoiets zie vind ik dat voor zo’n geweldig boek toch vervelend. Riad Sattouf zal er heus niet minder om eten, maar je boek in de uitverkoop….?! Waarschijnlijk heeft de drukker er gewoon te veel van gedrukt, of de uitgever heeft verkeerd gecalculeerd, maar het voelt als een soort heiligschennis. Een paar maande geleden zag ik een bundel met allemaal prachtige gedichten, die waren verzameld door Arie Boomsma, ook in de ramsj liggen. Voelt ongemakkelijk, ook voor de schrijver, of zoals in dit geval voor Arie Boomsma. Loop je de boekhandel binnen en zie je daar stapels van jouw werk liggen, maar dan in uitverkoop. Trouwens waar maak ik me druk over, ik had immers net reclame gemaakt voor ‘de Arabier’ deel 3! Prachtig toch, voor €7,50 ligt deel 1 nu in de winkel!
Bij de afdeling strips en graphic novels vond ik het boek van Liesbeth Labeur, ‘Een lamp voor mijn voet’. Een graphic novel, met nadruk op het laatste, over de reformatorische wereld. In een prachtig ’tale Kanaäns’ vertelt hoofdpersoon Neeltje over haar jeugd in Zeeland en haar studietijd in Antwerpen; ontroerend en indrukwekkend. Zondagmiddag wilde ik eigenlijk nog een stuk fietsen, prachtig weer immers! Maar in de tuin was het ook heerlijk. En terwijl in de verte de trommels de laatste deelnemers van de Amsterdam Marathon nog een flinke boost gaven, verkeerde ik tussen ‘zulke verdorven aard’ en ‘gevallen in een jammerstaat’. Wat een indringend verhaal, met veel vermakelijke zinnen, gecombineerd met tale Kanaäns. ‘Neeltje zag de poorten van Sions tempelzalen wijd openstaan, er stroomde licht uit’. ‘Neeltje vluchtte weg. Haar nek was tot een voetbank Hunner voeten geworden’. Het boek gaat ook over misbruik en incest.
Er is heel wat mailverkeer aan voorafgegaan, maar nu staat het definitief vast. Zowel het ontwerp als de tekst konden uiteindelijk onze goedkeuring wegdragen. Natuurlijk wilden we het niet, het had zo niet gemoeten. En elke keer wanneer we even een rondgang maken op Zorgvlied vliegt het ons weer aan. Maar aan de andere kant willen we het ook niet laten bij een stukje grond met alleen een groen bordje en een aangevreten plant. Harm verdient een mooie grafsteen, een ‘waardig’ monument; of we het nu willen of niet. Wanneer je gaat zoeken op internet is de keuze voor een monument overweldigend. Mooi blank staal, cortenstaal, glas, oneindig soorten hardsteen en dan ook nog in vele combinaties. Je kunt het haast niet bedenken of het is verkrijgbaar. En wanneer je over de vorm begint is het helemaal eindeloos natuurlijk. Natuurlijk wil je vervolgens rekening houden met wat Harm mooi vond. Maar ja, hij is er niet meer en met hem hebben we het nooit over grafstenen gehad, geloof ik.
Harm was van de vormgeving, en van dat ene uitgebalanceerde lettertype kon hij genieten. Oh, wat kon hij schelden als er een officieel epistel van mijn werk in ‘comic sans’ was opgemaakt. Het zijn opeens van die dingen die boven komen wanneer je met een grafsteen bezig bent. Gelukkig was het lettertype voor zijn naam snel te achterhalen. Geen idee of Harm indertijd de herkomst van dat lettertype heeft uitgezocht, maar ik denk wel dat hij dat had willen weten. Media Monks heeft het indertijd gebruikt bij het maken van de rouwkaart, omdat ze wisten dat dit het favoriete lettertype was van Harm. Zo installeerde hij jaren geleden het VAG (afkomstig van de Volkswagenfabriek) lettertype op mijn computer; was hij toen helemaal weg van. Dat New Batavier is al heel oud trouwens. Eva en Marta Yarza (een New-Yorkse tweeling en eigenaars van een ontwerpstudio) kwamen een prachtige poster tegen uit 1928 van de stoomvaartlijn op Londen. Op die poster stond een prachtig lettertype wat was gemaakt door Francesca Claussen. De Yarza tweeling heeft dit lettertype bewerkt en zo werd het de New Batavier.













