Luberon mijmeringen

Net voor Oppedette

Een paar dagen terug werden we ’s morgens gewekt door het gezang van de wielewaal. Het deed ons allebei herinneren aan het liedje dat we de leerden op de lagere school:
“Kom mee naar buiten allemaal. Dan zoeken wij de wielewaal / En horen wij die muzikant / Dan is zomer weer in ’t land / Dudeljo klinkt zijn lied / Dudeljo en anders niet.”
Coos heeft de app MERLIN op haar telefoon gedownload en inmiddels hebben we ruim twintig zangvogels gespot. De zwartkop, de nachtegaal, de mus, de gekraagde roodstaart, de koekoek en de vink, maar ook de hop en het puttertje, de groenling en de boomklever… Vrijwel allemaal vogels die we in Diemen niet meer te horen krijgen. Zeker, we horen wel eens een merel, maar de huismus is blijkbaar toch vertrokken naar Frankrijk. Al fietsend spotten we regelmatig roofvogels, de sperwer en ook de buizerd. Kraaien en Vlaamse gaaien zijn hier legio. Dat laatste misschien omdat er ook veel Belgen genieten van de rust in de Luberon. Onze vakantieburen komen uit het Vlaamse Waregem, we kunnen ons dus verstaanbaar maken in onze gemeenschappelijke taal. En het treft extra dat Hans ook vloeiend Frans beheerst. Dat is echt een groot voordeel van onze zuiderburen, ondanks de separatistische neigingen van sommigen in de Vlaamse regering.

Simiane la Rotonde van de ‘essental oils’

Op één van onze eerste vakantieavonden werden we door madame Sylvie, de verhuurster van ons vakantiehuisje, uitgenodigd voor een glas rosé met een knabbeltje. En omdat Hans vloeiend beide talen beheerst is het wonderlijk hoe opeens barrières verdwijnen en we zelfs van hart tot hart kunnen spreken. Niet alleen het feit dat Sylvie haar villaatje te koop heeft staan (kijk maar eens op de site van de makelaar), maar ook het christelijke geloof en het hiernamaals kwamen ter sprake. Verwikkelingen met kinderen, het komt ook hier en in België voor. “Elk huis heeft zijn kruis”, concludeerde Hans’ vrouw Hilde in het plat Vlaams en dat moest natuurlijk weer vertaald. ‘Chaque maison a sa croix’. Mij schoot Daniël Lohues te binnen die zong het in mijn moedertaal zo: “Elk mens die hef zich ‘m kruus te dragen / Opzich bennen die kruuzen precies eben groot / ’t Verschil is de iene hef der iene van piepschoem / En de ander die hef ‘m van lood… “

St. Martin de Castillion, ‘école primaire’ in aanbouw

Dit is niet onze eerste keer in de Luberon. Via de Auvergne, waar we heerlijke vakanties hadden bij “l’Hirondelle” van Rolf en Heleen, zakten we steeds verder af naar het zuiden. Uiteindelijk zijn we beide wel een beetje verliefd geworden op het prachtige glooiende landschap van de Luberon. De rust, de prachtige uitzichten en de afwisseling in kleuren, dat is in woorden haast niet weer te geven. Als we bij St. Martin de Castillion het weggetje naar de ‘stiltecamping’ opreden, draaiden we de ramen open om de geur van de lavendel op te snuiven. Een paar jaar later waren een paar lavendelvelden opeens knalgeel en geurden naar kerrie, jazeker; het kerriekruid had zijn intrede gedaan! Later ontdekten we bij Simiane-la-Rotonde dat er opeens hele velden lichtpaars waren gekleurd. Misschien iets om een etherische olie van te maken? We kwamen er niet achter. Maar donderdagmiddag waren we op onze fietstocht ook wel aan het kijken naar een nieuw vakantieadres, we raken immers verslingerd aan de Luberon. Tussen St. Martin en Viens hadden een bord zien staan, een bed met een dakje erboven. We neusden daarom even rond. De eigenaresse van de gîte dacht dat we waarschijnlijk ‘claret’ bedoelden, toen we er naar vroegen. Uiteindelijk wist de nieuwe Belgische eigenaar van de Proxy het definitieve antwoord, Jean werd erbij geroepen en samen bekeken ze mijn foto. Het werd ‘Salvia Sclarea’ (de Latijnse naam , in het Nederlands zegt Wikipedia: scharlei. En jawel, men maakt er etherische olie van.

sauge claret

Viens is een oud dorp, daar kan Diemen, al viert het 800-jarig bestaan, niet aan tippen. Als voor het jaar 1000 komt de naam Viens voor, maar al eeuwen daarvoor woonden hier mensen in een dorp. Vandaag de dag heeft het bijna 700 inwoners, een café-restaurant, een pizzeria, een ‘afbakker’ en ook een kleine supermarkt. Vakantiegangers worden met open armen ontvangen. Helaas staan er hier in de omgeving ook veel huizen met dichte luiken, ze zien er verlaten uit. Toch is er hier nog een school, net als in St. Martin de Castillion. In dat laatste dorp bouwen ze zelfs een hypermoderne nieuwe lagere school, met muren van strobalen. Toch weten de mensen hier ook van oorlog, geen dorp zonder een standbeeld of een herinneringsplaquette. En regelmatig vliegen er straaljagers over, om te oefenen. Het wereldnieuws stopt niet aan de grenzen van de Luberon. Op de voorpagina van ‘La Provence’ stond gisteren een grote foto van Trump met een verhaal over al zijn leugens. De afgelopen weken nuttigden we ons ontbijt lekker in het zonnetje, vers geperste jus, koffie en heerlijk brood. Daarna luisterden we via het www naar ‘Eerst Dit’ en werden daardoor regelmatig met beide benen op de grond gezet. Er is niets nieuws onder de zon.

‘Le Bleuet’ in Banon

Vakantie, het blijft toch een apart fenomeen. Mooi dat het kan, en ’s morgens roept Coos;” Weer een mooie dag!” Even helemaal los van de dagelijkse beslommeringen, gewoon een boek pakken om lekker in de schaduw te lezen. Sinterklaas gaf mij de laatste keer het boek ‘Anderen’ cadeau. Anderen is een klein dorp in Drenthe en was begin jaren vijftig onderwerp van onderzoek door twee Amerikaanse antropologen. Tussendoor las ik van Annejet van der Zijl ‘De Zwevende Hemel’ uit. Bleek dat ook in dat boek de antropologie een rol speelt. Zowel Annejet van der Zijl als Emiel Hakkenes stuitten op Ruth Benedict. Beide boeken schetsen overigens een beeld van Amerika dat al veel Trumpiaanse kenmerken in zich heeft.
Op aanbeveling van oudste dochter had ik twee boeken van de Spaanse schrijver Jesus Carrasco meegenomen uit de biep. Prachtig geschreven, verhalen om te herkauwen en te overpeinzen. Maar ik begon met Pieter Waterdrinker; ‘Celine’, over de verschrikkingen van de oorlog tegen Oekraïne. Ook al een boek dat je naar de keel grijpt. Bij al het gemijmer besef ik dat het lezen van een boek dat je pakt, net zoveel waard is als ver weg op vakantie gaan. Dat is misschien ook wel de reden dat in Banon, ongeveer 20 kilometer van Viens (met een duidelijke s op het eind), de mooiste boekhandel van de hele Provence staat! Helaas geen boeken in onze taal, maar wat is nou mooier om je te verlustigen in al die prachtige boeken. Ik zag ‘L’Araba du Futur’ staan, alle delen in één band… Om te watertanden, 125 euro! Frankrijk is een eldorado voor strips en graphic novels.

Een welkome verandering voor preeklezers

Het lezen van een preek is in gereformeerde kerken geen bijzonder fenomeen. Wanneer er geen predikant beschikbaar is, om wat voor reden ook, is de regel dat de zondagse eredienst gewoon doorgaat. In mijn jeugd was twee keer naar de kerk normaal en wanneer dominee Francke ziek was of een keer vrij, werd er een preek gelezen, vaak door broeder Huisman. Deze broeder was leraar op de technische school en kon een preek met een duidelijke en warme stem uitstekend vertolken. Hij zocht van te voren waarschijnlijk in de kast in de kerkenraadskamer uit de serie ‘Waarheid en Recht’ een mooie preek en bereidde dat ongetwijfeld thuis voor. Of broeder Huisman ooit een handboek had geraadpleegd, ik denk het niet. De toenmalige kerkgangers luisterden in de voormalige synagoge van Hoogeveen echter graag naar hem.
Nog steeds worden er preken ‘gelezen’, zoals dat heet. Zelf heb ik het door de jaren heen ook regelmatig mogen doen en naar mijn idee ben ik er inmiddels aardig in bedreven. Maar nu ik het Handboek preeklezers heb gelezen van Paulien Vervoorn, werd ik hier en daar toch wel geconfronteerd met puntjes die beter zouden kunnen. Waarom was dit handboek er niet eerder? Preeklezers en tegenwoordig gelukkig ook preekleesters, hebben het tot op heden zelf moeten uitzoeken. Als preeklezer ben je echt aangewezen op eigen onderzoek en het gewoon maar uitproberen. Paulien Vervoorn heeft daar nu op een prettige manier verandering in gebracht. Met het door haar samengestelde handboek is freewheelen dus echt niet meer nodig.

Preken aanpassen
Het handboek van Vervoorn, verschenen in de serie ‘Werken in de kerk’ is overzichtelijk, heeft een duidelijke indeling en is in een heldere en bondige stijl geschreven. De verschillende hoofdstukken sluiten af met leestips en reflectievragen. Vooral die laatste vond ik goed geformuleerd. Vaak hebben dit soort vragen een nogal behoorlijk ‘man bijt hond’-gehalte, maar Vervoorn zet echt aan tot nadenken over je keuzes en manier van woorden geven aan een preek van een ander. In deel 2 van haar boekje, “Hoeveel mag je aanpassen?” geeft ze daar ook uitgebreid aandacht aan. Zelf heb ik niet echt de behoefte om een preek op allerlei punten aan te passen, je mag best respect hebben voor alle studie en werk dat schrijver van de preek erin gestoken heeft. Toen preken van de New-Yorkse predikant Tim Keller werden vertaald in het Nederlands, maakte ik daar graag gebruik van. Soms moest ik de context duiden of hier en daar een zin aanpassen, maar daar bleef het bij. De laatste jaren heb ik regelmatig gebruik gemaakt van preken van de Londense predikant Samuël Wells, ook dan moest ik her en der wel wat aanpassen, maar zo summier mogelijk. Vervoorn geeft hierin duidelijke tips en gebruikt daarbij ook duidelijke voorbeelden, hoe je met eigen woorden, toch respectvol naar de maker, een min of meer eigen preek kunt houden. Duidelijke uitleg en tips geeft Vervoorn ook over het in elkaar zetten van een liturgie. Wanneer je bij een preek geen liturgie voorhanden hebt, is mijn ervaring dat een muziekteam of een liturg dat graag voor je doet.

Nuttige tips
Handboek Preeklezers
 geeft een helder en compleet overzicht van alles wat er komt kijken als je een preek ‘moet lezen’. Preeklezers (m/v) zou ik aanraden om dit boekje samen te bespreken en wanneer mogelijk dat te doen met je predikant. Er staan tips in voor feedback maar ook voor feedforward (vooraf mee laten kijken). Ook kerkenraden kunnen met dit handboek hun voordeel doen. Geef het cadeau aan je preeklezers, maar lees het ook zelf, zodat je de preeklezers tips kunt geven. Bijvoorbeeld; we willen graag dat jullie een serie over een bepaald onderwerp uitzoeken. Zeker voor een vacante gemeente kan dat relevant zijn. Ook zouden kerkenraden na het lezen tot ontdekking kunnen komen dat er best gemeenteleden zijn, die zelf ook eens een preek zouden kunnen lezen, houden of maken.
Voor zover ik weet zijn tegenwoordig strakke regels met betrekking tot preeklezen verdwenen in oude notulenboeken. In de Amsterdamse Oosterparkkerk gold lang de regel dat er alleen maar preken van in leven zijnde predikanten mochten worden gelezen. Broeder van Driel, zijn naam zij overigens met ere genoemd, las preken van prof. K. Schilder en voegde hier en daar ook nog een paragraaf toe. Het was goed bedoeld, maar schoot toch wel zijn doel voorbij; er was geen touw meer aan vast te knopen. Een andere broeder vond dat hij gebeden niet moest uitschrijven, dominee deed dat immers ook niet, totdat hij midden in het Onze Vader bleef steken. Hadden ze toen in die tijd maar een handboek preeklezen gehad. Jaren later las een preeklezer trouwens een preek van Augustinus.

Zonder preek
Handboek Preeklezers is dus een nuttig en leerzaam boekje. Het is mooi uitgegeven, maar de wijze van inbinden vond ik irritant, lastig bij het omslaan van de bladzijden en ook niet goed open te houden. Het formaat had wat mij betreft wel wat groter gemogen, zodat er ook meer ruimte voor bijschrijven ontstaat. De vraag naar goed leesbare preken is met dit werkje voor een gedeelte opgelost, want Vervoorn geeft op haar website flink wat tips. Veel dominees hanteren echter een preekschets, schrijven niet alles letterlijk uit en daar heb je als preeklezer niet genoeg aan, terwijl je wel graag eens zo’n preek zou lezen. Maar wie weet kan AI in de toekomst hier de preeklezer dienen.
Tot slot nog een persoonlijke tip: je hoeft niet perse elke zondag een preek te houden. In veel gemeentes zijn uitstekende musici die graag een aanbiddingsdienst, of wat voor naam je er ook aan geeft, in elkaar zetten. Wanneer je liederen afwisselt met passende bijbelgedeeltes of korte meditatieve teksten, kan een dienst ook zeer stichtend zijn.

Gepubliceerd in het mei nummer van het Magazine ONDERWEG. N.a.v. Paulien Vervoorn, Handboek preeklezers Geloofwaardig preken met de woorden van een ander  (Buijten & Schipperheijn, 2025)

PS
In het vijde nummer van het Maandblad Voor de Nederlandse Gereformeerde Kerken, staan nog veel meer intressante artikelen. Schroom niet om de website te bezoeken en eventueel een abonnement te nemen. En… het vernieuwde ONDERWEG heeft nu een rubriek waarin een preek is afgedrukt. Het zijn goed leesbare preken en je kunt ze dus ook gebruiken in een ‘leesdienst’.

Oriana Fallaci

Soms lees je een boek en denk je, waarom heb ik dit nog niet gelezen en waarom heb ik nog nooit eerder van Oriana Fallici gehoord? We stonden voor de boekenkast van onze oudste dochter en ik keek of ik nog nieuwe aanwinsten ontdekte. Dit jaar heeft ze zich tot doel gesteld om elke week een boek te lezen en ze stopte mij de biografie over Oriana Fallici in handen, zij had hem uit. Ze klonk niet heel erg enthousiast maar ze was er van overtuigd dat haar vader het zeker boeiend zou vinden. En dat laatste had ze helemaal goed, mijn interesse voor biografieën bloeide helemaal weer op.
Oriana werd geboren in 1929 in Florence, midden in Toscane, in een arm gezin. Gelukkig heeft ze wel geïnteresseerde en intelligente ouders. In de oorlog raakt ze door haar vader betrokken bij het verzet tegen de fascisten. Na haar middelbare schooltijd gaat ze medicijnen studeren, maar al gauw beseft ze dat dat niet iets voor haar is. Ze wil schrijfster worden en kiest daarvoor het pad van de journalistiek. Ze heeft het geluk daarbij dat een oom van haar hoofdredacteur van een krant is. Als beginnend journalist trekt ze er op uit en in de VS interviewt ze allerlei mensen in de filmwereld, maar later stapt ze over naar oorlogsjournalistiek. Ze reist bijvoorbeeld naar Vietnam om de strijd tegen de communisten te verslaan. Het levert boeiende artikelen op, waarin ze de Amerikanen niet spaart. Maar ook reist ze naar Noord-Vietnam om daar de hoogste leider te interviewen. Onverschrokken trekt ze er steeds weer op uit, ze reist de hele wereld over. Steeds vaker gaat ze wereldleiders interviewen,  zoals de Dalai lama, de sjah van Perzië en later ook Ayatollah Khomeini, Willy Brandt, Moammar al-Qadhafi en Yasser Arafat. 26 interviews worden uiteindelijk gebundeld in ‘Interview met de Geschiedenis’, het ligt nu op mijn stapel te lezen boeken. Een dikke pil van bijna 600 pagina’s met intrigerende verhalen, waarbij Fallici haar eigen mening niet onder stoelen of banken steekt.

De Engelse uitgave van de biografie, met een prachtige foto op de omslag.

Er valt heel veel te vertellen over deze bijzondere vrouw, maar lezers die geïnteresseerd zijn geraakt, raad ik aan om eerst Wikipedia te raadplegen. Daar staat een duidelijk overzichtsartikel, vervolgens is er op YouTube een radioprogramma te vinden waarin historicus Wim Berkelaar uitgebreid vertelt over Fallici. Berkelaar heeft op zijn site ook een uitgebreid lezenswaardig artikel gewijd aan de interviewster. In 2015 schreef Berkelaar ook al over Fallici, een vrouw met een leeuwenhart.
Al lezend en speurend is het te betreuren dat dit soort interviews niet meer gedaan worden, niet op haar manier in ieder geval. Wat zou het intrigerend zijn  als Trump, Erdogan, Poetin of de secretaris-generaal van de NAVO, op deze manier werden ondervraagd. Al zou er maar iets van Fallici’s gedachtengoed gebruikt worden in interviewprogramma’s op TV.
Vorige week woensdag was ik samen met broeder Frank bij een HOVO-lezing in de VU. Professor Rik Peels sprak over ‘Waarheidsvinding in tijden van polarisatie en radicalisering’. Helaas kwam Fallici niet voorbij, maar wel kwam de vraag op waarom in praatprogramma’s zoveel ‘niet-kenner’ s aan het woord komen en er niet echt doorgevraagd wordt in interviews. Ik probeerde nog in te brengen, dat wanneer we masasal niet meer kijken naar dit soort tv-uitzendingen, ze vanzelf zullen verdwijnen. Helaas kreeg ik geen weerklank. Ik moest daarbij wel denken aan één van de laatste optredens van Sonja Barend op tv (bij het uitreiken van de naar haar genoemd award), toen ze zich onomwonden uitsprak over twee kibbelende politici naast haar aan tafel, en uitriep: “Wie heeft hier iets aan?” Er wordt zoveel alleen maar gekletst, zonder dat er echt iets gezegd wordt. Sonja Barend was op haar manier een beetje een Hollandse Fallici. Fallici echter geen moeite met doorvragen, zij wilde echt vertellen en ook weten wat politici en machthebbers bewoog, en ging net zo lang door, dat ze dat boven water had. Een bijzondere vrouw. Zo zie je maar, het is nooit te laat om weer iets nieuws te ontdekken.

Tot slot, ik ging op YouTube rondneuzen of er een interview te vinden was met Oriana Fallici. Kijk en luister. Het gaat om een later bekend geworden interview van Charlie Rose met Oriana Fallaci en het vond plaats op 7 december 1992. In dit gesprek bespraken ze haar roman “Inshallah”.

17 april, Kerst?

Een jaar lang schreef ik voor de EO over de dood van Harm en wat dat met ons deed.

Ik blader door mijn agenda van 2016. Al jaren bewaar ik deze boekjes en regelmatig komen ze van pas; hoe zat het ook alweer? Ergens in december van 2015 had ik weer een lege ‘Moleskine Weekly Notebook’ (links 7 dagen van de week en rechts een lege pagina voor aantekeningen) aangeschaft. De eerste actie is inmiddels een soort ritueel, voorin vermelden aan wie het agenda toebehoort. Die keer heb ik mijn kalligrafeerpen er bij gepakt en omdat de dichter Jaap Zijlstra (1933 – 2015) in december overleed, een gedicht van hem op het schutblad gezet.

Verwachting

Als de dag begint te doven
en de zon mij niet meer ziet,
als de schemering gaat komen
en ik stil wordt van verdriet,
als de nacht valt en mijn vogel
niet meer opdaagt met een lied –
na mijn duisternis Uw licht,
na mijn zwijgen Uw gedicht.

Na alles wat mijn agenda vulde in dat jaar, moet het toch haast met een vooruitziende blik zijn geweest. Vooral die laatste twee regels bleven en blijven rondzingen in mijn hoofd. De eerste maanden in 2016 stonden in het teken van mijn vertrek bij GPOWN, het was genoeg geweest en ik droomde over nieuwe kansen. De bijbelmethode ‘Levend Water’ vroeg gelukkig nog regelmatig om een voorlichtingsbijeenkomst, maar ook werkten we aan de herziening en de digitale versie ervan. Ik reed naar Scheveningen, Sliedrecht, Zegveld en zelfs naar Hollandscheveld. Op 18 februari sloot ik de deur van ‘De Wissel’ achter mij en al de volgende dag pakten we de koffer om te gaan genieten van de Canarische zon. Er daalde een weldadige rust neer, tijd voor een DWDD University van Beatrice de Graaf en een symposium over ‘Schepping en Evolutie’. Op Witte Donderdag tekende ik op dat Johan Cruijff overleed. En nog geen maand later staat in mijn agenda bij zondag 17 april in een wolk: Harm 34. “Feestje 13.00 bij PLLEK NDSM terrein”. Die avond kwamen onze buren nog op de borrel. Een avond daarvoor zaten we in het Concertgebouw bij het Nederlands Philharmonisch Orkest en waren onder de indruk van countertenor Maarten Engeltjes die gedeelten uit opera’s van Händel zong.
Het zijn gewone aantekeningen, zoals ik dat ook nu nog doe. Op de rechterpagina van week 15, een herinnering aan de start van Levend Water, iemand wilde waarschijnlijk weten wanneer dat begonnen was, 10 maart 2004. Een telefoonnummer van Victor, lid van de Russisch Orthodoxe Kerk aan de Lijnbaansgracht, ze waren op zoek naar iemand die Nederlandse les wilde geven. Onder aan de pagina nog een rijtje vragen voor de hypotheekadviseur. Gewone alledaagse zaken. Vandaag beseffen we dat het Harm zijn laatste verjaardag was, nu tien jaar geleden. De zon schijnt, net als 44 jaar geleden, weet Coos zich te herinneren. Die verjaardag bij PLLEK was gelukkig niet zo lawaaiig als de voorgaande feestjes bij hem thuis of in een disco. Vierendertig en ook Harm was inmiddels een beetje tot rust gekomen. Zijn werk bij Media Monks paste hem en hij genoot zichtbaar van de liefde. In mei zie ik in mijn agenda, nam hij Coos mee naar een Moederdagviering van de Monks in Hilversum. Meer bladzijden sla ik om en op 1 juni, de eerste dag dat ik officieel werkloos was, komt Harm langs om een koffer te halen voor zijn vakantie met Iris naar Japan. Een reis waar ze prachtige herinneringen maakten.

Mooie herinneringen die droevig stemmen. Herinneringen die als een schaduw meegaan. 2016 veranderde van kleur op 14 september, het zijn bladzijden in mijn blauwgroene agenda 2016 die ik liever oversla. Toch zijn ze niet zwart geworden en de agenda’s van de jaren erna vulden zich gewoon door. Nieuw leven werd geboren, we vierden feesten en gingen ook gewoon op vakantie, na duisternis kwam ook weer licht.
Vanmiddag ga ik naar een symposium in de VU. Geurt Henk van Kooten vertelt over zijn boek ‘Echo’s van het goede nieuws’. Een indrukwekkende verhandeling over de ontstaansgeschiedenis van de vier evangeliën.
Van Kooten is hoogleraar in Cambridge en zit op een leerstoel waar ook ooit Erasmus doceerde.  Andere theologen zullen er met hem over in discussie gaan. Ik ben benieuwd of de ‘Wijzen uit het oosten’ nog ter sprake komen. Volgens van Kooten (pg. 131) gaat het om Parthische  Magiërs die op 17 april in het jaar 6 v.Chr. de zon, de maan en vijf planeten  op één rij hadden zien staan (het teken Ram van de dierenriem). Een gebeurtenis die eens in de 3000 jaar voorkomt en volgens van Kooten kan worden gezien als de ‘Ster van Bethlehem’.
Hoezo 17 april? Vandaag, na 2032 jaar, kunnen we dus de geboorte van Jezus van Nazareth vieren.

 

Gemeenteraadsverkiezingen 2

Ik ging googelen op de zes Diemense partijen. De ene website is nog gelikter dan de andere, daar zitten heel wat uren werk in. Maar het laat ook zien dat er over nagedacht is en dat de verschillende partijen waarschijnlijk echt ook iets willen betekenen voor ons dorp. Een mooie constatering, je moet er ook niet aan denken om 35 websites te moeten raadplegen zoals in Amsterdam. Nog een paar tips voor de politici in Diemen.

Verschillende partijen willen de STADSPAS weer beschikbaar maken voor alle gepensioneerden in Diemen. De STADSPAS is een pasje waarmee je vooral in Amsterdam gebruik kunt maken van heel veel culturele voorzieningen. Jarenlang was die pas voor alle AOW-ers, maar dat werd te prijzig. Het bracht voor het oog gelijkheid met zich mee, er werd niet gekeken naar inkomens. Iedereen met AOW kon hem aanvragen. Maar aan de andere kant van A-10 is het al heel lang een inkomensafhankelijke kortingspas. Ik kon er soms gratis mee naar Artis en dan mocht kleinzoon Teun ook mee. Grote ongelijkheid dus, Diemenaren, Diemenezen werden voorgetrokken op Amsterdamse AOW-ers. Sinds vorig jarig is de gemeente Diemen de lijn van Amsterdam gaan volgen. Je krijgt een STADSPAS als je van een minimum moet rondkomen. Mij lijkt dat terecht. Ik kan best 11 of 12 euro voor een bioscoopkaartje betalen, dat hoeft niet voor 1 euro. Toch zijn er een paar partijen die er voor pleiten om dit besluit terug te draaien. Niet doen, vind ik. Niet weer gedoe tussen Amsterdam en Diemen. Besteed dat geld maar aan gerichte hulp voor mensen die nauwelijks kunnen rondkomen of besteed het aan extra’s voor het nieuw te bouwen AZC.

Nog een punt om te overwegen, sluit de voedselbank aan Landlust (vlak bij de gemeentewerf). In de eerste plaats is het een hele rare plek, echt buiten de bebouwde kom. Het lijkt wel of zoiets bewust uit het zicht moet blijven van de rest van de bewoners. Er zijn wel betere plekken te vinden. Mijn idee is dat zo’n voedselbank niet meer nodig zou moeten zijn. Het is mooi en heel betrokken wat de medewerkers van de voedselbank doen, dat is het punt niet, alle lof voor hun inzet. Wat er ook met de cliënten aan de hand is, het is bedroevend dat ze bij de voedselbank hun eten moeten halen. Is er nou echt niet iets te bedenken dat deze groep op een menswaardigere manier wordt geholpen.

Nog een laatste punt, het openbare groen zou wel meer aandacht mogen krijgen. Op heel veel plaatsen ligt het er echt onverzorgd bij. Het is te begrijpen dat de gemeente echt moet letten op zijn uitgaven, volstrekt duidelijk. Maar je ziet op veel plekken dat onderhoud te wensen overlaat. Her en daar mogen bewoners zelf een plantsoentje bijhouden, maar dat is toch echt te weing. Ik hoop maar het nieuwe college daar iets aan gaat doen.

 

 

Gemeenteraadsverkiezingen

Aanstaande woensdag hebben wij het in Diemen maar gemakkelijk. We kunnen in alle vrijheid naar de stembus en zij die mogen stemmen van de ruim 32.000 inwoners hebben de keus uit zes partijen. Zes partijen? Jazeker, zes politieke clubs zijn van mening dat zij wel de kennis en inzet hebben om Diemen op een goede manier te besturen. De grote reclameborden die de gemeente her en der heeft geplaatst hebben zelfs ruimte over! Men had er voor kunnen kiezen om van elke partij het belangrijkste item er bij te zetten. Kijken we naar onze grote buur Amsterdam, daar hebben de kiezers keus uit 35 partijen, dat is simpelweg niet meer te overzien toch!
Zo zie je opeens de grote voordelen van een kleine gemeente, duidelijk en overzichtelijk en tot op heden ook nog betaalbaar ook. Weinig Diemenaren kijken wat dat betreft bepaald niet met jaloerse blik naar het grote Amsterdam. Waar de inwoners van ons dorp wel de borst voor vooruit steken, is het feit dat Diemen dit jaar het 800 jarig “bestaan” viert en Amsterdam vorig jaar nog maar de 750 aantikte. Schaalvergroting, gemeentelijke herindeling, wat de gemeente Diemen betreft, niet doen. Hooguit wat uitruilen met Ouderamstel, maar daar houden we het dan maar bij.

Toch is het nog best lastig kiezen aanstaande woensdag. De meeste partijen willen meer woningen natuurlijk, maar dat is best lastig. Voor meer bouwen heb je ruimte nodig, maar dat is er niet meer, of we moeten het Diemerbos of de Diemerpolder gaan volbouwen. Maar helaas, daar krijgen we de handen niet voor op elkaar. Maar plannen voor optoppen, doorstromen van bewoners die te groot wonen, je komt ze niet echt tegen. Veel ambities, maar te weinig concreet.

Wat ik ook mis in de partijprogramma’s is een herinvoering van hondenbelasting. Afgelopen zaterdag wilde een PvdA mevrouw op de politieke markt er wel over in discussie. Zij beweerde dat het toezicht op zo’n maatregel teveel zou kosten. Maar een beter milieu is niet gediend met steeds meer honden. Een katten/poezenbelasting zou ook een goed idee zijn. Deze huisdieren zorgen er onder andere voor dat veel tuinvogels Diemen mijden en ook dat is niet goed voor een natuurlijk evenwicht. Tegenwoordig zijn er genoeg technische middelen om dat te controleren. En wat betreft controle, dan moet die huisdierenbelasting maar omhoog.

Ook heb ik nergens een pleit kunnen vinden voor de afschaffing van de scanauto. Voor wie het fenomeen niet kent, deze auto rijdt de hele dag door Diemen om kentekens van auto’s te scannen en dan registreert de computer of er parkeergeld is betaald. Elke menselijke maat is in deze manier van werken verdwenen. Vorig jaar overkwam het mij op een zaterdagmorgen. Vanwege een druk programma en een flinke regenbui, voor één keer met de auto naar de groenteman op het Diemerplein. Omdat ik anders altijd met de fiets ging, was ik vergeten de parkeerapp aan te zetten, nog net geen kwartiertje geparkeerd. Achteraf kwam de rekening, ruim 80 euro. Dan gaat er dus iets mis. De chauffeur van die auto kan ik niets kwalijk nemen, de computer ook niet, maar wel de politici die hier voor hebben gestemd. Veel burgers zitten niet te wachten op steeds meer digitalisering. DigiD vinden veel mensen lastig, maar zonder kun je geen afspraak maken bij gezondheidscentrum, gemeentehuis… Nummertjes trekken wordt ook steeds ingewikkelder, waar is de aardige mevrouw of meneer achter een balie?

Te mooi om waar te zijn

Op een avond dat we druk bezig waren met voor de zoveelste keer het OSV te downloaden, zag ik een kort mailtje voorbij komen, op het kerkadres van de OPK, met een geweldig aanbod. Hallo, Hoe gaat het vandaag? Ik wil graag de Yamaha babyvleugel van mijn overleden echtgenoot schenken aan een gepassioneerde instrumentenliefhebber, school of kerk. Laat me alstublieft weten of u de vleugel wilt aannemen of iemand kent die er voor kan zorgen. Met vriendelijke groet, Elizabeth Joshua”. De volgende dag gereageerd; interessant aanbod, ik geef het door aan de verantwoordelijke personen hiervoor. ‘Mevrouw Joshua’ antwoorde al vrij snel: Hartelijk bedankt voor de melding! Ik zie ernaar uit om van u te horen.”
Ondertussen werd op de door mij doorgestuurde mail gereageerd, “Kennen we haar?” En onze dominee kreeg al gelijk een ‘Nigeriaanse prins’ gevoel. Maar goed je weet het nooit en dus toch maar een volgende mail gestuurd om te kijken wat er zou gebeuren. En jazeker, toen werd het echt een mooi verhaal. ‘Mevrouw Joshua’ kwam weer op de lijn en nu met een uitgebreide mail, met zelfs een viertal foto’s. Leest u zelf maar.
Hallo, bedankt voor uw reactie. Ik ben druk bezig met de verhuizing terug naar mijn oorspronkelijke huis in Middelburg, en de ruimte daar is te klein voor de piano. Bovendien zou mijn man het niet prettig vinden als ik de piano zou verkopen, en vanwege mijn gezondheidsproblemen (ik ben slechthorend), doe ik dit ter nagedachtenis aan mijn overleden echtgenoot Richard Joshua.
De Yamaha GC1 babyvleugel is nog in zeer goede staat. De afmetingen zijn 151 cm bij 146 cm. De piano is vorig jaar, vlak voor zijn overlijden, voor het laatst gestemd. Ze is slechts 3 jaar oud en verkeert in onberispelijke conditie.
De piano staat momenteel opgeslagen in Berlijn bij mijn transportbedrijf, dat ook mijn andere spullen naar Middelburg verhuist. Ze leveren overal en kunnen de piano zeker bezorgen waar u hem wilt hebben. De transportkosten zijn echter voor rekening van de ontvanger. In de bijlage vindt u een foto van de piano. Ik zie uw reactie met belangstelling tegemoet.  Met vriendelijke groet, Elizabeth Joshua

Ook deze mail doorgestuurd, maar het verhaal werd dus wel steeds fraaier. Hoe bedenk je het?!  De Nigeriaanse prins’ optie werd steeds groter. Ondertussen had de voorzitter van de beheers commissie het verhaal maar eens voorgelegd aan ChatGPT. “Ja — dit is een zeer bekende tekst, of beter gezegd: een klassiek voorbeeld van een online oplichtingsverhaal, vooral bij advertenties voor piano’s, vleugels en andere dure instrumenten.” We rekenden ons al niet meer rijk en ook op de vraag hoe deze ‘Mevrouw Joshua’ er bij kwam onze Oosterparkkerk in Amsterdam zo’n genereus aanbod te doen, kwam geen antwoord. Daarom nog één keer een visje uitgegooid
“Mevrouw Joshua,  Naar aanleiding van uw verleidelijke aanbod het volgende:
1. We kunnen de vleugel zoals op de foto te zien is, zeker een plaats geven in onze kerk.
2. U hebt nog niet geantwoord op de vraag waarom onze kerk de gelukkige is. Zijn wij de enige kerk die u heeft benaderd?
3. Heeft u een naam en adres van de verhuizer in Berlijn, zodat we een en ander kunnen kortsluiten?  ”

Tot op heden bleef het stil natuurlijk, maar wat een gehaaide manier om een kerk op deze manier op te lichten. ‘Mevrouw Joshua’ heeft in al haar mails zelfs een keurige profielfoto, maar die zal ongetwijfeld ergens van het wereldwijde web zijn geplukt. Mocht u haar herkennen, laat het mij weten. De bedoeling is hoogst waarschijnlijk om de kerk alvast een bedrag over te laten maken voor het vervoer en dat je er daarna niets meer van hoort. Je stuurt je mail naar honderden adressen en hoopt dat er hier en daar iemand instinkt. Met onze hoofd muziek OPK zaten we rond tafel voor een spelletje en al gauw had hij de prijs van de baby-vleugel achterhaald, Nieuwprijs bijna € 30.000. En ook google geeft snel antwoord op de vraag wat de verhuiskosten zijn.  “Indicatie internationale kosten: Voor internationaal transport van piano’s/vleugels over een afstand van honderden kilometers (zoals Berlijn – Nederland) moet rekening worden gehouden met tarieven die kunnen oplopen van €970 tot meer dan €3.000+.”
Een lucratieve oplichterspraktijk dus, al reageren er maar een paar. Inmiddels heb ik het verhaal toch maar doorgegeven aan de Fraudehelpdesk. Wie weet kunnen zij er iets mee. Wees dus gewaarschuwd, de verleiding is groot. De gehaaide boef of boeven maken gebruik van prachtige verhalen, waar je zo maar in zou trappen.

NB   Mocht iemand een baby-vleugel over hebben, dan houdt de OPK zich overigens aanbevolen.

We doen mee, ondanks de hobbels

Nu binnenkort op de paleistrappen het kabinet Jetten wordt gepresenteerd, kijken veel plaatselijke politici uit naar de gemeenteraadsverkiezingen in maart. Veel kiezers hebben echter geen weet van wat er echter allemaal moet gebeuren voordat alle stembiljetten op woensdag 18 maart keurig in stapeltjes liggen te wachten op het rode potlood. De Amsterdamse CU is zich inmiddels al druk aan het warmlopen. Eind 2025 was de lijst gereed, 34 gegadigden willen wel deel uitmaken van de hoofdstedelijke gemeenteraad. Maar reëel gezien zullen we blij zijn wanneer onze zeer gemotiveerde lijsttrekker Tim Kuijsten straks genoeg stemmen krijgt, om in de raad zitting te nemen. Na het verzamelen van een aantal persoonlijke gegevens en kopieën van een geldige ID of paspoort konden we aan de slag met het OSV-programma. OSV is een programma van de landelijke Kiesraad om voor een verkiezing je kandidaten aan te leveren. Voorzitter Mirjam en ik zijn er uiteindelijk vele uren zoet mee geweest. Op mijn computer stokte in eerste instantie de download. Ten einde raad maar een tweede laptop opgestart. Na veel ge-heen en weer zaten de 34 kandidaten in het systeem. Op advies van ons zeer gewaardeerde lid Don Ceder doen we deze keer ook mee in alle stadsdelen. De selectiecommissie kreeg het voor elkaar om een groot deel van de 34 kandidaten ook te plaatsen op een lijst voor Noord, Oost, West, Zuid, Zuidoost, Nieuw-West, Weesp en Centrum. De stadsdelen hebben sinds 2018 een commissie die het dagelijks bestuur adviseert, in Weesp heet het bestuurscommissie. Dat we daar op 18 maart kandidaten voorhanden hebben levert extra veel bekendheid op.

Het bureau Verkiezingen van de gemeente zette ons eerst op het verkeerde spoor, we zouden een extra grote computer moeten hebben om het OSV programma nog acht keer te kunnen downloaden. Helaas ging die vlieger niet op, eerst het vorige bestand verwijderen, tot en met een verstopt bin-bestand. Als echt alles verdwenen was, konden we het OSV opnieuw downloaden en voor een volgend Stadsdeel invullen. Dat hele proces dus acht keer. Vervolgens moesten we voor de lijst van de gemeenteraad en de acht stadsdelen ondersteuningsverklaringen gaan regelen, omdat we op dit moment nergens een zetel hebben. Mirjam en ik hebben een uitgebreide instructie opgesteld, die beslist niet voor tweeërlei uitleg vatbaar was. Maar ondanks de duidelijke instructie kregen we toch nog de meest vreemde reacties. De meeste kandidaten moesten zich met twee formulieren melden op een Stadsdeelkantoor. Sommigen werden zelfs teruggestuurd door onwetendheid van de ambtenaar. Ook verschillende leden hebben we aangezocht om het Stadsloket te vereren met een bezoek. Voor sommigen werd dat echt een bezoeking, een uur of meer wachten voor een stempeltje…

Gaandeweg het proces ontdekten we dat uiteindelijk de lijsten ook per Stadsdeel moesten worden ingeleverd, een nieuwe hobbel. Vorige week bij de voorinlevering bleek ook nog eens dat een zestal handtekeningen op de Instemmingsverklaring niet helemaal overeen kwamen met de handtekening op het paspoort of ID. Wij vonden dat natuurlijk ambtelijke muggenzifterij, maar werd ons verzekerd, dat zou ook bij het afsluiten van een hypotheek gebeuren. Dat werd dus oefenen voor een aantal ‘lijstduwers’. We ontdekten daardoor dat een groot gedeelte van de twintigers vrijwel nooit zijn handtekening zet. Ook moesten een aantal voorletters worden aangepast en wanneer je Anne-Marije heet, dat je voorletter dan een A is en niet A.M.; waarvan akte! Ik heb wel gezien dat dit en volgend jaar veel kandidaten hun paspoort moeten verlengen, een mooie gelegenheid om nog eens flink te oefenen op een mooie ‘krabbel’.

Vandaag is het 2 februari, de dag dat alles ingeleverd moet worden. Met twee volle mappen naar de Stopera voor de gemeenteraad en een mapje voor Stadsdeel Centrum. Dat laatste was zo gepiept; Gerlieke heel erg bedankt. In de Piet Nakzaal werden de aantekeningen van de voorinlevering er bij gepakt en nog eens nagelopen. Gelukkig werd nu alles in goede orde bevonden! In de loop van de middag kwamen uit de verschillende stadsdelen berichtjes dat het ook daar gelukt is. Alle gezwoeg, heen en weer gefiets, leden achter de broek aan zitten, toch nog ééntje overtuigen, het resultaat is er. Nu op naar 18 maart. Eind deze week worden de lijstnummers bekend gemaakt en kan de campagne serieus van start! Wat zou het mooi zijn wanneer de gemeenteraad van de hoofdstad van ons land weer een lid heeft van ChristenUnie. Het geluid van Tim mag gehoord worden. Ook enkele Stadsdelen maken goede kans om straks een ChristenUnie lid te verwelkomen. Let wel, dit is nog maar het begin, alle inzet was natuurlijk prachtig, maar in maart willen we eigenlijk wel ruim 8000 stemmen binnenhalen voor de partij die opkomt voor de ongedocumenteerden, maar ook voor internationale kerken die iedere keer weer op zoek moeten naar een zondags onderdak. Een partij die opkomt voor meer groen in de stad en niet schroomt een gefundeerd tegengeluid te laten horen. Een partij die vanuit zijn christelijke beginselen het goede zoekt voor de stad en zijn bewoners.

Nogmaals proficiat!

Inmiddels was Diemen-Zuid veranderd in een sprookjeslandschap. Begin vorige week maakten Coos en ik een prachtige sneeuwwandeling. Zelden was Diemen-Zuid zo mooi! Helaas, een week later ligt er hier en daar nog een hoopje wit. Dooi heeft inmiddels alweer toegeslagen. Wat mij betreft had het nog weken mogen duren en was ik ondanks alle gesnotter en gehoest lekker gaan ronddwalen in een witte wereld. Het gerochel weerhield me er al een aantal dagen van om het ‘Proficiat’ een vervolg te geven. Ook een fikse klus voor de ChristenUnie gooide roet in het eten. Voor de aanstaande gemeenteraadsverkiezingen moeten eerstdaags de lijsten worden ingeleverd. Ons zeer gewaarde kamerlid Don Ceder (inwoner van Zuidoost) adviseerde om deze keer ook mee te doen in alle stadsdelen. Dat levert uiteindelijk meer stemmen op voor de gemeenteraad en helpt het onze dappere lijstrekker Tim Kuijsten. Maar we we hebben het wel geweten. Mirjam (voorzitter CU-Amsterdam) en ik zijn uren en uren bezig geweest om dit voor elkaar te krijgen. De Kiesraad heeft gelukkig een computerprogramma voor deze actie ontwikkeld, maar deze is voor de computerleek al bijna niet te installeren. Toen we het uiteindelijk voor elkaar hadden gekregen voor de gemeenteraad, moesten we aan de slag voor de stadsdeelcommissies. Dat betekende; programma verwijderen en o wee als daar iets mis ging en dan het hele programma weer opnieuw downloaden. Vervolgens gegevens invoeren, programma weer verwijderen en dan op naar de volgende downloadsessie. Nou Don, je wordt bedankt!

Diezelfde Don, liep zich uit de naad voor zijn herverkiezing op 29 november afgelopen jaar. Dag in dag uit was hij in touw om kiezers in Amsterdam-Zuidoost te mobiliseren. Zo ging hij op zaterdagavond nog eens een ronde maken langs heel veel, vaak internationale, kerken in Zuidoost, om een CU poster met zijn gezicht erop, aan een lantaarnpaal vast te maken. Mede door zijn inzet bleef de derde zetel voor de CU in de Tweede Kamer behouden. Don Ceder, je bent een held!

In april overleed paus Franciscus, 88 jaar oud. Een sympathieke jezuïet en toen we in Duisland waren, heb ik nog het condoleanceregister getekend. Op 9 mei, tweeënhalve week na het overlijden van paus Franciscus had de Rooms Katholieke kerk al een opvolger, het ‘habemus papam’ klonk vanaf het balkon van de Sint-Pietersbasiliek. Paus Leo XIV deed zijn intrede met alle poespas van dien. Als gereformeerde jongen heb ik natuurlijk geleerd mij verre te houden van een kerk waar een ‘paapse mis’ door de Heidelbergse Catechismus wordt betiteld als vervloekte afgoderij… Maar ondertussen verlang ik naar een wereld waarin de zogenaamde machthebbers (denk hierbij aan de despoten in China, Rusland en de VS) in hun handelen zouden lijken op Paus Leo. Rustig, soms streng, maar met wijsheid en vriendelijkheid reageren op grote problemen in de huidige wereld en daarbij omzien naar de verdrukten, de armen en minderheden, zij die vermorzeld worden door de belangen van multimiljonairs en dictators. Maar ook op kerkelijk gebied verlang ik soms stiekem wel eens naar een hele wijze paus, die alle gereformeerden, van links tot rechts met een (buitenaards) gezag tot de orde roept in allerlei kerkelijke conflictjes. Een paus die alle volgelingen van de Weg achter zich verenigt, van Ger Gem tot PKN en van CGK en DGK tot en met wat voor GK ook.

Om toch nog even op het kerkelijk erf te blijven, er gebeurde in december op dat vlak iets bijzonders. Een maandblad dat jarenlang binnen onze kerken verscheen over allerlei geloofszaken had geen toekomst meer, zo concludeerde de redactie, bestuur en de vertegenwoordiging van de leden. Een bijzonder kerkelijk tijdschrift dreigde daarmee te verdwijnen; het blad “Onderweg” was een fusie van “De Reformatie” en “Opbouw”. De laatste twee waren gerenommeerde bladen voor binnen en buitenverbanders. De fusie van deze twee bladen hielp er ook aan mee dat de GKv en de NGK hun jarenlange gescheiden optrekken achter zich lieten. ‘Onderweg’ trok echter steeds minder lezers en de gemiddelde leeftijd van het lezerspubliek lag inmiddels ver boven de zestig. Maar op 11 december j.l. presenteerden twee jonge theologen in de TUU een doorstart. Onderweg 2.0 zal binnenkort op de deurmat liggen en we zijn benieuwd wat Louren Blijdorp en Marinus de Jong gebrouwen hebben!

Op RTL-Z kwam ik een documentaire tegen over dementie. “Will You Get Dementia?”, de Britse arts Claire Taylor gaat daarin op zoek samen met wetenschappers naar dementie, risico’s en preventie van deze aandoening. Aan tafel bij een onderzoeker laat deze haar voelen wat het verschil is in gewicht van hersenen van een gezond iemand en het gewicht van hersenen die zijn aangetast door dementie, ze schrikt ervan. Deze documentaire is een aaneenschakeling van opmerkelijke ontdekkingen en het leert de kijker ook hoe je kunt anticiperen op deze ziekte. Dementie is een verzamelnaam voor meer dan 50 verschillende ziektes en nog steeds worden nieuwe facetten ontdekt. De documentaire is nog te zien op Videoland.
In maart zijn Coos en ik nog een keer naar de theatervoorstelling ‘Dag Mama’ geweest. Helaas moesten we vanwege een bevalling in de pauze naar huis, maar het was indrukwekkend. Sarah Blom en haar familie verdienen een koninklijke onderscheiding voor de verschillende voorstellingen die ze maken. Het is zo inzichtgevend over wat dementie met mensen doet en hoe je daar op moet reageren. In sommige schouwburgen is de voorstelling nog te zien. Blom schreef korte verhalen over wat ze meemaakte als geriatrisch psychologe. Haar verhalen zijn soms hilarisch, maar geven tegelijkertijd veel lessen mee over hoe je kunt omgaan met je demente naaste.

Oma, is dat jouw probleemsok?” Kleinzoon Teun zag het goed, mijn vrouw was bezig met het breien van een zwarte sok. Weken heeft ze er over gedaan over een paar zwarte sokken, die nu gelukkig af zijn. De ‘opdracht’ kwam van een vriendin van een schoonzus. De vriendin doet allerlei crowdfundingsactiviteiten voor een school in Zuid-Afrika. Ze bakt koek en zet breiers en breisters aan tot het breien van sokken voor de jongens van die school. Specifieke opdracht; ze moeten zwart zijn. Voor mijn vrouw was het, denk ik, de eerste maar ook de laatste keer. Zwarte sokken breien is geen doen. Zeker wanneer het ’s avonds donker wordt zie je niet meer wat je moet doen. Een forse mijnwerkerslamp was misschien een goede oplossing geweest. Alle lof voor Coos. De volgende keer toch maar weer een paar mooie kerstsokken.

In 2025 hebben we genoten van verschillende prachtige concerten. Mozart, Beethoven, Schubert en Verdi kwamen voorbij bij het Nederlands Philharmonisch en het Nederlands Kamerorkest. Maar ook genoten we van Daniël Lohues en een prachtig concert in het Zuid-Franse Banon  in de Eglise boven in het dorp. Twee concerten licht ik er uit. Als Oosterparkkerk deden we mee met het festival ‘The Spirit’. Overal in Amsterdam gingen kerkdeuren open voor musici, dansers en toneelspelers. In de OPK trad de gelegenheidsformatie THUIS op. Muziek vanuit alle werelddelen, waaronder ook gospel deden het goed met de OPK-akoestiek. Het leverde mooie gesprekken en contacten op en veel bezoekers die ons kerkgebouw nog nooit van binnen hadden gezien, waren onder de indruk.
Toch spande het afgelopen jaar een verjaardagscadeau de kroon. Mijn beide dochters verrasten mij met een uitvoering van Bachs ‘Weihnachts-Oratorium’. Het Nederlands Kamerkoor onder leiding van Peter Dijkstra trad op met de ‘Akademie für Alte Musik Berlin’. Met z’n drieën gingen we naar Utrecht en maakten daar een prachtige uitvoering mee van de zes cantates die Bach componeerde voor Kerst. Indrukwekkend en zo mooi uitgevoerd. Een onvergetelijk concert en een heel bijzonder verjaardagscadeau, een schot in de roos! Waarvoor nogmaals dank dochters!

Tja… zo dus… Proficiat 2026!

Als blogger heb ik geen vast ritme in mijn schrijfsels. Ik bladerde nog eens terug en ontdekte dat de veelheid van onderwerpen afgelopen jaar weer uiterst divers waren, maar dat geschiedenis en boeken toch wel de boventoon voerden. Vorig jaar sloot ik af met een blog over ergernissen en dat zou deze keer ook best kunnen. Ergernissen over het gevallen kabinet, over hoe het loopt met de formatie en het verdriet over de oorlog in Oekraïne, dat laatste gaat trouwens nog veel verder dan zomaar ergernis. Toch kwamen er zich niet zomaar echte onderwerpen aandienen. Maar toen we een paar dagen geleden oppasten bij de kleinkinderen had ik mijn laptop meegenomen om iets van een overdenking of jaaroverzicht te schrijven. De 1500 meter van het OKT was zo spannend, dat 2025 snel naar de achtergrond verdween. De kleinkinderen zochten hun bed op en ik zag dat even later op NPO 2 de documentaire over Daphne Wesdorp te zien was (te vinden op NPO start). Gelukkig, daar had ik mijn onderwerp. Mijn blog zou ‘helden’ gaan heten en daarin kon ik mooi een aantal inspirerende mensen noemen die mij het afgelopen jaar waren opgevallen. Al gauw had ik in mijn agenda een rijtje namen genoteerd.

foto: Sven Torfinn. Kramatorsk, Ukraine, november 2025

Je moet maar durven, als journalist al vier jaar aan het werk in Kramatorsk, dicht bij de frontlinie in het oosten van Oekraïne. Daphne Wesdorp is werkzaam voor het Nederlands Dagblad, fotografeert en schrijft over die verschrikkelijke oorlog die is ontstaan door de inval van Rusland. Als er weer een stuk van haar in de krant staat, bid je en hoop je dat die verschrikkelijke slachtpartij en verwoesting van levens, huizen en gebouwen ophoudt. Er zijn collega’s van haar omgekomen, toch gaat ze door. Mocht je de intense documentaire van Bram Vermeulen over haar nog niet gezien hebben, neem er dan echt eens de tijd voor; 35 minuten. Dan besef je nog des te beter waarom onafhankelijke pers zo belangrijk is en dat journalisten en fotografen iedere keer weer ons geweten opschudden. Daphne maakt als journalist ook indrukwekkende foto’s.

Een andere naam op mijn lijstje is Derk Sauer zie ik. Dat sluit mooi aan op Daphne Wesdorp. Wanneer er weer een stuk van hem in Het Parool stond, las ik dat vaak eerst. Boeiende verhalen schreef hij toen hij in Rusland woonde, over de politiek, maar ook over het gewone leven en zijn twee jongens die opgroeiden in Moskou en daar wortel schoten. Maar je voelde steeds vaker, eerst tussen de regels door, dat de sfeer veranderde. Totdat ze met z’n allen moesten vertrekken. Vrije pers niet meer welkom in Poetins rijk. Hij zorgde ervoor dat de gevluchte journalisten werden ondergebracht in Amsterdam en van daaruit nog steeds hun krant, The Moscow Times, kunnen maken.
Helaas overleed deze bijzondere journalist het afgelopen jaar na een ongelukkige val op zijn boot. In Het Parool geen strakke analyses meer van hem over wat er gebeurt in het Kremlin en ook over de afschuwelijke strijd tegen het zogenaamde fascistische Oekraïne. Sauer was jarenlang ook de bestuursvoorzitter van de IDFA, het jaarlijkse documentaire festival  in Amsterdam. Een functie die hij met veel passie vervulde. Ongetwijfeld zal er nog wel eens een documentaire over Derk Sauer gemaakt worden.

On my watch
Secretaris-generaal van de NAVO in oorlogstijd 2014-2024

Iemand die zich ook veel heeft bezig gehouden met Oekraïne was de vorige secretaris-generaal van de NAVO, Jens Stoltenberg. Onze oud-premier Rutte, de man met een nogal selectief geheugen, volgde hem op. Den Haag blij, maar wanneer je de bijna twee uur durende documentaire (ook op NPO-start) over het laatste jaar van Stoltenberg bij de NAVO hebt gekeken, begrijp ik niet hoe men Rutte tot opvolger heeft kunnen benoemen. Wat een integere en hardwerkende politicus zien we daar aan het werk. Gedoe met de VS, gedoe met een niet eensgezind Europa en dan toch proberen aan alle kanten Zelensky te steunen. Een staatsman met een groot statuur, die rustig met pensioen had kunnen gaan na jaren van hoogspanning. Maar nee, inmiddels is Stoltenberg gewoon minister van Financiën in Noorwegen. Je zult er maar zin in hebben. Het zou goed zijn wanneer er meer van dit soort bevolgen vrouwen en mannen op belangrijke posities te werk zouden gaan als Stoltenberg. Zijn biografie ligt in de boekhandel, hopenlijk lag het onder de kerstboom bij Jetten, Bontebal en Yeşilgöz, zodat ze eens flink hebben kunnen nadenken over hoe ze Nederland op het rechte pad willen krijgen en leerden ze daarbij van de wijze levenslessen van Jens Stoltenberg.

Op 17 juni j.l. sprak in de Waalse kerk, Samuel Wells voorganger in de Church of England en sinds 2012 de vicaris van St Martin-in-the-Fields in Londen. Hij kwam spreken over Geloven In De Publieke Ruimte. Een citaat uit zijn boeiende verhaal, waarin hij schets hoe we als christenen samen moeten leven in onze gemeenschappen; “Het gaat over een samenleving waar iedereen bij hoort. Het gaat over gedeelde zaken van blijvende waarde, wat Augustinus ‘gemeenschappelijke liefdesobjecten’ noemt. Het gaat over het opbouwen van vertrouwen. Het gaat over het worden van een samenleving waar anderen zich bij willen aansluiten. En het gaat over het zien van de dynamiek van het geven van een tweede kans.”
De afgelopen jaren mocht ik wel eens een ‘preek lezen’. Wat graag haalde ik dan een hoofdstuk uit ‘Wees Niet Bang’. Wells laat in zijn uitleg van bijbelverhalen steeds weer zien hoe genadig God is en hoe diezelfde God omziet naar de verschoppelingen in deze wereld en dat de kerk daartoe ook geroepen is. Een uitdagend en bevrijdend evangelie!
Ik hoop dat zijn onderwijs de kerken in Nederland blijvend zal inspireren. Wie zijn hele verhaal wil bestuderen, kan mij een mailtje sturen.

Mijn verhaal zou nog veel langer kunnen zijn, maar misschien moet ik de komende week toch een deel 2 schrijven. In mijn favoriete krant stond gisteren een boeiend interview met Jezuïet Nikolaas Sintobin. Onze vorige dominee liet ons met hem kennismaken in een boeiende cursus over ‘bidden’.  Het artikel eindigt prachtig. “Het nieuwe jaar aan God toevertrouwen, Sintobin vat het samen in één woord: proficiat. ‘We kennen die uitdrukking als ‘gefeliciteerd’, maar dat is niet de oorspronkelijke betekenis’, legt hij uit. ‘Het komt uit de katholieke liturgie. Als aan het einde van de eucharistie de priester met de misdienaars naar de sacristie gaat, zeggen ze tegen elkaar: proficiat. Het is een gebedswens, die betekent: moge het goed worden, moge het baten. Je hebt de communie ontvangen, de gemeenschap met de levende Heer. Moge die gemeenschap vruchten opleveren, zeggen ze tegen elkaar.”

Proficiat 2026, ik sluit me daar graag bij aan.