Categorie: Amsterdam

In quarantaine II

Ons stapeltje boeken. In ons appartementje stonden ook boeken, maar helaas allemaal Noors. Als we hadden moeten blijven, dan waren we misschien een cursus Noors begonnen.

Zondagmiddag, een strakblauwe hemel en mijn hoofd tolt nog steeds een beetje van het boek dat ik las op de terugvlucht van onze vakantie. Gelukkig was het onze normale terugvlucht en verliep het eigenlijk heel normaal. Op het vliegveld van Las Palmas, de hoofdstad van Gran Canaria waren alle winkels dan wel gesloten, maar we konden nog water uit een automaat laten rollen. De Global bus bus 91 had ons keurig afgezet, na een toch wat vreemde rit van een uur. We hoefden niet te betalen, de bussen hebben geen betaalautomaten en contant geld was not done.  Amadores, Puerto Rico, Patalavaca en Arguineguin, anders één al bruin van zonaanbidders, nu verlaten stranden met stapels zonnebedden en hier en daar nog een enkeling op een balkon van een appartement of hotel.
Twintig graden kouder stonden we zondagmorgen heel veel vroeg te kleumen op een toch niet eens uitgestorven Schiphol. En zondagmorgen waren daar gelukkig weer de vertrouwde stemmen van OPK broeders en zusters uit de computer. Een online-kerkdienst heeft toch ook zo zijn eigen charme. Het verhaal van de ‘De bekeerlinge’ bleef gisteren maar door mijn hoofd spoken. Wat een geweldig goed boek, had een paar jaar geleden de eerste hoofdstukken gelezen, maar toen sloeg het niet aan. Maar nu opnieuw begonnen, eerst op het dakterras en ’s avonds ook in bed, het verhaal bleef trekken. Mijn oudste dochter had gelijk; “Je moet het lezen, pap!” De vier uur durende vliegreis vloog voorbij, omdat ik zo gegrepen was door de belevenissen van Sara Hamoutal Vigdis Adelaïs. De roman van Stefan Hertmans neemt ons mee naar het eind van de 11e eeuw, wanneer de wereld ‘in brand’ komt te staan door de oproep van Franse paus Urbanus II, om het Heilige Land te bevrijden. Ook toen waarden besmettelijke ziektes en antisemitisme door Europa. Tegen die achtergrond wordt een Normandisch meisje in Rouen verliefd op een Joodse rabbi-leerling. Wat een geweldige en heerlijke leeservaring! In quarantaine zitten was wat dat betreft dus niet zo erg… En van veel Franse plaatsnamen weet je, ooh ja, daar zijn we ook geweest. Monieux in de Provence hebben we wel eens op wegwijzers zien staan en zoveel andere plaatsen die Hertmans noemt hebben we wel eens verkend.

Een helemaal leeg strand, strakblauwe lucht, gemiddeld 25 graden, maar geen zonaanbidders. Alle restaurants van de één op andere dag dicht. Weg voorjaarsseizoen voor de middenstanders. Geen aanvoer van voorraden meer, en de bediening zonder werk. Een Italiaans restaurant heeft nog een dag bezorgd, maar toen was het ook ook over. Toeristen kwamen niet meer aan en de dakterrassen werden dag na dag stiller. De schoonmaakster was erg bezorgd, geen werk; geen inkomen, hooguit een hele kleine steun van de overheid.

De Guardia Civil of de Policía Local kwamen elke dag wel een keer voorbij om iedereen op te roepen binnen te blijven. Dat ging natuurlijk in rap Spaans, met een korte samenvatting in het Engels en Duits. Het enige wat we opvingen was: “Stay at home!”. Je mocht alleen de straat op voor bezoek aan apotheek of supermarkt. De supermarkt werd gaande de week strenger. Niet meer met z’n tweeën naar binnen, maar eentje per familie. En, wat ons opviel, geen gehamster! Nu was het dan ook een SPAR en geen AH die van hamsteren een reclamestunt maakt. Het was uitgestorven op straat. Donderdagmiddag hadden we een rondje haven gedaan en zaten bij te komen op een bankje maar werden we door de groene agenten naar binnen gebonjourd; of we geen televisie keken?!

Het was verbazingwekkend om vandaag zomaar weer naar de Middenweg te kunnen fietsen. De slager aan de Pretoriusstraat was gewoon open, niet meer dan drie klanten tegelijk in de winkel. Ook onze hofleverancier nootjes aan de Hogeweg hoopt maar dat ze tot de essentiële levensbehoeften blijven behoren en dus open mogen blijven. Maar bij de supermarkt met het blauwe logo lopen toch wel erg veel mensen die zich niet storen aan 1,5 meter afstand en verbaasd kijken als je steeds opzij springt. Een week in quarantaine maakte ons nederig, bang waren we niet. Ik denk dat het thuisfront zich meer zorgen maakte of we terug konden komen. Het was jammer dat we niets konden ondernemen en dat past niet bij onze Nederlandse aard. Op een avond, het is in Mogan vroeg donker, liepen we nog even langs de haven. Her en daar zaten mensen op hun zeilschepen met een glas wijn nog lekker buiten. Opeens hoorden we Nederlands achter ons praten en ik zei: “Toch weer die Nederlanders hè, die zich niet aan de regels houden… ” We kwamen in gesprek en al snel ging het over de corona-crisis en de erbij horende maatregelen van de Spaanse overheid.  Wij vonden het in ieder geval moeilijk om opgesloten te zitten. Het oudere Noorse echtpaar dat naast ons in een appartement zat liep regelmatig de trappen op en neer om in beweging te blijven, ze durfden niet de straat op. Opvallend was ook dat zo’n Spaanse koning zijn volk anders toespreekt, hij deed het woensdag al trouwens. Staand voor een vlag van Spanje en Europa. Onze koning deed het vrijdag pas, zat rustig achter zijn bureau in zijn werkkamer, geen vlag te zien. De medewerkers op het verhuurkantoor waren ook echt van slag en angstig.

Het voorjaar was op Gran Canaria al duidelijk gestart en ook hier is er al meer groen te zien. Nieuw leven is op komst en we hopen maar dat we ons volgende kleinkind over enkele maanden niet alleen maar door het raam mogen bekijken. Gelukkig beseffen we ook dat er een God is die zorgt en troost en hoop geeft . Naar mijn idee zitten we niet ergens midden in de zeven plagen zoals sommige mensen beweren, maar mogen we eenvoudig leven uit genade. In de tijd van Hamoutal stierf soms een derde van de bevolking aan de pest, wij mogen dankbaar zijn voor een zeer geavanceerde gezondheidszorg. Daarnaast is er ook een zeer goed werkend systeem van voedselvoorziening met ook heel veel hardwerkende mensen. Zo is er dus veel om dankbaar te zijn! Vervolgens mogen niet vergeten dat het ‘Kyrie eleison’ nu hard nodig is.

de cirkel is rond… genoegdoening… | In memoriam Harm 1982 – 2016 (83)

compilatie van foto’s, genomen van bovenaf: de remweg van het busje

Brigadier S. heeft afscheid genomen van de politie. Na vele jaren bij de VOA (Verkeers Ongevallen Analyse) was het genoeg. Met zijn collega was hij eind oktober bij de rechtszaak over de dodelijke aanrijding, waarbij Harm omkwam. We hebben elkaar toen kort gesproken en hij zegde toe dat we nog een origineel van Proces Verbaal konden krijgen. Begin januari hadden we contact om een afspraak te maken. En zo hebben we een paar weken terug rond tafel gezeten en nog eens het ongeluk van 14 september 2016 doorgenomen. S. vertelde dat hij vanuit het politiekorps Noord-Holland het onderzoek moest leiden, omdat de Amsterdamse VOA het moest over laten aan een genabuurd korps. Natuurlijk hadden we bijna drie jaar geleden de bevindingen in het p.v. gespeld. Goed werk hebben ze toen geleverd, alles wat maar onderzocht kon worden was onderzocht. Nu het hele proces van artikel 12 en de rechtszaak voorbij was, was het goed om nog eens met één van de meest betrokken onderzoekers alles door te nemen. Natuurlijk zijn zelfs ervaren onderzoekers geen officieren van justitie en rechters, maar ze hebben wel zo veel ervaring opgebouwd om in te kunnen schatten waar het fout is gegaan. Trouwens ook bij onderzoekers, gaan zaken als deze niet in de koude kleren zitten.
Natuurlijk is het wrang om te beseffen dat Harm geen enkele kans heeft gehad. Had hij het in kunnen schatten? Heeft hij kunnen bedenken dat de lichten die uit de flauwe bocht kwamen, hoorden bij een politiebus met een bestuurder die op zijn teller doortrok tot 90 km/u? De onderzoekers deden in Alkmaar remproeven en bestudeerden keer op keer de foto’s die ze hadden genomen op de Nassaukade. Op 7 november gingen ze nog een keer weer terug naar de plek van het ongeval en constateerden dat het kruispunt volledig op de schop was gegaan (ik heb daar in 2016 al over geblogd). Opnieuw werden er foto’s genomen.
Ook deed men metingen met de fiets van Harm. Een bijzonder detail is dat ze ontdekten dat de achteras van Harms Superba een gat had gemaakt in de bumper van de politiebus, net links van de nummerplaat. Toch bleek de afstand tussen straat en gat niet te kloppen met de gemeten afstand bij het achterwiel van de fiets. Uiteindelijk is de conclusie geweest dat agent A., bestuurder van de bus, al heeft geremd voordat hij Harm raakte en dat daardoor de bus ‘voorover dook’. In een fractie van een seconde is er dus gereageerd, maar helaas te laat.
S. vertelde ook dat zijn collega H. een complete computer-animatie heeft gemaakt van het ongeluk. Ze moesten daarmee voor het OM uitzoeken wat er gebeurd zou zijn wanneer de politiebus 50 km/u had gereden, en bij welke snelheid Harm nog geraakt zou zijn. (Wij kenden dit rapport) Natuurlijk met alle mitsen en maren (en alles ook nog eens uitgelegd in het voordeel van de ‘verdachte’), maar overduidelijk was, dat het totaal anders was afgelopen bij een veel lagere snelheid. Bij 50 km/u zou Harm simpelweg niet geraakt zijn en bij oplopende snelheid zou op een gegeven moment de achterkant van de fiets geraakt zijn. Bij dat laatste werd nog aangetekend dat het wel verschil maakt waar je geraakt wordt in relatie tot de ernst van de verwondingen.

bewijs voor het ‘duiken’

Brigadier S. was duidelijk. Wanneer de hondengeleider de zwaailichten had aangezet, was de overstekende fietser gewaarschuwd. S. heeft die bewuste nacht met eigen ogen gezien hoe de huizen op de Nassaukade het blauwe zwaailicht weerkaatst zouden hebben. Het klinkt misschien een beetje gek, maar zo’n terugblik achteraf geeft toch een soort genoegdoening. Voor S. was de cirkel rond, zei hij, toen hij vertrok. Zijn USB-stick mocht ik kopiëren om later nog eens alle foto’s terug te kijken en de verbalen terug te kunnen lezen. Zo sluiten ook wij een hoofdstuk af, maar kunnen en willen we niet vergeten. Voor de ‘verwerking’ was deze terugblik goed, al merkten we beiden achteraf dat het energie slurpt.

Enkele dagen na het bezoek van oud-brigadier S. ben ik nog een keer naar het hoofdbureau van de Amsterdamse politie gefietst. Op 14 december (zie blog) had ik een afspraak gemaakt met commissaris Pronker. Ik wilde bij de leiding van de politie nog een keer aankaarten over hoe agenten op straat omgaan met oproepen.   〈Citaat uitspraak: “Het illustreert naar het oordeel van de rechtbank dat hetgeen op grond van de regelgeving van een politieman wordt verwacht in situaties als de onderhavige, te weten enerzijds dat hij zo snel mogelijk op de melding af gaat en anderzijds dat hij de veiligheid van andere weggebruikers niet in gevaar brengt, met elkaar op gespannen voet staat. Naar het oordeel van de rechtbank legt dit een bijna onmogelijke taak bij de politieman in kwestie.” 〉    Pronker zegde toe en ging het bespreken met zijn baas, de hoofdcommissaris. Tot mijn verbazing kreeg ik een uitnodiging om met hen beiden in gesprek te gaan. Twee jaar geleden was ik al eens op bezoek bij de toenmalige hoofdcommissaris Aalbersberg, die in 2016 bij ons op condoleancebezoek was geweest. Inmiddels heeft Amsterdam een nieuwe hoofdcommissaris, Frank Paauw in lengte nog groter dan Aalbersberg. Paauw had zich goed ingelezen en samen met Pronker hebben ze geluisterd naar mijn pleidooi voor meer duidelijkheid in de brancherichtlijnen. Volgens Pronker is inmiddels daar breed aandacht voor geweest, zowel bij de hondenbrigade, als bij de eenheden die veel op de weg zitten. Daarnaast wil Paauw ‘de zaak Harm’ als casus meegeven aan de opleidingsmensen. En ook dat laatste voelde als een stukje genoegdoening.

Kyrie eleison

archief opruimen

Deze gekalligrafeerde tekst hing jarenlang naast de orgelbank, samen met het getekende portret van de Amsterdamse organist en componist Jan Pieterszoon Sweelinck

In de eerste week van het nieuwe jaar hebben we geen nieuwjaarsduik gemaakt, maar een duik in het ‘archief’ van onze kerk. Samen met twee leden van de commissie van beheer (CVAB) hebben we flink huisgehouden in de grote verzameling spullen die in het kleine kamertje naast de werkkamer van onze predikant lagen opgeslagen. Heel veel papier hebben we opgeruimd. We vonden bijvoorbeeld een flinke stapel kasboeken op folioformaat, waarin precies was bijgehouden wat de leden van de OPK in de jaren 80 van de vorige eeuw via de gemeentegiro of de bank hadden overgemaakt. Namen en bedragen stonden keurig vermeld; de toenmalige penningmeester broeder de Boer was een zeer nauwgezet man. Waren kerkleden vergeten hun maandelijkse VVB (een typisch gereformeerde afkorting volgens mij voor: Vaste Vrijwillige Bijdrage), dan sprak de penningmeester je daar openlijk over aan op de stoep van de kerk. Broeder de Boer was ook degene die in het kerkblaadje eens een stukje schreef onder de titel: “De dienst des Heeren is geen stuiver waard”. Hij uitte daarin zijn ongenoegen over het vele kleingeld (dubbeltjes, stuivers en centen) in de zondagse collectezak.  Een financieel expert had waarschijnlijk gesmuld van alle gegevens en er een prachtige verhandeling over kunnen schrijven, maar we hebben alles toch maar verwezen naar de papiervernietiger. Ook mappen met daarin rekeningen, stapels bonnetjes en bankafschriften, het ging dezelfde weg.
Ook hele stapels ‘Waarheid en Recht’ zijn de weg naar de recycling gegaan. Die katernen bevatten elk vier preken van GKv predikanten en werden gebruikt als er een leesdienst moest worden gehouden. Er zaten ook hele oude jaargangen tussen met preken van onder andere professor K. Schilder, één van de voormannen in 1944 van de Vrijmaking. Wijlen broeder Daan van Driel (1925-1992) las wel eens zo’n preek en dat werd dan een eindeloze zit, ook omdat hij er nog eigen toevoegingen in de preek zette. De kerkenraad nam toen maar het besluit om alleen preken te lezen van nog in leven zijnde predikanten.

Wat we niet hebben weggegooid zijn natuurlijk notulen en oude kerkbladen. Ik heb nog geen idee of het compleet is, maar gezien de vele stapels ziet het er goed uit. Een vooruitziende scriba heeft in de jaren 1967 en 1968 van elk nummer meerdere exemplaren bewaard. Helaas wel dubbelgevouwen, voor het ‘mooie’ bewaren niet echt fraai. Eén stapeltje heb ik mee naar huis genomen en doorgebladerd. Het geeft een mooi inzicht in wat de toenmalige kerkenraad belangrijk vond om door te geven aan hun leden. In 1967 was een groep gemeenteleden apart gaan vergaderen, omdat men het met de koers van de overige Amsterdamse gereformeerde kerken niet eens was. Aanleiding was een ‘Open Brief’ aan alle gereformeerd-vrijgemaakte kerkleden. Ook Amsterdamse predikanten hadden daar hun naam onder gezet en dat leidde tot grote onenigheid in de Amsterdamse gemeenten. Zo ontstond de ‘dolerende’ kerk van Amsterdam-Centrum die ging vergaderen in het gebouw “Reigersburg” aan de Bakhuys Roozeboomstraat (in de Watergraafsmeer tussen park Frankendael en de Nieuwe Ooster, de wijk wordt in de volksmond nog steeds ‘Jeruzalem’ genoemd). De broeders Visscher en Kleine Deters waren respectievelijk voorzitter en scriba en ook de leiders van de ‘doleantie’. Het is boeiend om te lezen hoe het apart vergaderen wordt verwoord en afgezet wordt tegen hen die bleven onder de prediking van predikanten die onder andere open stonden voor samenwerking met de ‘synodalen’. De strijd om wie echt gereformeerde kerk wilde heten en zijn, werd op een felle manier gevoerd. In een aantal afleveringen van de 1e jaargang worden hele artikelen uit de kerkelijke pers overgenomen. In die tijd betekende dat de maker van het kerkblad hele artikelen overtypte, waarschijnlijk op speciaal stencilpapier. Men had er wat voor over om de gemeente goed voor te lichten!
Hoe bijzonder is het dan om te weten dat op de synode die deze en komende maanden bij elkaar komt, wordt gewerkt aan éénwording met de Nederlands Gereformeerde kerken. De laatste werden nadat de scheuring in de GKv definitief was, buiten het verband van gezet en daarom ‘buitenverbanders’ genoemd. In Amsterdam werden de meeste vrijgemaakten ‘buitenverband’, maar landelijk gezien waren ze een minderheid. Veel leden van onze gemeente hebben geen idee van de twisten in de jaren zestig van de vorige eeuw, maar het is wel een deel van onze geschiedenis en daarom waard om herinnerd te worden en er ook van te leren. Vandaag vinden we het heel gewoon wanneer dominee Jan van Helden (NGK) bij ons op het podium staat, maar nog niet zo lang geleden was dat onbestaanbaar.

gezegend

“de oude schilder van Groet”, met dank aan Henny Luchies

Het woord van het jaar 2019 werd ‘schaamte’. Dat is veelzeggend, omdat het steeds wordt gebruikt in combinatie met een ander woord, zoals vlieg of vlees. Helaas hadden de laatste dagen van het jaar, de vuurwerk afstekers weinig last van schaamte. De knallen werden zwaarder en zwaarder en in Den Haag moest bijkans ‘het leger’ worden ingezet. Wel schaamte of helemaal geen schaamte, maar ons land is er maar gezegend mee.

Het was dubben, waar moet de eerste blog van het decennium over gaan? Moet ik allerlei gebeurtenissen van het afgelopen jaar nog een keer laten passeren en van kanttekeningen voorzien? De kranten en de nieuwsrubrieken stroomden er van over, nee dus. Laat ik gewoon maar wat vertellen over zaken die mij opvielen. Zoals de verjaardag van onze buurman, eergisteren, de één na laatste dag van het jaar. Hij werd tachtig en dat is dus best een bijzondere aangelegenheid. Met het woord schaamte heeft hij niet zoveel, maar schilderen kan hij des te beter. Toen we bijna twintig jaar geleden op de Boekweitdonk kwamen wonen, waren de bewoners ook bijna twintig jaar jonger. Regelmatig zagen we buurman Fred als het maar enigszins mooi weer was er op uit gaan met zijn fiets. Ezel en doek goed ingepakt en vastgebonden om ergens langs de grachten een plekje te zoeken om een typisch Amsterdams tafereel vast te leggen. Later zat hij dan op zolder in zijn atelier het schilderij verder te vervolmaken. En wanneer het echt mooi weer wordt, dan vertrekt Fred nog steeds op de fiets met zijn vrouw naar zijn huisje in Groet om daar te genieten van het prachtige duinlandschap en het soms vast te leggen. Zuinigheid is buurmans devies, een zeer gewaardeerd bewoner van ‘ons hofje’. We voelen ons gezegend met zo’n buurman.

Schaamte bekroop mij verschillende keren bij het lezen van de laatste roman van Ilja Leonard Pfeijffer ‘Grand Hotel Europa’. Het afgelopen jaar was het boek regelmatig onderwerp van gesprek. Alhoewel het in december 2018 was verschenen en binnen de kortste tijd in de bestsellerlijsten stond, haalde het geen literaire prijzen. Onder critici is er heel veel en soms zelfs heftig over gediscussieerd. De één vond het geweldig, zeer gelaagd en buitengewoon bloemrijk wat betreft het taalgebruik. Om eerlijk te zijn heb ik van bepaalde gedeeltes best genoten, maar daar staat tegenover dat hele stukken heel echt Wikipedia-achtig zijn. Leuk informatief, maar niet echt spannende literatuur. Ook leuk is dat er veel verhalen door elkaar heen lopen, zoals het verhaal over de piccolo van het hotel, de verhouding van de hoofdpersoon met zijn vriendin en zo zijn er nog wel vier verhaallijnen. Ronduit schaamteloos zijn de passages wanneer hoofdpersoon het bed induikt met een vrouw. In het Parool werd niet voor niets opgemerkt dat deze passages in het MeToo-tijdperk eigenlijk niet kunnen en dat ze op een hoogst vrouwonvriendelijke  manier beschreven zijn.
De passages over massatoerisme zijn overigens treffend en zullen hopelijk bij wereldreizigers het schaamrood hebben opgeroepen. Giethoorn en Venetië hebben wat dat betreft veel gemeen. Waar is de tijd gebleven dat we met de leiders van de knapen en meisjesvereniging naar Giethoorn fietsten en rustig gingen punteren op de Beulakkerwijde?
Op 29 september bespraken we ‘Grand Hotel Europa’ op de leesclub, de reacties waren wisselend. Pfeiffer had gelukkig die week een prachtig sonnet geschreven over reisorganisatie Thomas Cook, dat die week failliet ging.

Sonnet van een buitenkans

In chic vergeelde tijden opgericht,  toen men zich kleedde voor diner aan boord  van roodfluwelen treinen naar een oord  dat klonk als een exotisch  minnedicht, –
toen glas kristal was en van bakeliet de telefoon en toen de vestzakuren nog traag genoeg waren voor avonturen, en nu in deze botte tijd failliet. –
En rijen radeloze zontoeristen staan huilend in bermuda’s aan de balies  omdat hun vlucht naar huis niet meer bestaat. –
Failliet is avontuur, want zij verkwisten de kans om te ontsnappen aan de tralies van leven zoals in de folders staat.

Bij een jaarwisseling wensen veel mensen elkaar een ‘gezegend nieuwjaar’. Er zijn er ook die je een gezond of een mooi en prettig nieuwjaar wensen. Aan de ene kant is een datum maar een datum natuurlijk, aan de andere kant kunnen we het ook overdrijven. Maar de ander ‘zegen’ toewensen is prachtig natuurlijk. En soms gebeurt het dat je je gezegend voelt door een goed gesprek, een mooi muziekstuk of een samenzang in de kerk.
Zo ging het ook met ‘Paulus een biografie’van Tom Wright. Werkelijk een adembenemend boek van de veelschrijvende  Britse nieuwtestamenticus. Na een tweetal uitgebreide theologische boeken over Paulus, heeft hij voor de geïnteresseerde ‘leek’ een prachtige samenvatting geschreven. Je volgt de jonge Saulus in Tarsus en al lezend ga je beseffen hoe het Joodse leven en de Joodse theologie in het begin van de jaartelling er uit zag. Paulus reizen, zijn medewerkers en de steden die hij aandoet; het komt echt tot leven. Je gaat begrijpen waarom het evangelie van de opgestane Christus zo’n impact heeft in de Joodse wereld, maar ook in de Romeinse wereld. De heftige discussies die ontstonden, nauwelijks te geloven. Maar toen ik op de VPRO de eerste aflevering zag van ‘Het Israël van Heertje en Bromet’, snapte ik ook hoe de discussie in Paulus dagen zich afspeelden. (Het programma is inzichtgevend in het huidige Israël.)
Inmiddels ben ik halverwege in ‘Paulus’ en het blijft boeien. Met veel plezier zal ik verder lezen en mij elke keer ‘gezegend’ voelen. Mocht u nog ergens een boekenbon hebben liggen, ik zou hem inwisselen bij de boekhandel. Complimenten trouwens voor de vertaling, want het Nederlands leest geweldig. Het zijn wel compacte teksten, dus je moet soms ook gewoon weer een alinea of bladzijde nog eens teruglezen.

Afgelopen maandag was een prachtige heldere avond, mooi om te gaan varen door het Amsterdam Light Festival. Een mooie tocht werd het met broer en schoonzus. Wat zou er gebeuren als de zeespiegel nog verder zou stijgen? Bij de Stopera was dat mooi uitgebeeld door het beeld van allemaal wereldberoemde torens, omspoeld door grachtenwater. Ook 2020 zal het klimaat vaak ter sprake komen, evenals CO2 en stikstof. Weerman Reinier van den Berg vertelde in een interview dat walvissen CO2 opslaan. Zijn advies: zorg dat er weer veel meer walvissen komen in de oceanen! Prachtige uitdaging toch om daar dit nieuwe jaar mee te starten!

Lieve lezers, ik wens jullie een gezegend 2020!

15 december 1944 – 15 december 2019, evolutie van een monument

Afgelopen zaterdag in Het Parool, de suggestie dat de lijken een paar dagen op straat hebben gelegen is niet juist, naar mijn idee. De begrafenisondernemer ging n.l. op de 16e december naar Overveen.

Alhoewel het weerbericht redelijk was, hielden we het niet droog. Ach, misschien paste het ook gewoon bij de gelegenheid, zoals Bart Wallet van het comité Haarlemmerweg suggereerde. Gelukkig was het bij de kranslegging, de taptoe, de twee minuten stilte en het zingen van ons volkslied bijkans droog.   (Het jongetje voor mij dacht trouwens dat de taptoe betekende ‘dat de soldaten dan moesten aanvallen’.) Een indrukwekkende bijeenkomst werd het, de Haarlemmerweg (N200) was tussen afslag Sloterdijk en Slotermeer afgesloten, in alle rust kon het nieuwe monument worden ‘onthuld’. Toespraken van familieleden en ook van de gemeentebesturen en de politie.

Over ‘het monument’ heb ik al eerder gepubliceerd, zie mijn blog ‘Dodenherdenking‘. Sinds 1985 is het monument geadopteerd door de dr. M.B. van ’t Veerschool / Veerkracht. In die tijd wisten we op school nauwelijks iets over het monument en de achtergrond er van. Meester Wietsma wist dat er een straat in Badhoevedorp was vernoemd; de ‘Pa Verkuijllaan’ naar één van de gefusilleerden. De eerste jaren gingen groep 7 en 8 trouwens overdag naar de Haarlemmerweg, omdat de officiële Dodenherdenking natuurlijk ’s avonds op 8 uur op 4 mei was. Op een gegeven moment zijn we het als school toch op het officiële moment gaan doen. En toen het op een zondag was, is er breed gediscussieerd of we dat wel mocht. Door de jaren heen kwamen er steeds meer mensen op 4 mei, buurtbewoners, nabestaanden en geïnteresseerden.

Het houten kruis aan de drukke Haarlemmerweg had toen we het als school adopteerden al een behoorlijke geschiedenis achter de rug. In 1947 kwam er voor het eerst een monument, de bewoners van boerderij Vredelust hebben daar voor gezorgd. Een eenvoudig wit houten monument met daarop de tekst: “Zij brachten voor de vrijheid het grootste offer“. Onduidelijk is wanneer het gedenkteken in de berm is komen te staan van de Haarlemmerweg, maar waarschijnlijk is dat gebeurd toen boerderij Vredelust is afgebroken. Begin jaren 50 moest Amsterdam uitbreiden en ontstond tuinstad Slotermeer. (zie blog over de architect van Heesteren). Het stond er wat verloren bij, in het gras en daarachter schuin aflopend een vijver. Geen mooi perk er om heen en niemand die zich verantwoordelijk voelde. In Het Parool van 12 december 1964 staat een trieste foto. Gelukkig kan men melden dat er een nieuw kruis is gemaakt, twintig jaar na de fusillade zal het worden onthuld. Enkele dagen later staat er een ingezonden van ene Jan Rot in Het Parool. Schijnbaar is er gesuggereerd een inzameling te houden voor een meer duurzamere oplossing. Maar ook toen was er een bulderende storm en striemende regen en Rot zegt, dat hij waarschijnlijk door de verslaggeefster niet goed verstaan is. “Ik heb gezegd (mag het even?): „De drie mannen verdienden een monument van duurzamer materiaal en van meer allure. Zouden de vriendinnen en vrienden, indien zulks gewenst wordt met ons afdelingsbestuur, de koppen niet eens bij elkaar kunnen steken om, in dit verband een initiatief te nemen?”.Wij willen dus géén inzameling”, onze plannen gaan een heel andere richting uit.”  Ma Verkuijl en mevrouw Elias, de beide weduwes waren er bij die dag. Toch is zijn oproep door de storm verwaaid.

Het is november 1976, nog lang voordat de school het monument adopteert. In het Parool heeft Evert Werkman (werkte in de oorlog al voor Het Parool en schreef er later vele boeken over) een ‘Amsterdams Logboek’. Er heeft zich iemand bij hem gemeld met de naam Abercromby, deze verzocht het gemeentebestuur in april, het kruis op te knappen. Logisch, want het staat er dan al twaalf jaar. Toch is het later nog een keer vernieuwd, op een middelbare school is een leraar houtbewerken met een klas aan de slag gegaan en heeft het compleet gekopieerd. Heel lang heeft ook het tweede kruis gewoon in het gras gestaan, totdat toch de gemeente er een keurig perk omheen maakte, wat bielzen en wat planten en struikjes, op een gegeven moment zag je het kruis bijna niet meer.

Hannie Elias afgelopen zondag bij het nieuwe monument. (AT5)

Nu de N200 op de schop moest vanwege groot onderhoud en herprofilering, heeft het ‘comité Haarlemmerweg’, onder leiding van Hélène de Bruine, er voor gezorgd dat er eindelijk een nieuw, eigentijds monument is verrezen. Een plek waar je zelfs kunt zitten en waar alleen nog een informatiebord over de gefusilleerden ontbreekt. Toen ik een week geleden op de Erebegraafplaats in Bloemendaal was, vond ik daar uitgebreide info over de drie doodgeschoten verzetshelden. Vader en zoon Verkuijl liggen met Elias begraven in vak 5. Die dinsdag was het er stil en rustig. Tijd genoeg om hun namen en de bijschriften uitgebreid te bestuderen. Een indrukwekkende plek, waar bijna 400 verzetsstrijders ‘herbegraven’ zijn. Al die namen van mensen die hun leven gaven. Eigenlijk is het beter te zeggen; die hun leven werd afgenomen. Vaak zonder proces werden ze doodgeschoten. Gedreven, vaak jonge mensen, die opkwamen tegen onrecht. In vak 5 is de gemiddelde leeftijd 34, waarvan Henk Verkuijl als 22-jarige, de jongste. Je zou ze nog eens willen spreken, over hoe spannend het was, hun angsten en ook hun moed. Het is goed dat er langs een drukke weg, nu drie kruisen staan. Niemand kan meer denken dat het een ‘bermmonument’ is, dat er een auto met drie mensen is verongelukt of iets dergelijks.

Na de plechtigheid werd ik aangesproken door Maurice de Hond. Hij bleek in zijn jeugd heel vaak op 4 mei bij het monument te zijn geweest. Zijn vader Sam de Hond werkte veel samen, tot zijn gevangenneming, met rechercheur Piet Elias en Anton Japin.  Wie geïnteresseerd is moet op de website van de opiniepeiler het boek opzoeken over vader Sam de Hond.

‘Inschattingsfout’ 2

Op deze prachtige zonnige zondag vierden we vanmorgen de eerste Advent en ook het Heilig Avondmaal. Wat een prachtige combinatie! En in de preek ook nog een bijzondere verwijzing naar het nieuwe album van Goldplay (kijk op 11 minuten). Het gaat aan alle inschattingsfouten voorbij, de mens maakt er een potje van en ondertussen verlangt ze naar vrede en rust. Goldplay zingt er van, de wereldleiders beloven het, maar ondertussen gaan oorlog, onderdrukking, uitbuiting  en rampen gewoon door. De grote mannen van de wereld zullen net als al hun volgelingen en stemmers toch moeten luisteren naar Jesaja: “Wandel in het licht van de Heer!’

Nu ik deze eerste alinea teruglees, besef ik dat ik zo helemaal niet had willen beginnen. Overkomt mij wel vaker en dan is de gemakkelijkste oplossing meestal; de alinea selecteren en deleten. Soms moet je gewoon overnieuw beginnen, maar deze keer dus niet. De bedoeling was om gewoon een vervolg te schrijven op mijn blog over de uitslag van de rechtszaak. In de week erna kwam de uitspraak van de Rechtbank Amsterdam op de site te staan. (uitspraak in de zaak van agent A.) Voor iedereen die het wil is het complete verhaal dus nog eens na te lezen. Kort gezegd is het dus zo dat agent A. wel een overtreding heeft begaan die strafbaar is, maar dat de regels in de brancherichtlijnen nu eenmaal zo opgesteld zijn, dat het hem niet strafbaar maakt. [ De rechtbank is van oordeel dat achteraf kan worden vast gesteld dat verdachte vaart had moeten minderen. Dat volgt ook uit de verklaring van verdachte ter zitting dat hij langzamer zou hebben gereden indien hij zou hebben geweten dat er zich een fietsersoversteekplaats op de plaats van de aanrijding bevond. De rechtbank is echter ook van oordeel dat verdachte niet kan worden verweten dat hij dit niet wist. Van hem kan niet worden verwacht dat hij tevoren op de hoogte is van de aanwezigheid van alle risicovolle plaatsen op de door hem gekozen aanrijroute. De oversteekplaats op de plaats van de aanrijding was ten tijde van het feit bovendien zo slecht zichtbaar dat verdachte evenmin een verwijt kan worden gemaakt dat hij deze niet tijdig heeft gezien. Dat het niet tijdig zien van de oversteekplaats waarschijnlijk ook in de hand is gewerkt door de hoge snelheid waarmee verdachte reed, maakt het voorgaande niet anders. Het illustreert naar het oordeel van de rechtbank dat hetgeen op grond van de regelgeving van een politieman wordt verwacht in situaties als de onderhavige, te weten enerzijds dat hij zo snel mogelijk op de melding af gaat en anderzijds dat hij de veiligheid van andere weggebruikers niet in gevaar brengt, met elkaar op gespannen voet staat. Naar het oordeel van de rechtbank legt dit een bijna onmogelijke taak bij de politieman in kwestie. Ook valt moeilijk in te zien waarom op grond van de BVP in een situatie als de onderhavige het gebruik van sirene en zwaailichten niet is toegestaan, nu dit de kenbaarheid voor de fietser van de met hoge snelheid naderende politiebus uiteraard zou hebben vergroot. Naar het oordeel van de rechtbank valt dit verdachte echter niet aan te rekenen. De rechtbank is ervan overtuigd dat hij de situatie naar beste vermogen heeft beoordeeld. Dat hij daarbij toch een fout heeft gemaakt, is gelet op het voorgaande niet in strafrechtelijke zin aan hem te wijten.]  citaat uit punt 8.

Inmiddels is, twee weken na de uitspraak, duidelijk dat geen van de partijen in hoger beroep gaat. Het OM (openbaar ministerie) niet en ook de politieagent niet. Natuurlijk geeft dit hele verhaal een toch min of meer dubbel gevoel, maar juridisch gezien is het klaar. Wat we nu nog kunnen doen is de verantwoordelijken aanspreken en vragen of ze op een of andere manier de regels kunnen aanpassen. Blijkbaar geeft de regelgeving een vrijbrief aan agenten om ver boven de toegestane snelheid door de stad te scheuren, omdat de betreffende agent zelf moet inschatten of hij het nodig acht. Jammer dan voor de burger die dat niet op tijd in schat. Wie ons kan helpen om dit probleem op de juiste plek te adresseren en hoe we het voor elkaar kunnen krijgen dat de huidige regelgeving in discussie wordt gebracht; laat hij of zij zich gerust melden.
Laat duidelijk zijn, er is berusting, we kunnen de hele rechtsgang afsluiten. Dat laatste geeft ook opluchting. Maar er zijn dus ook nog open eindjes…

We houden Jesaja 2 maar in gedachten, inschattingsfouten zullen er blijven, totdat er een dag komt waarop mitrailleurs, pistolen en bommen, worden omgesmeed tot ploegscharen. Tot die dag ligt er dus de opdracht; “Wandel in het licht van de Heer!’

Waarom IDFA? “verhalen die een daarvoor en een daarna geven”

Na 218 minuten (ruim 3,5 uur) geeft de maker Thoma Heise een boeiend en ontspannen interview. In de film leest hij documenten uit zijn familie voor tegen de achtergrond van het ‘schuldige’ Duitse landschap. Ook dat is het boeiende van de IDFA!

Elke jaar is het weer een feest, de IDFA in verschillende bioscoopzalen in Amsterdam. Meer dan 300 documentaires van over de hele wereld draaien deze 10 dagen op het mooiste Amsterdamse filmfestival. Wanneer de IDFA-krant bij ons op de deurmat valt ga ik hem napluizen en kijken wat ik wel zou willen zien. Ik omcirkel en kruis aan en ga kijken of er een schemaatje van te maken is. Sommige dagen vallen bij voorbaat af, zoals afgelopen zaterdag toen we het feest van de Goedheiligman vierden in Vriezenveen. Deze keer ga ik de lezer niet vermoeien met mijn keuzes en korte samenvattingen. Op NPO 2 is dagelijks een fantastische samenvatting en worden bijzondere films uitgelicht en ook kranten besteden uitgebreide aandacht aan bijzondere documentaires.
Ergens in een van de reclamespotjes aan het begin van elke voorstelling klinkt er een zin die blijft hangen. Een documentaire verandert je, erna ben je niet meer hetzelfde. Het is net als met een goed boek, het verhaal blijft je bij, speelt nog door je hoofd… En documentaires zijn misschien nog wel indringender. Gelukkig komen er op de reguliere tv-uitzendingen van de NPO ook regelmatig documentaires, maar in een grote zaal is het toch net weer anders, indringender! Bij een documentaire weet je ook gelijk dat het over een ‘werkelijkheid’ gaat. Niets geen fictie of drama, nee een documentaire is een door een filmer vastgelegd echt verhaal. Als het goed is, is er niet gemanipuleerd en zijn er geen acteurs ingezet. Natuurlijk kiest de maker zijn eigen invalshoek. Ik was vrijdag bij de première van ‘Rotjochies (Punks)’, een Nederlandse film over jongeren in de jeugdzorg. Een prachtige inkijk en heel erg boeiend. (Was maandavond op NPO2, dus zo terug te zien.) Tegelijkertijd weet ik ook dat een andere filmmaker een totaal andere film had gemaakt, ook al was het onderwerp en de groep jongeren exact hetzelfde. Dat maken documentaires ook zo interessant! Bij de film over Lea Tsemel, een Israëlische mensenrechtenadvocaat, zie je weer een heel andere insteek. Hier worden beelden uit het verleden, journaalbeelden en ook interviews met de man van de Advocategebruikt om een beeld te geven van het haast onmogelijke werk van deze bijzondere 75-jarige vrouw. De ‘Advocate’ is zo’n film die je een heel ander beeld geeft van de huidige situatie in het zogenaamde ‘Beloofde Land’. Hier wil de filmmaker een beeld geven van iemand die tegen de stroom in blijft vechten voor de onderdrukten. Tegelijkertijd is het geen politieke film, omdat het onderwerp van verschillende kanten belicht wordt. Het meest bizarre was trouwens, maar dit is eigenlijk terzijde, dat op een gegeven moment advocate Tsemel met haar helper de rechtbank uit loopt op weg naar haar auto, nog bijkomend van de uitspraak tegen een jonge Palestijnse vrouw die een zelfmoordaanslag wilde plegen. Op dat zelfde moment komt een grote groep groep toeristen voorbij die achter een gids aan sjokken op weg naar een volgende ‘heilige plaats’. Zij zien, de docu geeft in ieder geval die indruk, geen filmploeg en geen advocate en een justitieel gebouw…..

AANRADERS:
Sunless Shadows‘, de openingsfilm over een Iraanse vrouwengevangenis
All Against all‘, een Nederlandse docu over de opkomst van het fascisme tussen de twee Wereldoorlogen. Komt vast nog wel een keer op TV, want de EO was mede-financier.
Summerwar‘, over een zomerkamp in Oekraïne van de nationaal rechtse beweging Azov.

“Inschattingsfout” | In memoriam Harm 1982 – 2016 (82)

“De agent die werd vervolgd voor het doodrijden van de 34-jarig Harm Wimmenhove in 2016, is vrijgesproken. Volgens de rechtbank valt hem de inschattingsfout, waardoor Harm werd aangereden, niet in strafrechtelijke zin te verwijten. Het Openbaar Ministerie (OM) had tegen de agent een geldboete en een voorwaardelijke rijontzegging geëist.”  Zo begint het bericht op de stadszender AT5. Via de link is daar een keurig verslag te lezen. Ook mijn reactie op de uitspraak heeft men keurig gefilmd en goed samengevat. De journaliste van AT5 suggereerde nog, dat men misschien toch eens een programma zou moeten maken over dit soort politiegedrag, zij wist namelijk ook genoeg momenten te noemen waarop agenten veel harder reden dan de toegestane snelheid. Het zou ons goed doen, dan blijft de discussie gaande en zal het ook doorsijpelen binnen het korps.
Wat de gerechtelijke procedure betreft zit het er voor ons dus op. En natuurlijk is dat met een dubbel gevoel, we hadden het graag anders gezien en gewild. Maar voorop stond steeds dat we een rechtsgang wilden en dat een rechter zich zou uitspreken over het ongeval waarbij Harm om het leven kwam. We wilden ook dat agenten in het algemeen er van zouden leren. En ja dat laatste is nu maar de vraag; agent A. is vrijgesproken, ondanks zijn inschattingsfout. “Er zijn dus alleen maar verliezers”, concludeerde de journaliste van Het Parool. Ik heb dat tegengesproken en gezegd dat ze dat maar niet in de krant moest zetten. Gelukkig begreep ze dat ook wel.

Een anekdote. Het was donderdag 17 november 2016. Harm had voor die dag een geweldig verjaardagscadeau voor Coos verzonnen (jarig in februari). Hij wilde met haar uit eten en dan graag op een speciale manier. In de zomer van 2016 had hij al een paar keer geprobeerd om te reserveren voor Vuurtoreneiland. Het eilandje ligt in het Markermeer en een slimme ondernemer heeft er een klein restaurant gevestigd. Met de fiets of de auto kun je er niet komen, alleen per boot. Als de boot eenmaal vertrokken is van de kade bij het Lloyd Hotel, krijg je al snel de eerste amuse op je bord. Een geweldige belevenis natuurlijk en Harm had zich al helemaal zitten verkneuteren. Het was in september, toen hij eindelijk een afspraak had, tegelijkertijd ook zijn laatste email-contact met Coos. In zijn computer vonden we na zijn overlijden een mail met de tickets voor Vuurtoreneiland. In gedachtenis aan Harm heeft Coos met Harms vriendin gebruik gemaakt van de reservering. Om ongeveer half acht leverde ik haar op een regenachtige avond af bij ‘IJveer XIII’. Uren later, om half twaalf, kon ik haar weer ophalen. De dames hadden het geweldig gehad en het was natuurlijk ook emotioneel geweest. Nagenietend reed ik met Coos terug door de Piet-Heintunnel naar huis. Ongeveer een maand later viel de bekeuring op de deurmat. Wanneer je de Piet-Heintunnel uit bent, kom je bij de kruising met de Zuiderzeeweg. Toen wij die 17e november er reden stond het licht op groen en konden we doorrijden. In de tunnel mag je 70, maar bij het kruispunt moet je terug naar 50. Laat ik nu nog geen 60 hebben gereden bij de kruising, maar wel ongeveer 6 km. te hard. Het gevolg was dus een boete van ik denk 40 euro. Wij vonden dat met het hele verhaal erbij, natuurlijk ontzettend zuur. En ik wist ook wel dat er binnen de kaders van de wet er natuurlijk geen enkele mogelijkheid was om hier onder uit te komen, dus toch maar betalen.

Het dubbele gevoel zal nog wel een poosje met ons mee blijven gaan. ‘Ontslaan van alle rechtsvervolging’, bij die bekeuring ging dat ook niet op. Toch hebben we ook gezegd, dat we er geen spijt van hebben dat we de hele rechtsgang gevolgd hebben. Naar ons idee valt er ook nog wel wat af te dingen op een ‘inschattingsfout’. Op de facebook-pagina van AT5 kwam gelijk een heleboel bagger voorbij, we kopen er niets voor. Berusting klinkt wel heel nuchter, maar langzaam zal dat wel indalen. Het besef dat we Harm ooit weer in onze armen zullen sluiten is een troostende gedachte. Ons geloof helpt ons ook door deze vervelende ervaringen heen, hoe ingewikkeld het ook is. Het is niet alleen maar verlies, hoe lastig dat besef ook is.

Kyrie eleison

“Uitspraak over veertien dagen…” | In memoriam Harm 1982 – 2016 (81)

Een oud-collega van Harm kon zich na het ongeluk niet inhouden en veranderde een bouwdoek in een monument.

Een aanloop met hobbels; gisteravond belde de Officier van Justitie met ons, om nog een en ander door te spreken. Waar we op konden rekenen als ze haar strafeis zou gaan formuleren… Even kwam de aanvangstijd ter sprake en merkten we, dat wat ik had, niet overeenkwam met haar aanvangstijd. Negen uur of half elf is wel een verschil. We konden dus even een beetje langer uitslapen. Vervolgens werd het parkeren een gedoe, in Zuid wordt op zoveel plekken hard gewerkt en is er zoveel opgebroken, dat de parkeergarage van de Rechtbank niet te vinden was. Gelukkig had de Stadionkade nog een plaatsje voor ons, maar met de fiets was toch beter geweest. Uiteindelijk werd het iets na elven dat we de rechtszaal binnen konden, de eerste rechtszaak in zaal 5 op de derde verdieping was ook nog eens uitgelopen.

Vandaag is het 31 oktober; Hervormingsdag op de protestantse kalender. 502 jaar geleden spijkerde priester en hoogleraar in de moraaltheologie Maarten Luther zijn 95 stellingen op de slotkapel van Wittenberg (midden Duitsland). Dit was de aanzet tot wat we de ‘Hervorming’ noemen en er scheuringen en breuken ontstonden in de christelijke kerk, in die tijd strak geregeerd vanuit Rome. In april 1521 moest hij zich tegenover de Duitse keizer verantwoorden en riep hij uit: (waarschijnlijk geparafraseerd) “Hier sta ik, ik kan niet anders”. Toen ik hoorde dat deze zitting op 31 oktober gehouden zou worden, was het eerste wat ik dacht; Hervormingsdag en daarna dacht ik ook aan die woorden van Luther.
Eindelijk is het zover, ruim drie jaar nadat onze zoon en broer en vriend (ik spreek ook voor mijn vrouw en beide dochters en Iris de vriendin van Harm) Harm verongelukte, is er een zitting van de rechtbank waarin de veroorzaker van het ongeluk, een agent in functie, terecht staat. Natuurlijk willen we als nabestaanden, als vader en moeder het woord voeren. Hier zijn we, we kunnen niet anders. We willen dat er recht gesproken wordt en dat de politieorganisatie weet dat wat er gebeurd is op 14 september 2016, nooit weer mag gebeuren. We hebben een artikel 12 procedure aangespannen omdat we ons geschoffeerd voelden door de ‘niet-empathische’ Officier van Justitie die in eerste instantie moest oordelen of hij agent A. wel of niet zou vervolgen. Tot onze grote verbazing ging hij de zaak seponeren. Dat was zo bizar, want er lag na maanden hard werken door de Rijksrecherche toch een duidelijk proces verbaal op tafel.

Nadat Coos haar verhaal had gedaan over het verdriet en gemis om Harm, kon ik uitleggen waarom we uiteindelijk wilden dat er een rechtbank naar de aanrijding keek. In de rest van de verklaring heb ik gewezen op de forse overschrijding van de snelheid van agent-hondengeleider A. Om vanuit een flauwe bocht zo hard weer op te trekken naar bijna 85 km/u is haast niet te geloven. Daarnaast heb ik ook het belang voor de rest van de politie-organisatie van deze zaak benadrukt. Je hoopt toch echt dat hier van geleerd wordt en dat agenten die een oproep krijgen zich wel twee keer bedenken voordat ze zo hard gaan rijden. Alle pers-reuring er om heen zorgde er voor dat AT5 een mooie rapportage maakte over de hele ontstaansgeschiedenis van deze rechtszaak. Met beelden uit 2016 (gemaakt vlak na het ongeluk) en met duidelijke lijnen op de kaart van Amsterdam is heel goed te zien dat agent A. vanuit een flauwe bocht op de kruising met de Potgieterstraat af reed. Het was maar 60 meter tot de oversteek (met markeringsstrepen). Op zo’n stukje zijn 50, 60 of, of 85 km/u grote verschillen en dat maakt dus ook veel uit voor de ingeschatte tijd voor de overstekende fietser. Onze advocaat heeft uiteindelijk dat beeld naar voren gebracht op een paar grote foto’s; de politiebus kwam uit een flauwe bocht en dat is cruciaal! In plaats van dat hij nog extra gas gaf, had hij af moeten remmen. Vervolgens blijft het een gek gegeven dat bij 85 km/u geen zwaailichten en sirene zijn gebruikt. De Amsterdamse zender had vandaag verschillende verslagen, het vraaggesprek van gisteren, een verslag van de zitting en een korte terugblik na de zitting.  Onder het tweede verslag heeft de verslaggeefster haar twitter-verslagen vermeld. Ook op de site van RTL-nieuws stond een keurig verslag. Daarbij ook het bizarre overzichtje ter overdenking:
Ongelukken met hulpdiensten
2014: 76 ongelukken met brandweer-, ambulance- en politievoertuigen, waarvan één dodelijk ongeluk
2015: 31 ongelukken
2016: 68 ongelukken, waarvan één dodelijk ongeluk
2017: 80 ongelukken

Rechtszaal, vanaf de tribune. Met achter de rechters grote foto’s van stapels afgedankte dossiers.

We hopen echt dat we dit verhaal over twee weken kunnen afsluiten. De voorzitter van de rechtbank sloot vanmorgen na het laatste woord voor de verdachte af met een mededeling over de uitspraak. In een openbare vergadering op 14 november om een uur of één zal de uitspraak van de rechtbank worden voorgelezen. We zullen zien wat het wordt, maar wat het ook wordt; te hopen is dat de politie er van leert en dat Harm in 2016 het laatste dodelijke slachtoffer is geweest van een hulpdienst. Wij gaan verder, met hulp van onze hemelse Vader of zoals anderen zeggen, onze Lieve Heer.  Vandaag hebben we gemerkt dat heel veel vrienden, familie en broers en zussen van de OPK in gedachten bij ons waren en voor ons gebeden hebben . En terwijl Coos en ik onze slachtofferverklaring voorlazen, werden op de publieke tribune handen gevouwen. Het was dan ook niet vreemd om in de korte pauze ook agent A. een stevige hand te geven en ook later even een arm om hem heen te slaan. Hij is net zo goed slachtoffer, ook al vinden we dat hij schuldig is aan de dood van Harm. Het kyrie eleison geldt ook hem, zijn familie, de rechters en alle andere betrokkenen. Bijzonder was om twee onderzoekers van de VOA (de verkeersongevallenanalyse)  de hand te schudden. Ook zij hebben waarschijnlijk nog de beelden van 14 september op hun netvlies staan en kunnen vanuit hun expertise nog beter doorgronden waarom het zo gruwelijk mis ging. En het is gek, naast alle verdriet is er dus ook dankbaarheid.

Kyrie eleison

30 oktober | In memoriam Harm 1982 – 2016 (80)

during Advertising Week Europe 2016 at Picturehouse Central on April 19, 2016 in London, England.

Morgen is het zover. Eindelijk de rechtszaak waar we al zolang op zitten te wachten. De politieagent die Harm heeft aangereden ruim drie jaar geleden moet voor de rechter verschijnen. Eerlijk gezegd, best heftig allemaal. Van te voren natuurlijk overleg met onze advocaat en doorgenomen hoe zo’n zaak er ongeveer aan toe gaat. Vervolgens ging het in ons hoofd malen; wat gaan we zeggen tegen de rechtbank, als we gebruik maken van ons recht om te spreken als nabestaanden. Coos was het eerste klaar, bij mij duurt het vaak wat langer.
We zullen benadrukken wat het gemis van Harm met ons deed en doet. Daarnaast zullen we ook vragen om een veroordeling van de agent, door de rechtbank. Omdat we er natuurlijk al een hele tijd mee bezig zijn, klinkt dat best heftig. Toch willen we dat er recht gesproken wordt (gerechtigheid), zo hard rijden zonder signalen door een agent in functie mag niet ongestraft blijven. Daarnaast vinden we het belangrijk dat alle politieagenten er van leren. Het moet agenten die dagelijks de straat op moeten, iedere keer ingeprent worden dat ze zich moeten beheersen, zeker als het geen spoed (“prioriteit 1”) betreft. Allerlei stukken en gedeeltes van het proces verbaal hebben we nog weer eens doorgenomen. Dat laatste is niet leuk, maar we beseffen tegelijkertijd dat we het doen voor onze zoon. Je wilt niet dat het maar verdwijnt in de vergetelheid en Harm wordt weggezet als een ongeleid projectiel. Dat laatste werd wel gesuggereerd door de eerste officier van justitie.

8 jaar en al helemaal wijs met een zonnebril

Ook de media staat weer in de aanslag om verslag te doen. Het helpt om het nog en nog eens te verwoorden. Laat de lezer en kijker het maar weten, Harm zijn naam mag genoemd worden, hij was een creatieve ontwerper die helemaal op ging in zijn werk bij Media Monks in Hilversum. Harm was ook onze zoon en natuurlijk nog veel en veel meer. Afgelopen week  kon ik mijzelf eindelijk zo ver krijgen om het fotojaarboek van 2016 af te maken. Confronterend om te doen. Bladeren door herinneringen, foto’s omslaan en in jezelf weer zijn naam noemen; Harm. Natuurlijk ook foto’s van voor 14 september. Onbezorgd staat Harm her en der op de foto’s, bij de trouwerij van onze jongste dochter, de derde verjaardag van onze kleindochter….. Dan opeens na een serie ‘vakantiekiekjes’ toch maar een paginagrote foto van Harm in het VU-MC. Het zijn geen foto’s voor de media, alhoewel ze ook vandaag daarom weer vroegen. Nog een keer uitleggen voor de camera van AT5 waarom we morgen naar de Parnassusweg gaan is tot daar aan toe, maar RTL-Boulevard en Hart van Nederland hebben we afgewimpeld. Een paar foto’s mogen ze hebben, waaronder die van een orerende Harm op een podium in Londen. Uitleggen in ‘vloeiend’ Engels wat Media Monks voor prachtige projecten deed voor een barbecuespecialist. Het jongetje met zonnebril, klein voor zijn leeftijd, was uitgegroeid tot een zelfbewuste ‘design director’.
Morgen zal er ‘gepoerd’ worden in wonden en onze zakdoeken zullen niet droog thuiskomen. Gelukkig is er ook het besef dat er een Heer is die zorgt, wat een rechter ook zal uitspreken (niet morgen trouwens). En wat ook de uitspraak zal zijn en of er nu wel of niet een straf wordt uitgesproken tegen de agent, wij leven verder met herinneringen en zullen Harm zijn naam blijven noemen.

Kyrie eleison