Harm – 14 september – 2016 – 2026
Een paar weken terug was ik in Leiden met broer en schoonzus uit Capelle. Omdat vrouwlief op vakantie was met een vriendin, gingen wij onder het motto “alleen is maar alleen”, samen op museumbezoek. In Leiden kun je immers te kust en te keur. Bovenaan mijn lijstje stond het ‘Japanmuseum SieboldHuis’, omdat we voor de zomer met onze leesclub uitgebreid hadden stilgestaan bij “De zwevende wereld” van Annejet van der Zijl. Een boeiend boek over Philipp Franz von Siebold en zijn dochter Oine Kusumoto. In het statige pand aan het Rapenburg is een uitgebreide verzameling te vinden van wat Von Siebold ooit heeft meegenomen na zijn verbanning van het eilandje Deshima in de jaren twintig van de 19e eeuw. Vooral de prachtige netsukes zijn een lust voor het oog. Maar mooier en indrukwekkender, vond ik de fototentoonstelling ‘Tokyo Tokyo’ van Richard Koek. Een uitgebreide fotorapportage van het leven in deze immense wereldstad. In Siebolds tijd heette Tokio nog Edo en vanuit Nagasaki moest hij ruim 1000 km reizen om daar te komen. Het waren prachtige foto’s en regelmatig stond ik bij een foto en gingen mijn gedachten naar Harm, wat zou het mooi zijn geweest om deze ervaring te delen met hem. Zijn laatste vakantie in 2016 was naar Japan en hij kwam ook terug met prachtige foto’s en verhalen over “het land van de rijzende zon”. De indrukwekkende serie van fotograaf Koek had hij vast heel gaaf gevonden.
Op die momenten. zoals in dat SieboldHuis, slaat het gemis opeens toe. Het zijn van die momenten dat je het niet verwacht… Zoals afgelopen week; op tv volgde ik de begrafenis van de Noorse koning Harald. Een indrukwekkende optocht van paleis naar kathedraal en toen alle hoogwaardigheidsbekleders eenmaal in de kerk zaten, werd er gelezen uit de Bijbel, psalm 121. De eerste verzen van deze psalm staan op de grafsteen van Harm. Allerlei gedachten dwarrelden door mijn hoofd, het ziekenhuis, de open kist in onze woonkamer en de bijeenkomst in de Westerkerk, van alles kwam voorbij. Psalm 121 is een lied van pelgrims, vol van hoop op weg naar het huis van God in Jeruzalem. Maar vandaag is het voor ons ook een lied vol van hoop op weerzien. Toen aan het einde van die ingetogen Lutherse dienst, met als thema ‘liefde’ een gospelkoor “Abide with me” ging zingen, kon ik het niet meer droog houden.
Vandaag staan we stil bij het leven en overlijden van Harm. Bliepjes, een knuffel, een arm om je heen, we ontkomen er niet aan. Zondagavond hebben we met Harms vrienden een herdenking gehouden bij restaurant ‘Waterkant’. Aan de overkant de boom aan de Nassaukade, waar we later op de avond een moment van stilte hebben gehouden en een kaarsje gebrand. Het was een mooi samenzijn, verhalen over tien jaar waarin levens van Harms vrienden verder zijn gegaan. Velen van hen zijn inmiddels papa en mama en ook hun levens gingen verder met mooie en soms ook lastige dagen. We hebben het leven gevierd en heel veel verhalen over Harm gedeeld. Sommige van zijn vrienden zijn nog steeds festivalgangers en Harm zou ongetwijfeld aanstaande vrijdag zich gemeld hebben op het festivalterrein van ‘Into The Woods’ om lampjes op te hangen. Met de kinderen zullen we die dag ‘Harm-dag’ houden en nog een keer het glas heffen. Tien jaar, ‘een rottig lustrum’, appte een lieve oud-collega. Ze heeft gelijk, je wilt het niet, maar het dringt zich aan ons op. Gelukkig is daar nog steeds het ‘Kyrie Eleison’ en psalm 121 was ook vandaag op Zorgvlied duidelijk leesbaar.

“Hier, in dit schemerige licht, verschijnen de doden: leraren, collega’s, de kinderen van vrienden, tantes, ooms, moeder, vader, de componisten van wie ik de muziek hoor, de psalmdichters van wie ik de woorden citeer, de filosofen van wie ik teksten las, de timmerlui die de huizen maakten waarin ik leef. Overal om me heen zijn de sporen en herinneringen van de doden. Wij leven te midden van de doden, totdat wij ons bij hen voegen.”
Uit Klaagzang voor een zoon (Lament for a Son) van Nicholas Wolterstorff. Mede-organisator vriend Kornelis kon het gisteren niet laten, klom op een bank en vroeg om stilte. Hij citeerde bovenstaande tekst in het Engels uit dit bijzondere boekje!
NASCHRIFT:
Prachtig hoe op de site www.vooraltijdharm.nl ook nu weer verschillende reacties verschijnen!
Op 20 december schreef ik een blog onder de titel: ‘geboortegrond’. We sloten ons reisje door het noorden van het land af met een bezoek aan het Drents Museum. Jazaker, hetzelfde museum dat afgelopen weekend zo in het nieuws was. De reden was de boeiende tentoonstelling over de Hoogeveense kunstenaar en schrijver Albert Steenbergen. Broer Henk had mij geattendeerd op het boek dat bij de tentoonstelling hoorde en wees mij er op dat het bij ‘De Slegte’ al in de aanbieding was. Een boeiend boek, met een goed overzicht van het leven en werk van de Hoogeveense kunstenaar.
Een week geleden ging ik met mijn beide dochters naar het Drents Museum in Assen, waar een grote tentoonstelling is gerealiseerd over de reis van Vincent van Gogh in 1883 naar Drenthe. Het was fantastisch om met beide dochters op stap te zijn, gezellig en ook educatief. De tentoonstelling is uiterst zorgvuldig ingericht en boeiend. Je krijgt een mooi inzicht in het leven van de jonge Vincent en dat zijn reis door Zuid-Drenthe blijkbaar van flinke invloed is geweest op zijn latere werk. Je kunt de vraag stellen of het niet teveel opgeklopt is, maar ondertussen is het wel mooi dat het grote publiek op deze manier kennis maakt met een kunstenaar in de dop. Vooral de werken van andere kunstenaars die rond die periode werkten in Drenthe (vooral op zandgronden), maken indruk. Overdrijving zit naar mijn idee wel een beetje in de randverschijnselen. Aan de rand van het rustieke plantsoen voor het museum staat met grote letters Vincent, als was het de handtekening van de schilder in kleuren uit zijn Franse periode. En wie even gaat googelen ontdekt dat er in Hoogeveen inmiddels een portret van vijf verdiepingen is geschilderd op een flat aan de Hoofdstraat. Van Gogh is vercommercialiseerd.
Van Lelystad naar huis rijdend en nog nagenietend van het verrassende verjaardagscadeau, speelde het verhaal over van Gogh en het Asser museum nog door mijn hoofd. De ergernis over de lage bijschriften deden mij opeens denken aan het bezoek aan het prachtige museum aan de Amstel, H’ART tegenwoordig. Een goede vriendin wilde graag met haar zoon naar de tentoonstelling over Julius Caesar in de Hermitage. Die laatste naam ligt mij ook beter, waarom die mallotige verandering? Maar ook deze tentoonstelling was uitstekend verzorgd. De bijschriften hier en daar te vaag en soms naar mijn idee niet afgestemd op de gemiddelde bezoeker. Totdat we opeens ontdekten dat jaartallen een rare toevoeging hadden. Waar je bij Julius Caesar dacht aan de tijd voor Christus, stond hier v.g.j. en BCE. Enig speurwerk leverde op dat v.g.j. staat voor: voor gangbare jaartelling, Before (the) Common Era. Waarom is Christus opeens verdwenen in deze aanduidingen? Bang voor mensen die niets met ‘het kind in een kribbe’ hebben? Of is het een soort gelijkheidsstreven? Waarom toch die vreemde aanpassingen; bijschriften alleen voor rolstoelers, en 44 voor Christus inwisselen voor v.g.j.?
Vorige week, een mooie zonnige woensdag. Broer Henk en ik hebben afgesproken bij de P + R van Amersfoort. Samen op weg naar het
De Boerenopstand in 1963
Afgelopen zaterdag was er een mooie aanvulling op de problemen die werden benoemd in het theaterstuk. In 
Fred zou vandaag 83 zijn geworden en wanneer we zondagmiddag gelukkig weer onze traditionele Boekweidonk-nieuwjaarsreceptie kunnen houden, zullen we hem missen. Het Parool en ook het Diemer Nieuws schonken ruim aandacht aan het sterven van deze markante Diemenaar. Jarenlang was Fred meester-stucadoor en toen dat niet meer ging, volgde hij zijn hart en ging doen wat hij altijd al had willen doen; schilderen. Vaak hebben we hem weg zien fietsen met een ingepakt doek achterop. Aan één van de grachten van Amsterdam zocht hij dan een plek voor zijn ezel en ging schilderen. Heel veel mooie plekken heeft Fred vastgelegd, maar nooit was het naar zijn idee goed genoeg en verkopen deed hij al helemaal niet. Gelukkig heeft zijn jongste zoon het plan, om een keer een tentoonstelling te organiseren van het werk van zijn vader.
Een paar weken terug waren we op bezoek bij vrienden in Duitsland. We hadden een appartementje gehuurd in Deideshem. Deideshem ligt midden in het gebied dat ‘Weinstraße’ heet. Het wemelt daar dan ook van de wijnhuizen en dorpjes met een Winzerverein. Heerlijk om daar inkopen te doen natuurlijk. Daarnaast is het ook een mooi gebied om te wandelen. Zondagmiddag liepen we ook even de Katholieke kerk van Deidesheim binnen, de enige kerk die open was trouwens. Steenkoud binnen, maar wel een deur met een prachtig papier. Zo is het maar net, zo gaan we ook het jaar uit en een nieuw jaar in. We weten ons gezegend door de Heer van hemel en aarde.
De laatste zaterdag van oktober waren we in de provincie Groningen. Schoonzoon had een afspraak gemaakt bij kunstschilder 


Al dat graffiti gedoe leverde waarschijnlijk wel op dat Harm voorliefde had voor mooie letterontwerpen. Dat laatste zit misschien wel een beetje in de genen van onze tak van de Wimmenhoves. Mijn vader leerde ooit op de landbouwschool, meer zat er helaas niet in voor hem, prachtig schoonschrijven. Later mocht hij de diploma’s schrijven voor zijn voormalige opleiding. Een hele zaterdagmiddag zat hij dan aan zijn bureau en kalligrafeerde voor aanstaande boeren hun diploma. Ook de kerk deed een beroep op hem als getrouwd werd. Een mooi blad voor een huwelijksbijbel gaf elke keer weer een voldaan gevoel. Toen ik op de Pedagogische Academie schrijfles kreeg van de onvolprezen heer van Esch, was ik dan ook extra geïnteresseerd in kalligraferen. De liefde voor mooie letters had Harm dus niet van een vreemde. In één van zijn aantekenboekjes staat een hele bladzijde vol met ontwerpjes voor ‘strafwerk’. Of dat een serieuze opdracht is geweest van het festival StrafWerk, geen idee. Maar het laat wel zien hoe creatief hij was op dit gebied. Mocht iemand van zijn vrienden ergens nog een ‘dwarf-tag’ tegenkomen, ik houd me aanbevolen.
Een tag (ook wel scribble genaamd) is een gestileerde handtekening of symbool van een graffitischrijver, over het algemeen in 1 kleur. Tagging is de meest basale, simpele vorm van graffitischrijven en ook de meest voorkomende. Sommige tags bevatten cryptische boodschappen of informatie over de schrijver zoals zijn of haar eigen naam en initialen van zijn of haar crew. (bron wikpedia, het woord tag kent trouwens meer dan 20 betekenissen.
ventje en al gauw werd zijn bijnaam een soort geuzennaam. In het begin zal het allemaal nog onschuldig zijn geweest, totdat we op een dag werden gebeld door de spoorwegpolitie. De sufferd had onderweg naar Amersfoort hier en daar op eigendommen van de NS zijn ’tag’ achtergelaten. Uiteindelijk werd hij ‘veroordeeld’ tot bureau HALT (Het Alternatief). Gelukkig kwam er geen rekening van de schoonmaakkosten, maar Harm moest een aantal dagen voor straf werken bij de Makro.
Het kwam allemaal weer boven toen we afgelopen zaterdag voor een week werden uitgenodigd om de vijftigste verjaardag van een vriendin te vieren. Ze had een bijzondere locatie uitgekozen, het 


Anders Leven zou wel het thema van de IDFA kunnen zijn. Ruim 200 films geven een inkijk in onze samenleving. Hoe gaan we om met ouderen, de gevolgen van onderdrukking en verkrachting van de rechtstaat in Rusland, hoe gaan we om met de natuur, wat doet een goede leraar? De lijst zou ik nog veel langer kunnen maken, maar kijk gerust eens op de site van de IDFA. Deze weken zijn er gelukkig ook verschillende documentaires op tv te zien. En veel van wat ik zie deze dagen, kom je ook tegen aan gedachten in het boek van Manu Keirse.