Categorie: politiek

Hoe Humboldt de rassenonlusten ‘voorspelde’, en dat voor 15 €

De ‘plaatselijke’ boekhandel’ heeft  het zwaar. Inmiddels wel weer wat meer open, maar toch nog steeds beperkt en waarschijnlijk minder klanten dan voor de crisis. Hopelijk gaan de klanten gemiddeld met meer aankopen naar huis, maar daar heb ik geen onderzoek naar gedaan.  Toen ik een aantal weken geleden een besteld boek ophaalde (Stanly Hauerwas over de deugden) voelde ik me vrij genoeg om toch even rond te snuffelen, ondanks een rij wachtenden op het trottoir van de Middenweg. Bij de kleine afdeling biografieën zag ik opeens een stapel boeken met een grote groene sticker liggen, verleidelijk lag het me aan te ‘staren’. Advies; altijd even rondsnuffelen, ook al kom je gewoon iets afhalen!

Bij de OBA duurde het weken voordat ik het boek een keer kon afhalen. Op het congres over christelijke pers, oktober vorig jaar, had Robert mij geattendeerd op de biografie over Alexander von Humboldt. “Moet je lezen, een indrukwekkend verhaal!”, zei hij. Thuis moest ik eerst even graven in mijn geheugen hoe die man nu ook al weer heette, maar gelukkig had ik het in de kantlijn van mijn aantekeningen toch ergens neergekrabbeld. Na wat zoeken bleek de centrale bibliotheek een exemplaar in huis te hebben. Helaas kwam ik maar tot hoofdstuk 3 en toen moest ik hem alweer inleveren en bleek iemand anders hem al gereserveerd te hebben; verlengen was er dus niet bij. Ik werd dus blij van de rode sticker schuin boven het hoofd van Alexander von Humboldt. Want ik moet achteraf eerlijk bekennen, voor die Apeldoornse ontmoeting had ik nog nooit van deze bijzondere man gehoord. Misschien ooit eens in een noot of bij 2 voor 12, maar inmiddels stond en staat Humboldt in mijn geheugen gegrift.

Friedrich Heinrich Alexander Freiherr von Humboldt (Berlijn, 14 september 1769 – aldaar, 6 mei 1859) was een Pruisische natuurvorser en ontdekkingsreiziger. Humboldt deed onderzoek in Midden- en Zuid-Amerika en gaf een uitvoerige beschrijving van het fysische heelal. Hij was de jongere broer van Wilhelm von Humboldt. Volgens de Britse natuuronderzoeker Charles Darwin (1809-1882) was Humboldt de belangrijkste wetenschappelijke reiziger aller tijden.”

Selbstporträt im Spiegel (1814)

Zo begint de Nederlandse Wikipediapagina over Humboldt, waarna een zeer uitgebreide verhandeling over zijn leven volgt. Wanneer je de veel uitgebreidere Duitse Wikipediapagina vervolgens bezoekt, bevat die 8 forse hoofdstukken, onderverdeeld in vele paragrafen. Een goede inleiding trouwens op de prachtige biografie die Andrea Wulf heeft geschreven (in haar boek laat ze het von ook weg). In een goed te volgen interview op de ARD vertelt ze waarom ze deze biografie over Humboldt heeft geschreven. In Zuid en ook Noord-Amerika is Humboldt nog steeds bekend als een groot geleerde, ontdekkingsreiziger en natuuronderzoeker. Al lezend val je van de ene verbazing in de andere. Wulf start het verhaal over Humboldt bij de beklimming van een dode vulkaan in het Andesgebergte, de Chimborazo in het huidige Ecuador. Een adembenemende samen met de Franse geleerde Aimé Bonpland in 1802, zonder allerlei hulpmiddelen die bergbeklimmers tegenwoordig tot hun beschikking hebben. Na die boeiende proloog vertelt de schrijfster over de jeugd van Alexander en zijn eerste stappen in de wetenschap, zijn ontmoetingen en lange gesprekken met Goethe en zijn verlangen om de wereld te gaan bereizen en zoveel mogelijk verbanden te ontdekken. In die tijd, eind 18e eeuw was Europa heel wat anders dan in het jaar 2020. Reizen moest te voet, per paard of met de koets en met zeilschepen. Oorlogen, onlusten, besmettelijke ziekten; gevaar lag overal op de loer. Toch vertrekt Humboldt na verschillende vergeefse pogingen, met een flink gevolg vanuit Spanje op expeditie naar Zuid-Amerika.
Na die reis, die een paar jaar in beslag had genomen, gaat hij terug naar Europa, maar met een flinke omweg. In Noord-Amerika wil hij de president van de Noordelijke Staten ontmoeten, Thomas Jefferson. De ontmoeting met ‘founding father’ Jefferson wordt een groot succes en levert veel contacten en vriendschappen op. Eenmaal terug in Europa, gaat hij lezingen geven over zijn ontdekkingsreis en publiceert verschillende boeken.

De spectaculaire 60 bij 90 centimeter grote afbeelding van von Humboldts ‘Naturgemälde’, die deel uitmaakte van zijn ‘Ideen zu einer Geographie der Pflanzen’. Met de volgende link kun je deze kaart prachtig uit vergroten.

Mijn blog zou veel te lang worden om ook maar een beetje een beeld te geven van deze bijzondere geleerde. Maar één van de dingen die mij opvielen was zijn verzet tegen de slavernij. Hij zag in Zuid-Amerika de uitwassen daarvan door de Spanjaarden. In zijn publicaties over zijn reis steekt hij dan ook niet onder stoelen of banken dat hij tegen het toenmalige kolonialisme is. Voor die tijd heel ongewoon, alhoewel er in Engeland al verschillende protesten tegen slavernij waren geweest. Humboldt nam het zelf waar; uitbuiting en ook de foute houding van de kerk (hij ontmoette veel missionarissen op zijn reis). Wanneer hij bij president Jefferson op bezoek is, zegt hij duidelijk dat hij tegen slavernij is. Voor Humboldt zijn alle mensen gelijk. Hij wil niet weten van ‘wilden’. Volgens hem zijn de bewoners van de regenwouden of de steppes net zo bijzonder als ieder ander en hebben ze zoveel kennis over de natuur en de wereld waarin ze wonen, dat we dat moeten waarderen en ze als gelijken moeten behandelen. In zijn boeken legt hij uit dat uitbuiting van de aarde en van mensen, ontzettend contraproductief werkt. Ver voordat de slavernij overal werd afgeschaft verzette hij zich tegen deze onmenselijke uitwassen. Vaak werd hem dat niet in dank afgenomen, maar door zijn vernieuwende inzichten op zoveel wetenschappelijke gebieden kon hij het zich permitteren om niet zijn mond te houden.
Verschillende keren heeft Humboldt geprobeerd om een reis naar India te maken, hij wilde zo graag de Himalaya zien en onderzoeken en vergelijken met de bergen in Europa en met de Andes. De machtige Engelse Oost-Indische Compagnie hield het echter tegen, bang als ze waarschijnlijk waren dat Humboldt zich dan zou uitlaten over koloniale uitbuiting.
Al lezend bedenk je bij jezelf; wat zou er gebeurd zijn wanneer de Spaanse koning en ook president Jefferson werkelijk geluisterd hadden? Dat had waarschijnlijk vele duizenden scheepsladingen slaven vanuit Afrika naar Amerika gescheeld. Wat zou de wereld er dan anders uitgezien hebben. Op zijn reis naar het noorden deed hij Cuba aan en schreef  een politiek essay en zegt daar onder andere: “Slavernij is ongetwijfeld het grootste kwaad dat de mensheid heeft gekweld, of je nu de slaaf ziet als hij thuis uit zijn land en familie wordt weggevoerd en in het ruim van een schip wordt gegooid, een voertuig dat is ontworpen voor de negerhandel….” 
Men weigerde dit essay in eerste instantie uit te geven. In latere geschriften komt hij er weer op terug en zegt luid en duidelijk dat de Europese landen door hun houding haat gezaaid hebben tussen bevolkingsgroepen en dat dat gevolgen heeft voor de vrijheidsstrijd in de verschillende koloniën. Opmerkelijk is dat op de Nederlandse Wikipediapagina over Humboldt helemaal niets over zijn verzet tegen de slavernij wordt verteld. Op de Duitse pagina zijn er een paar duidelijke paragrafen over geschreven. Ook heb ik mijn  encyclopedie uit  1866 er maar even op nageslagen. [Algemene Nederlandsche Encyclopedie voor den beschaafden stand, 8e deel, pg 84/85; ik denk dat mijn vader hem ooit heeft gekocht (inclusief kast) op de Waterlooplein-markt.] In deze encyclopedie geen woord over Humboldts kritiek op de slavernij en uitbuitend kolonialisme.

verzameld werk

Ruim 200 jaar geleden signaleerde deze geleerde dus al de verschrikkelijke misstanden van slavernij en onderdrukking van inheemse volken.  Ook de geschiedenis van ons land is wat dat betreft donker en duister. Het Nederlandse kolonialisme op de eilanden die nu Indonesië heten, heeft onnoemelijk veel ellende veroorzaakt. En tot op de dag van vandaag is de Molukse kwestie en alles wat daar bij hoort niet goed opgelost, evenals de kwestie Irian Jaya. En de huidige toestand in Suriname is feitelijk terug te leiden op het feit dat dit land is gekolonialiseerd door onze voorouders. Maar ook het racisme wat er vandaag in onze samenleving is, in wat voor vorm ook, mee ontstaan door ons koloniale verleden.
De actualiteit van vandaag, de coronacrisis, onlusten in de VS en ook de klimaatcrisis door de opwarming van de aarde; je kunt het zien aankomen als je leest over het leven en werk van Humboldt, hij waarschuwde er voor. In deze biografie, die leest als een trein trouwens, leer je veel over deze bijzondere en erudiete geleerde. Hij schreef veel, praatte blijkbaar ontzettend snel, gaf colleges en vergaarde kennis bij vele collega’s en maakte daar weer een geheel van. Hij probeerde verbanden tussen alles te zien. In Parijs had hij Simon Bolivar leren kennen en zette deze er mee toe aan om in zijn vaderland op te komen voor de vrijheid. Bolivar las later met grote instemming Humboldts boeken en correspondeerde met hem. Ook Charles Darwin voelde zich geïnspireerd door Humboldt en spelde zijn boeken toen hij mee mocht op de Beagle-expeditie. Humboldt stierf op bijna 90-jarige leeftijd, wat voor die tijd uitzonderlijk is. De titel van het boek is dan ook uitstekend getroffen: ‘De uitvinder van de natuur’. En voor die vijftien euro hoef je het niet te laten.

Toen ik het OBA-exemplaar weer moest inleveren zocht ik in mijn boekenkast op de plank ‘ongelezen’ naar iets anders. Vorig jaar had ik van mijn oudste dochter voor Vaderdag de autobiografie van Michelle Obama gekregen. En soms zijn er van die boeken, die gewoon even blijven liggen. Maar eenmaal begonnen, liet het mij niet meer los. Zij laat in haar verhaal zo goed zien wat het betekent om van slaven af te stammen en echt van jongs af aan op te groeien in een blanke wereld. Tegelijkertijd laat ze ook zien wat je in zo’n situatie kunt doen. Haar man, oud-president Barack Obama, heeft inmiddels een paar keer van zich laten horen. Hij roept op tot hervormingen bij de politieorganisatie, iets waarvoor hij ook tijdens zijn presidentschap hard voor heeft gevochten.
De voorkant van het boek ziet er misschien wat soft uit, maar de inhoud is bepaald niet soft. De voormalig ‘first lady’ vertelt op een eerlijke manier over de ups en downs in haar leven en de ongelooflijk bizarre druk van het wonen in het Witte Huis. ‘Black lives matter’; Humboldt zei het in wat andere bewoordingen, Michelle Obama zegt het hem ruim twee honderd jaar na. En gisteren, vandaag en morgen staan de pleinen vol met mensen die het hardop mee zeggen. ‘Mijn verhaal’ is een verhaal van hoop en van doorzetten. Het is een hart onder de riem van mensen die zich vernederd en aan de kant gezet voelen en voor hen die dat gevoel niet kennen geeft het een mooie inkijk in een prachtige zwarte ziel! Je zou wensen dat Michelle op een dag een roeping krijgt om zich kandidaat te stellen voor het presidentschap.

PS    Al surfend kom ik erachter dat ik op SAIL Amsterdam langs de Alexander von Humboldt II ben gelopen. Wat zegt dat over mijn geheugen…? Het was in 2015 denk ik, maar dat ga ik nazoeken. Een prachtig schip met groene zeilen, nummer I doet tegenwoordig dienst in de haven van Bremen als restaurant en hotel. Nummer II is een opleidingsschip, met dus een eerbiedwaardige naam.

“De geheugenlozen”, wat de geschiedenis leert

Afgelopen week een voorpagina van Het Parool. Een verontrustend verhaal, het wordt gewoon om ‘Jood’ als scheldwoord te gebruiken. Het is één van de symptomen van een verruwing en verrechtsing in de wereld om ons heen. En bij de start van de veertigdagentijd is er alom verontwaardiging over een carnavalsoptocht in het Belgische Aalst, waar zogenaamd de draak wordt gestoken met ‘antisemitisme’. Hoe kan het toch dat mensen niet geleerd hebben van de afschuwelijke gebeurtenissen van voor en in de Tweede Wereldoorlog? Waarom kijken ook zoveel mensen de andere kant op? Waarom nemen grote partijen in het politieke landschap als VVD en CDA niet op een heel duidelijke manier afstand van de politieke partij van Baudet? Terwijl de laatste duidelijk aanschurkt tegen extreem rechtse denkers en schrijvers en trouwens ook in zijn uitlatingen niet schuwt om bepaalde bevolkingsgroepen als minderwaardig weg te zetten.

In de plaatselijke boekhandel, waar ik ‘uit principe’ geen boeken koop (omdat ik de echte boekhandel wil steunen), snuffel ik regelmatig toch even tussen de pas verschenen boeken. De collectie van deze keten is echter wel beperkt en dat is ook terug te zien in de wekelijkse top 10 die gepresenteerd wordt. Anderhalve week geleden stonden er op de nummers één, twee en drie, boeken over het leven in de Duitse vernietigingskampen. Wel gek dat afgelopen zaterdag Rutger Bregman weer op één stond, maar dat terzijde. Ik vond het nogal ironisch, op één het boek van Eddy de Wind waar pas na 75 jaar echt belangstelling voor is. In 1946 verscheen het in een kleine oplage en was er geen belangstelling voor dit soort verhalen. En voor het boek op twee, geldt ongeveer hetzelfde, Selma van de Perre heeft pas op hoge leeftijd haar belevenissen opgetekend. Na al die concentratiekampliteratuur is het nog ironischer dat op de vierde plaats “De meeste mensen deugen” staat. Het rijmt niet met elkaar, als echt de meeste mensen zouden deugen, dan had toch niet kunnen gebeuren wat er in Auschwitz-Birkenau, Ravensbrück, Dachau, Buchenwald, Theresienstadt en in nog vele andere kampen is gebeurd. Na 75 jaar is er wel een bibliotheek volgeschreven over de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog en nog zijn niet alle vragen beantwoord en zullen er ook de komende jaren nog meer boeken verschijnen.

De voorpagina van Het Parool en de non-fictie top 10, kwamen voorbij toen ik “De geheugenlozen” (Die Gedächtnislosen / Les amnésiques)  aan het lezen was. Ik kreeg het mee van mijn Amersfoortse zus, die geeft wel vaker goede tips. Na wat zoeken op internet kwam ik het volgende tegen, in het Duits, maar goed te volgen:
“SPIEGEL ONLINE: Frau Schwarz, in Ihrem Buch rekonstruieren Sie den Krieg und die Nachkriegszeit anhand Ihrer deutsch-französischen Familiengeschichte. Warum ist Ihnen so wichtig, Schuld individuell zu verhandeln? 
Schwarz: Ich denke, dass man Geschichte und Erinnerung nicht trennen kann. Über die “kleine Geschichte”, die Art, wie sich ein einzelner Mensch im “Dritten Reich” und nach dem Krieg verhalten hat, lässt sich die “große Geschichte” besser verstehen, und umgekehrt. Weil man sich identifizieren kann, vor allem, wenn dieser Mensch ein Mitläufer war, wie mein deutscher Großvater, und keine große Nummer – kein Göring, kein Mengele. Mit denen kann sich niemand identifizieren. Aber aus Konformismus oder Opportunismus in die NSDAP eingetreten zu sein, sich ein bisschen bereichert zu haben, eine Firma arisiert zu haben und so allmählich zum Komplizen eines verbrecherischen Staates geworden zu sein – das kann man sich vorstellen. Auch dass sich ein solches Verhalten in einem anderen Kontext heute wiederholen könnte.”

Aan de hand van haar familiegeschiedenis schets de Frans-Duitse schrijfster Géraldine Schwartz de opkomst van  Adolf Hitler en het nazisme en hoe na de Tweede Wereldoorlog in verschillende landen werd gereageerd op alle afschuwelijke misdaden die uit naam van het Derde Rijk waren geleegd. En steeds weer komt de vraag om de hoek, waarom werden zoveel mensen meelopers? Doordat de schrijfster de verhalen over haar Duitse en Franse grootouders onderdeel van het verhaal laat worden, wordt je als vanzelf meegezogen in het grotere verhaal. Schwarz vraagt zich af waarom haar opa voor de oorlog in Mannheim een bedrijf kocht van Joodse eigenaren. Het was in de tijd dat Hitler, met zijn regering, de hele Duitse samenleving liet arisieren. Zo kwamen veel Duisters op een spotgoedkope manier in het bezit van Joodse winkels, bedrijven en later ook allerlei persoonlijke bezittingen.
Eind 2019 las ik het boeiende verhaal van Hella en Sandra Rottenberg over hun opa Isay. Deze ondernemende Amsterdammer kocht in 1932 een sigarenfabriek in de buurt van Dresden. In de jaren erna wordt van alle kanten geprobeerd om de Jood Rottenberg weg te werken, uiteindelijk belandt hij zelfs in de gevangenis en wordt zijn sigarenfabriek geariseerd, platweg afgepakt.
Bij de opa van Géraldine Schwartz ging het dus net andersom, na de oorlog werd hij dan ook gedwongen om de enige overgebleven eigenaar die uiteindelijk in de VS terecht was gekomen, alsnog schadeloos te stellen. Schwartz probeert vanuit dat verhaal te weten te komen waarom de Duitsers ‘meelopers’ werden. En wat haar boek zo aantrekkelijk maakt is dat ze ook naar het grotere politieke verhaal kijkt. Hoe reageerde de politiek nadat Duitsland tot op de rand van de afgrond was vernietigd door de geallieerden. Ze maakt op een heldere manier inzichtelijk dat het een geleidelijk proces is geweest en dat het ongelooflijk veel pijn en moeite kostte aan de leiders van het naoorlogse Duitsland om in het reine te komen met het verleden.
Vervolgens beschrijft Schwarz ook hoe het in Frankrijk is verlopen nadat de Duitsers daar het hele noorden in bezit hadden genomen en toestonden dat vanuit Vichy het zuiden werd bestuurd onder leiding van maarschalk Pétain. Ook hier weet ze op een heldere manier de lijnen door te trekken naar vandaag. Ze laat niet na aan te wijzen waar de populisten van vandaag hun oorsprong hebben, waar ze zich op beroepen en waar de ideeën van rechts-nationalisten toe leiden.

Niet mis te verstaan is het, voor de Nederlandse vertaling toegevoegde hoofdstuk over de opstelling van Nederlanders in de oorlog. Ook in dit hoofdstuk neemt ze weer scherp waar en heeft ze zich uitstekend verdiept in hoe ons land omging met de wegvoering van meer dan 100.000 Joodse landgenoten. Haar constatering dat Nederland tot op heden nog nooit officieel excuses heeft gemaakt voor wat de staat heeft verzuimd in die tijd, is inmiddels door de excuses van premier Rutte, gelukkig achterhaald. Maar haar constateringen over het wegkijken en ook meelopen zijn helder en uitermate relevant. Verschillende keren heb ik in het museum van de ‘Hollandse Schouwburg’ uitleg gegeven bij de plattegrond van Amsterdam, waarop is aangegeven waar Joden woonden. Een kaart met veel overgave gemaakt, door gewone ambtenaren op het stadhuis, voor de Duitse bezetter. En de constatering van Schwartz klopt; er wordt geen uitvoerige uitleg bij gegeven; hoe gek dit is en waarom ambtenaren gewoon deden wat hun werd opgedragen. Het confronteert de lezer met de vraag, wat hij zelf zou hebben gedaan; meelopen, wegkijken, saboteren of je baan opgeven? En waarom kwam er vanuit Londen niet een duidelijke richtlijn? Waarom niet opgeroepen om waar mogelijk Joden te helpen? Het zijn terechte vragen, juist waar ze gesteld worden door een buitenstaander met een ongelooflijke hoeveelheid kennis van zaken.
“De geheugenlozen” is een boeiend relaas. Wanneer je wel eens nadenkt over politieke standpunten van PVV en FvD, als je geïnteresseerd bent in de geschiedenis van Nederland en Europa in en na de Tweede Wereldoorlog, pak dit boek en lees.

 Enkele citaten

“(…) en toen de bezittende klasse doorkreeg dat Hitler de sociale orde niet omver zou werpen, steunde ze hem zonder aarzelen. Wat toegang tot (hoger) onderwijs betreft ondernam het regime niets om de sociale reproductie te doorbreken, en in de bedrijven bevoorrechtte het de werkgevers ten nadele van de werknemers: cao-regelingen, contractvrijheid en stakingsrecht werden afgeschaft, terwijl de vakbonden kapotgemaakt, hun bezittingen in beslag genomen en hun leiders gevangengenomen werden, (…) .” (113-114).

“Door te geloven dat toegeven bij kleine dingen geen gevolgen heeft. Uiteindelijk wordt het een opeenstapeling, kleinigheid op kleinigheid, compromis op compromis. Je komt op een kruising tussen goed en kwaad te staan. Je aanvaardt, je aanvaardt. Je wijkt voor jezelf. Je vergeet de mens die je bent geweest, de mens die je zou moeten zijn. Je houdt jezelf voor een toeschouwer te zijn, terwijl je allang hoofdrolspeler bent. En als vanzelf aanvaard je het onherstelbare.” (282).

“(…) Thierry Baudet maakt gebruik van de klassieke retoriek van de populisten van vroeger en vandaag: hij zwaait met de dreiging van de ondergang van het land, jut de kiezers op tegen de journalisten, de academici, de traditionele politici, de Europese Unie en de klassieke zondebokken: de immigranten. (…) Achter de façade is de toon chagrijnig, vrouwenhatend, racistisch.” (420-421).  [In dit verband had ze er ook nog op kunnen wijzen dat de Baudet inmiddels zijn pijlen ook richt op de rechterlijke macht.]

PS Het blijft wel bijzonder; een poosje rondstruinen op het internet en je vindt dit boek in het Duits en het Frans. Waarom is de voorkant veranderd voor de Nederlandse editie? Het lijkt er echt op dat aan die andere edities veel meer aandacht is besteed aan de cover.

Oproep om te blijven

“Maar Ajax hield stand, op deze wonderlijke en ook melancholische trip, het feest dat nog maar een paar wedstrijden duurt alvorens het elftal uit elkaar zal vallen. Willem II in de bekerfinale, Spurs thuis, FC Utrecht en De Graafschap in de competitie. En dan, misschien, de apotheose, op 1 juni in Madrid. De finale van de Champions League. Tot dan tikt klokwerk Ajax door.” (Willem Vissers op 1 mei in de Volkskrant)

Het was weer genieten dinsdagavond, Ajax speelde deze keer in Londen. De vorige keer dat het een Europese wedstrijd speelde was op de avond dat we hier het huisconcert hadden; ‘Volk om een vreemd verhaal’. Toen de muzikanten hun spullen hadden gepakt, had buurman Aland al even stiekem op zijn telefoon gekeken wat de stand was, “1 -1!” Even later volgden we met een groepje buren ingespannen het laatste kwartier van Juventes – Ajax. Gevatte commentaren vlogen door de kamer, maar de ‘godenzonen’ trokken zich er niets van aan en wonnen met wonderschoon voetbal.
Na zo’n prachtige wedstrijd is het leuk om de commentaren in de dagbladen even door te snuffelen. Willem Vissers van de Volkskrant sla ik dan niet over, in prachtige bloemrijke taal weet hij de emoties van de wedstrijd weer boven te halen. Maar zoals ook andere voetbalcommentatoren, gaat ook Vissers er van uit dat het huidige elftal (er staan 30 spelers op de lijst trouwens, bron Wikipedia), zal bezwijken voor het ‘grote geld’. En het gekke is dat niemand daar ingewikkeld of moeilijk over doet. Nergens heb ik een paginagroot artikel gezien, of een voetbalprogramma op tv voorbij zien komen, waarin er voor gepleit wordt om de huidige spelers de komende jaren in Amsterdam te houden. Werkbare oplossingen om de ‘voetbalslavernij’ terug te dringen, ik kom ze nog niet tegen. De huidige ‘selectie’ bestaat uit 16 allochtonen en 14 autochtonen. De laatste zijn dus zelfs een minderheid. De 16 niet in Nederland geboren spelers, komen trouwens voor de helft niet uit Europa, het zijn gastarbeiders uit Kameroen, Marokko, Argentinië, Brazilië en Burkina Faso. Ook over dat gegeven hoor ik nauwelijks iemand klagen. Terwijl er in Amsterdam honderden jongens uit vooral Afrika rondzwerven zonder een officiële status, stromen bij deze gastarbeiders/voetbalslaven de miljoenen binnen en hoeven ze zich geen enkele zorgen te maken over hun status. De laatsten zijn dan wel begiftigd met een bijzonder voetbaltalent, maar vreemd blijft het naar mijn idee. De kenners en betweters zullen natuurlijk argumenteren dat het een kwestie van vraag en aanbod is, ieders persoonlijke keus toch? Wanneer Matthijs van Nieuwkerk niet genoeg betaald krijgt, is men bang dat hij vertrekt naar de ‘commerciëlen’ zegt het radiojournaal. Net alsof van Nieuwkerk dat zou willen. Die wil toch helemaal niet aan de slag bij RTL of SBS6? Hij heeft vast al een mooie auto, een leuk pandje aan de grachten voor de doordeweeks en een rustieke boerderij in de Achterhoek; genoeg is toch genoeg?
Naar mijn idee mogen er best een paar voetballers van buiten worden aangetrokken, maar beperk dat. Een quotum van vijf op de hele selectie? En per wedstrijd niet meer dan twee of drie ‘buitenlanders’ in de basis? Zouden we dat niet kunnen regelen voor alle Europese voetballanden? Een beetje eigenheid is zo gek toch niet? Dat zal ook een flink stuk oneerlijke concurrentie tussen de grotere clubs terugdringen. Gaat dat laatste niet lukken, dan zou het ook gewoon verboden kunnen worden. In een vertegenwoordigend team van een Nederlandse club, alleen spelers opstellen met een Nederlands paspoort. Kijk, dan is het ook niet meer interessant voor een Arabische sjeik, een Russische oliemiljonair of een Chinese ceo om in Europa een voetbalclub te kopen. Dan ontstaat er een veel eerlijker concurrentie tussen topclubs, opleiding en een goede training worden dan veel meer bepalend wie uiteindelijk de sterkste is. Waarom moet een voetballer van net twintig bij een Spaanse club zeventien en een half miljoen gaan verdienen? Een Zuid-Afrikaanse atlete moet medicijnen gaan slikken omdat haar lichaam toevallig teveel testosteron aanmaakt; ‘oneerlijke concurrentie’ bepalen machtige sport-bobo’s. Caster Semenya wordt hierdoor op een bizarre manier gediscrimineerd, maar het gebeurt wel en haar collega’s vertikken het bijna allemaal om te protesteren. Maar de strijd tussen Ajax en andere topclubs is wel degelijk een zaak van oneerlijk concurrentie en niet een gegeven waar niets aan te doen is. Het is toch gewoon oneerlijke concurrentie als een club in Spanje honderden miljoenen in kas heeft terwijl een club in België of Nederland het met een fractie daarvan moet doen?

Wanneer het niet lukt om genoemde regels aan te passen, zouden we natuurlijk ook gewoon een beroep op de huidige spelers kunnen doen om te blijven. Ze horen nu al bij een topclub, waarom zou je dan willen veranderen? Waarom zouden Matthijs, Dani, Jurgen, Donny en Noa, om maar wat namen te noemen, weg moeten en hun heil zoeken bij een miljoenenclub in Duitsland, Engeland of Spanje? Hoeveel van die vertrekkende voetballers zijn door de jaren heen niet verdwenen in de anonimiteit en heimwee; ondanks de bakken met geld die ze verdienden? Gewoon een boerderijtje kopen in de Achterhoek of een leuk grachtenpandje en de rest geef je weg aan een goed doel. Een ontspannen vakantie naar Manchester, Madrid of Liverpool kunen ze met hun Ajax-salaris toch makkelijk betalen?

voormalig stadion ‘de Meer’ aan de Middenweg

Toen Harm nog in een fietszitje voor op de fiets kon, fietste ik wel eens met hem langs de Middenweg. Op een dag was Ajax op het veld voor stadion “de Meer” aan het trainen onder leiding van Aad de Mos. Later konden we in ieder geval vertellen dat we Johan Cruijff nog hadden zien trainen, alhoewel Harm zich dat helaas niet kon herinneren, najaar 1983 denk ik. Niet veel later verdween Cruijff naar Feyenoord vanwege het geld, ook toen speelde dat al een rol. Verlosser Cruijff was sowieso in die tijd geen beste boekhouder en lang werd zijn gang naar Rotterdam als hoogverraad bestempeld. Waarom is het dan geen verraad als nu een speler vertrekt naar een concurrerende club? Helaas is de commercie en het grootverdienen te ver doorgeslagen en Amsterdamse supporters kunnen daar weinig aan doen, nou ja een boycot misschien?

Bij de jaarwisseling 2018 – 2019

alleen al vanwege de cartoons is een abonnement op de krant een plezier

Door de jaren heen heb ik de gewoonte ontwikkeld om er een schrijfboek op na te houden. Mijn MOLESKINE gaat overal mee naar toe. Naar de kerk, een discussieavond in de Rode Hoed, een promotie in de VU en ook mee op vakantie natuurlijk. Wanneer ik terug blader is het dan ook een samenraapsel wat betreft aantekeningen. Heel zo nu en dan staat er een tekening tussen omdat ik wil onthouden hoe een en ander is gebouwd of in elkaar steekt. Zo heb ik een keer bij een dienst in de Noorderkerk aan de Prinsengracht de plattegrond van dat prachtige gebouw zitten tekenen. Mijn laatste aantekenboek begint op Oudejaarsdag 2016 en is, op enkele bladzijden na, volgeschreven. Wanneer ik begin te bladeren vanaf het begin van dit jaar, kom ik van alles tegen. Preken, lezingen en heel zo nu en dan wat aantekeningen over dagelijkse gebeurtenissen. Sollicitatiegesprekken met kandidaat dominees voor de Oosterparkkerk, maar ook een studieavond met Otto de Bruijne in de OPK. Ik kom een verslag tegen van een gesprek met de hoofdcommissaris. Na een mailtje werd ik keurig uitgenodigd op het hoofdbureau en konden we nog eens rustig van gedachten wisselen over het verschrikkelijke ongeluk van Harm. Goed om nog eens te praten en te delen met een medebroeder. Inmiddels is bekend dat Aalbersberg gaat vertrekken naar Den Haag en Het Parool interviewde hem een paar weken terug. Bij een vraag over God, verwees hij naar het gewone dagelijkse christen zijn en wees daarbij op de “Hoop voor Noord” van Jurjen ten Brinke. Daar wordt leven met Jezus in de dagelijkse praktijk toepast, gaf hij mee.
Er is veel om met plezier op terug te zien, zoals een geweldig avond in Veenendaal, waar een optreden was van ‘Sons of Korah’. ’s Middags hield de leider van de band, Matt Jacobi, een verhelderende voordracht over ‘wraakpsalmen’, een indrukwekkend exposé.  Ik kijk uit naar de vertaling van zijn boek over de Psalmen. Mijn aantekeningen vullen zich bladzijde na bladzijde en ik zie wanneer naar mijn idee een dominee er niet veel van gebakken heeft; dan kom ik nog niet tot een halve pagina. Franca Treur komt voorbij, zij hield een boeiende lezing die een inkijk gaf in het Reformatorische leven. Ds. Brouwer van Duivendrecht had haar uitgenodigd in het kader van de 400-jarige herdenking van de Synode van Dordrecht. Treffende uitspraak van de schrijfster: “Mooi dat ‘schuld’ een plek heeft in religie.” Met dat laatste bedoelde ze waarschijnlijk toch gewoon het ‘gereformeerde/reformatorische geloof’ lijkt me.

Maar wat nu? Alles overziend… Wat heeft 2018 ons gebracht? In mijn aantekenboek en ook in mijn Moleskine-agenda kom ik de schaduw herhaaldelijk tegen. In kleine korte aantekeningen en gebeurtenissen. Harms vrienden die aanschoven aan tafel, de hele procedure met het Hof rond artikel 12 en de gesprekken met de advocaat. Al dagen wilde ik een spetterend jaaroverzicht maken. Wat zou ik deze keer doen? Alle gelezen boeken op een rij? Of een paar gebeurtenissen breed uitgediept en becommentarieerd? Een verhaal over solliciteren en weten dat het niets oplevert? Het werd het één niet en het ook het ander niet. Ook terugbladerend in mijn blogs, ik vond het niet.

de krant van zaterdag

Maar opeens vanmorgen, na het boodschappen doen voor iets lekkers bij het glas wijn op Oudejaarsavond, verdiepte ik mij in de zaterdagbijlage van de krant. Toen wist ik het, mijn terugblik wordt een oproep. Een oproep om meer de krant te lezen. In een gezelschap durf ik er soms niet eens meer over te beginnen, mensen reageren dan besmuikt. Ach.. een abonnement is veel te duur, ach je leest het nieuws maar van één kant, hmmmm.. je hebt toch gewoon nu.nl? Allemaal waar; voor veel andere argumenten ook, valt best wat te zeggen. Maar toen ik vanmorgen weer een poosje zat te lezen, kwam er maar één gedachte in mij op; dit moeten mijn broers en zussen in de kerk lezen, dit moeten mijn buren lezen, dit moeten….. Het essay van hoofdredacteur Sjirk Kuiper was er eentje om in te lijsten, zo goed. En daarna las ik het interview met Marilynne Robinson, stilzettend en diepgravend!
Vaak is het gewoon even die dagelijkse bezinning, bladeren en een artikel hier en een stukje daar. Soms iets laten liggen voor het weekend of de namiddag. Even de computer aan de kant, geen telefoon, maar gewoon de krant. Papier dat ritselt, dat makkelijk scheurt, dat we vroeger gebruikten als wc-papier, intrigerend, maar ook scherp en fel en positiebepalend. Het kan aanzetten tot discussie en je durft weer te vragen; hé heb jij dat ook gelezen?
Ik wens u een gezegend 2019, met vooral veel kranten-leesplezier!

dr. Jan Koopmans een ‘rechtvaardige’

“Je moet de moed hebben om het goede te zeggen en te doen,
ook als je niet moedig bent.”

Dr. J. Koopmans in ‘Bijna te laat’

Een week geleden zette ik ‘de laatste Jan Brokken’ in de boekenkast. Het indrukwekkende verhaal over ‘consul’ Jan Zwartendijk in Litouwen, ik schreef er al eerder over. Het is een aaneenschakeling van zulke onwaarschijnlijk bijzondere gebeurtenissen, dat je het nauwelijks vanuit ons perspectief kunt begrijpen. De moed die mensen opbrachten om Joodse vluchtelingen te helpen zodat ze op die manier een gewisse dood in de gaskamers ontliepen… En dat op een moment dat er nog nauwelijks iets over de massavernietiging bekend was. Brokken laat goed uitkomen hoe bizar het was dat Zwartendijk er na de oorlog voor op zijn kop kreeg van het Ministerie. Plaatsvervangende schaamte bekruipt je als je leest hoe Zwartendijk daar onder gebukt ging. Gelukkig heeft Brokken na eindeloos speuren ontdekt dat duizenden Joden door Zwartendijk zijn gered! Postuum werd hij dan ook ‘een rechtvaardige onder de volken’.
Twee weken geleden las ik in de krant dat Sobibor-overlevende Selma Engel-Wijnberg (96) is overleden, deed me ook weer denken aan de frustraties van Jan Zwartendijk. Vorige week werd een documentaire over haar op tv nog een keer uitgezonden. Ook hier spatte het bizarre onrechtvaardige er van af. Toen zij na veel ontberingen en omzwervingen als ontsnapte uit Sobibor, uiteindelijk na de oorlog met haar Poolse man in Nederland kwam, was de ontvangst meer dan kil. Het had maar weinig gescheeld of ze waren teruggestuurd naar Polen. In 2010 kwamen er eindelijk excuses, te laat trouwens, volgens mevrouw Engel-Wijnberg.

Afgelopen donderdagmiddag promoveerde er aan de VU een gereformeerde dominee (C.C. den Hertog predikant van de samenwerkingsgemeente CGKV van Nijmegen). Ik kwam een berichtje erover tegen in het blad ‘Onderweg’ en noteerde de datum in mijn agenda; een promotie over dr. Jan Koopmans. Het was de naam van Jan Koopmans die mij triggerde. In de herdenkingsbundel van 25 jaar ‘dr. M.B. van ’t Veerschool’ zoek ik de bladzijde waar zijn naam staat. In augustus 1981 betrok de van ‘t Veerschool, waar ik toen drie jaar werkte, een ‘nieuw’ gebouw. Het oude gebouw tegenover voormalig station Sloterdijk schoof langzaam de bouwput van een nieuw kantoorgebouw in en wij moesten dus verkassen. Aan de Slotermeerlaan kwam het gebouw van de Hervormde Schoolvereniging vrij. De ‘dr. J. Koopmansschool’ had te weinig leerlingen en ging op de in ‘Noordmansschool’. De naam van de dr. Koopmans verdween en inmiddels is ook de naam van dr. M.B. van ’t Veer niet meer verbonden aan een school. Ze hadden gemeen dat ze beide stierven in WOII. Ik heb geen idee of hervormde en gereformeerde predikanten in die tijd enig contact hadden, ook al woonden en werkten ze beiden in Amsterdam. Beiden predikanten liggen trouwens begraven op Zorgvlied. Als leerkrachten hebben we ons in 1981 verder niet verdiept in Koopmans. Volgens de herdenkingsbundel is hij vanwege zijn verzet in de Tweede Wereldoorlog omgekomen. Dat laatste is niet helemaal juist, daarom aan het eind van mijn blog de juiste toedracht. Jaren later kwam ik in een bundel van de Belgische schrijver Geert van Istendael een mooie hommage aan Koopmans tegen. Van Istendael roemt het pamflet van Jan Koopmans dat deze aan het begin de bezetting schreef (november 1940) onder de titel “Bijna te laat”. Koopmans verzet zich daarin hevig tegen de maatregelen van de Duitse overheersers tegen de Joden en vooral ook tegen de Ariërverklaring. Als theoloog vindt hij dat de kerk hier zijn geluid moet laten horen. Als daar dan een dominee op gaat promoveren is dat interessant genoeg om op een koude donderdagmiddag naar de VU te fietsen.

Zoals dat gaat bij een promotie werd promovendus den Hertog flink onder vuur genomen. Den Hertog maakte duidelijk dat dr. Jan Koopmans uniek was binnen de kerken, waar het ging om zijn openlijke verzet tegen het nazisme, hij koos duidelijk positie. Dat laatste kwam voort uit zijn manier van theologisch denken; geen lijdelijkheid preken! Aan het eind van de bijeenkomst kon professor Ad de Bruijne nog net een afsluitende vraag stellen. “Zou de kerk vandaag niet meer publiek moeten spreken? Moet de kerk niet spreken over de actualiteit, bijvoorbeeld in de VS over de moraliteit bij de hoogste leider, in Hongarije over gekozen vertegenwoordigers die zich gaan gedragen als despoten en moet de kerk zich in Nederland niet uitspreken over onrecht aan minderjarige asielzoekers en het kerkasiel in de Bethelkerk in Den Haag?” In de vraag van de Bruijne lag het antwoord haast al opgesloten, zo ervoer ik dat als toeschouwer in ieder geval. Hoe zou den Hertog dit verbinden met het spreken van Jan Koopmans? Helaas kwam de pedel het antwoord met belgerinkel en ‘hora est’ al na twee zinnen onderbreken. Jammer, want nu zou het “Bijna te laat” actueel gemaakt kunnen worden. Maar misschien is daar in het slothoofdstuk van de dissertatie nog meer over te vinden.

Uit: “Bijna te laat”

Koopmans werd op 12 maart 1945, vlak voor de bevrijding, getroffen door een verdwaalde kogel. Op zijn onderduikadres aan de Stadhouderskade, vanwege zijn openlijke spreken en hulp aan Joden, stond hij te kijken naar wat er op het Weteringplantsoen gebeurde. Daar werden als represaille door de Duitsers 30 mensen standrechtelijk geëxecuteerd. Op het na de oorlog opgerichte monument staan de beroemde regels van de VN-medewerker en dichter H.M. van Randwijk: “Een volk dat voor tirannen zwicht, zal meer dan lijf en goed verliezen, dan dooft het licht.”
In het Parool zie ik dat vandaag de GVB met betrekking tot WOII hernieuwd in de aandacht staat: ‘Er heerste een wegkijkcultuur’. Maar vandaag dan? Hoe zit het met de 16.000 vluchtelingen op de Griekse eilanden waarvan het leven wordt verwoest?

PS  Deze blog schreef ik begin vorige week, maar het lukte niet om hem te publiceren. WordPress was opeens ge-update naar 5.0. Met geen mogelijkheid lukte het toen om teksten op te slaan. Nu maar via via de hele zaak teruggezet. Het zal de leeftijd zijn…. Die 5.0 lossen we later wel op.
Inmiddels is het Kerstavond en in het Oosterpark had onze kerk weer een ‘lichtjespad’ georganiseerd. Het Kerstverhaal heb ik in verschillende varianten mogen voorlezen. Toch maar expliciet er bij verteld dat de engelen in de velden van Efratha “vrede op aarde, voor mensen Hem liefhebben en die Hij lief heeft!’ zongen!

#EIGELAND – voor een kinderpardon dat wél werkt

In Nederland verblijven ongeveer 400 kinderen van migranten/ vluchtelingen die hier geboren zijn of langer dan vijf jaar wonen. Zij lopen bewezen psychologische schade op als zij uitgezet worden naar hun land van herkomst (of dat van hun ouders). Daarom: een Kinderpardon dat wél werkt.

Heel bijzonder is het wat Tim Hofman in een paar dagen voor elkaar kreeg. Inmiddels staat de teller van het aantal handtekeningen dat zijn petitie ondertekende op meer dan 200.000. Fantastisch, want ondertussen wordt er in een Haagse kerk sinds vorige week een estafette-kerkdienst gehouden. De Armeense familie Tamrazyan is daar min of meer ‘woonachtig’, nadat ze weken in de Katwijkse GKv-kerk hadden gebivakkeerd. Het trok wel min of meer aandacht, maar het bleef toch een beetje in de marge. Ook voor de drie kinderen uit het gezin Tamrazyan  zouden eigenlijk al lang een kinderpardon hebben moeten krijgen. Maar helaas, de staat volgde niet de rechter en ging steeds in hoger beroep. Een triest verhaal, maar gelukkig zitten ze voorlopig veilig; ‘kerkasiel’. Maar die andere 400? Onder de doem van een zogenaamd regeerakkoord gebeurt er niets, zelfs mijn eigen partij is gegijzeld.

Maar we kunnen niet blijven toekijken en daarom zijn er nog veel meer handtekeningen nodig. Tweehonderdduizend is mooi, maar Tim Hofman wil er wel vijfhonderdduizend. Ik zou zeggen: op naar de miljoen handtekeningen! Teken de petitie! Laten we met elkaar aan deze schaamteloze toestand een eind maken! Trouwens het is een kleine moeite om ook je vrienden en familie op te roepen om te tekenen.

Rechtvaardigen (2)

Het werd een interessante avond bij van Rossum. De prachtige boekhandel aan de Beethovenstraat zat stampvol. En alhoewel Jan Brokken beslist geen volleerd spreker is, boeide hij met zijn verhaal de aanwezigen. Geregeld ging er een instemmend gemompel op. Bijna anderhalf uur vertelde Brokken over zijn boek “De rechtvaardigen”. Hij opende zijn verhaal over de ontstaansgeschiedenis van het boek op een prachtige manier: “Sommige geschiedenissen dienen zich abrupt aan, maar laten zich niet gelijk vertellen…”. (In 1983 al kwam hij voor het eerst in aanraking met deze geschiedenis.) En later ook nog zo’n mooie uitspraak: “Alles van belang begint onverwacht, hoe reageer je dan?”
Het verhaal over Jan Zwartendijk, in 1940 plotseling benoemd tot consul in Litouwen, zet natuurlijk aan tot nadenken. Moeten we de lessen van deze geschiedenis als groep toepassen of moet je dat individueel doen? Het was Brokken gevraagd door een groep studenten geschiedenis. Ook daarop was het antwoord van de schrijver veelzeggend: “De lezer is slimmer dan de schrijver denkt, de lezer zal het aanvullen met zijn eigen verhaal en er naar gaan handelen!” Daarom ook heeft Jan Brokken geen lijnen getrokken naar de situatie van vandaag. De lezer kan dat zelf! Met grote nadruk vertelde Brokken dat alle Europese landen in 1938 al hun grenzen sloten voor Joodse vluchtelingen. Doet ons dat ergens aan denken? Litouwen was de enige uitzondering. Toch kon Brokken het niet laten om enigszins cryptisch drie lessen mee te geven aan de aandachtige hoorders:
1. De consuls in Litouwen, Zwartendijk voor Nederland en Sugihara voor Japan, begonnen op eigen houtje. Ze deden het gewoon, omdat ze vonden dat ze moreel verantwoordelijk waren om mensen in nood te redden.
2. Wat Jan Brokken ook leerde van deze geschiedenis; vluchtelingen vinden het verschrikkelijk om hun geboortegrond te verlaten. Niets liever willen ze als de situatie dat toelaat, later weer terug.
3. Elke keer als vluchtelingenstromen op gang komen, dat gold voor toen en dat geldt vandaag nog net zo, dan zijn overheden en het grootste deel van de burgers slecht geïnformeerd.
[Op dit moment is er een grote groep Zuid en Midden-Amerikanen op weg naar de grens met V.S. Luister maar eens goed wat de meeste Amerikanen en hun president daarover zeggen.]

Drie conclusie waar ik hartgrondig ‘amen’ op zeg. De lezing van Brokken sloot mooi aan op de film die ik dinsdagavond met een goede vriend zag. In ons rustige dorp Diemen is gelukkig een klein cultureel centrum, waar regelmatig uitstekende films worden gedraaid. Deze keer was het BlaKkKlansman, een film over een zwarte agent die in Colorado infiltreert bij de KKK (de Klu Klux Klan). Een waargebeurd verhaal dat zich in de jaren 70 van de vorige eeuw afspeelt. Hier worden trouwens wel lijnen naar vandaag getrokken. Aan het eind zien we beelden van  de aanslag in Charlottesville, waarbij een rechtsextremist inreed op een groep antifascistische betogers. Een jonge vrouw kwam om het leven. Daardoor heen zijn gedeeltes van de reactie van president Donald Trump op de aanslag, gemonteerd. Ook hier weer de eenling die zijn verantwoording neemt, zwarte politieagent Ron Stallworth. En ook hier zie je dat veel burgers slecht geïnformeerd zijn en al snel wegkijken.

Stef Blok, maak je borst maar nat!

Vanmorgen op Radio 1 een interessante discussie met Alex Brennikmeijer en cabaretier Patrick Nederkoorn. De laatste start binnenkort met zijn nieuwe theaterprogramma onder de intrigerende titel; ‘Ik betreur de ophef’. Natuurlijk kwam de affaire rond Stef Blok ter sprake. Beide sprekers waren van mening dat de minister van Binnenlandse Zaken, na zijn uitlatingen over integratie, veel te veel vast zit in het politieke machtsspel en spraakgebruik. Ook het hoofdartikel van mijn geliefde krant ging vanmorgen weer over de minister; zijn cynisme tast zijn geloofwaardigheid aan, was de conclusie.
Toch miste er iets in het hoofdartikel en daar legden Brenninkmeijer en Nederkoorn al een beetje de vinger de op. ‘Een beetje’ schrijf ik bewust, want het kan veel directer. Afgelopen zaterdag was John Jansen van Galen in het Parool veel explicieter. Hij riep Seegers en Pechtold op om minister Blok aan te vallen! Niet er om heen draaien, niet proberen de kool en de geit te sparen, maar gewoon eerlijk vertellen waar het verhaal van de minister mank gaat. Geef maar aan waar de ideeën van Stef Blok en de CU en D’66 uiteen lopen. Het zeer duidelijk Parool-artikel eindigt als volgt: “Ik zou zeggen: heren Pechtold en Segers, gord u aan, laat u niet door de oppositie van de wijs brengen, bestrijd de minister krachtig met open vizier, waarschuw hem dat hij van zijn opvattingen geen beleid moet maken en wens hem ten slotte meer wijsheid toe in zijn verdere politieke loopbaan.” Vooral de laatste zin is zeer terecht. De minister moet er van leren, zijn inzichten verdiepen en daarna rustig doorgaan met zijn werk.

Gisteren voegde de voorganger in onze Oosterparkkerk aan de hele discussie nog een Bijbels inzicht toe. Dominee Tim Vreugdenhil pakte er een verhaal uit Exodus bij. In het tweede hoofdstuk gaat het over de geboorte van Mozes, een Joods jongetje dat wordt geadopteerd door de dochter van de farao. Van deze geschiedenis kunnen we veel leren volgens Tim Vreugdenhil, omdat de Egyptische wereld van meer dan 3000 jaar geleden, veel lijkt op de onze. Niet alleen Stef Blok en andere politici kunnen leren van het Exodus verhaal, maar elke christen. Besef maar dat het moeilijk is om met andere mensen samen te leven, maar het moet wel! Het kan ook, dat leert het verhaal over de Egyptische prinses. Gewoon doen en steeds maar weer proberen het lijden van mensen die jij tegenkomt, een beetje minder maken. Ik hoop maar dat ook Seegers zich zo zal uiten, wanneer alle ophef in de bubbel van de Tweede Kamer weer losbreekt in september.
De preek van Tim is terug te luisteren op de OPK-site.  Het gaat om de preek van 19 augustus.

Het zal toch niet waar zijn…

Het was me het klusje wel, de tuin van onze Armeense vrienden ‘omhekken’! Je denkt het op een vroege zaterdagmorgen wel even te kunnen doen. Zo vroeg mogelijk, vanwege de warmte. En natuurlijk goed gereedschap erbij, zoals een benzine aangedreven grondboor en een drietal accuboormachines voor de verschillende gaten en schroeven. Niets was minder waar dan ‘het even lukken’; natuurlijk zou er wel wat in de grond zitten… maar zoveel stenen, wortels, stukken hout en rotzooi, brrrrrrrr…! Aangezien het steeds warmer werd, zijn we halverwege de middag gestopt, maandag is er weer een dag. Even afmaken, het ergste hebben we gehad, maar nee, genoeg nieuwe obstakels. Het werd al een beetje donker en en buurman kwam vragen of we nog lang na tienen zouden doorgaan; de boor veroorzaakte trillingen bij hem in de woonkamer.
Regelmatig klonk het: “het zal toch niet waar zijn, weer puin, weer een forse wortel, nee toch!” Het eindresultaat werd er gelukkig niet minder op. Dat we één paal uiteindelijk hebben vastgezet op een boomwortel; het is niet meer te zien. Dat de tuinklussers bij buurman A. het allemaal veel beter wisten, we hebben er ons niet aan gestoord. Dat er een paal verzet moest worden door hen, ach, het zal zo zijn. Wij zien het toch niet meer. Natuurlijk hebben we gefilosofeerd over het waarom van ‘omhekken’. In Armenië deden ze het vroeger nooit zei V., daar was een groot veld, met gemeenschappelijk activiteiten van alle buren. Maar tegenwoordig zetten daar de mensen ook een muur om hun tuin. Wij zetten hekken, waar je niet of nauwelijks door heen kunt kijken en we trekken ons terug op ons omhekte stukje tuin. Eigenlijk toch vreemd gedrag. Misschien toch een teken van deze tijd, dat we ons maar terug willen trekken op ons eigen veilige stukje grond, de boze buitenwereld buitensluiten.

Het zal toch niet waar zijn, ik heb het regelmatig gedacht bij het lezen van het laatste boek van Willem Middelkoop. “Patronen van bedrog”, met als ondertitel “Niets is wat het lijkt”. Stapje voor stapje maakt de schrijver duidelijk dat er naast een officiële regering en president in de VS, ook een soort Deep State- structuur bestaat. Een groep allerrijksten in de VS heeft daadwerkelijk zoveel macht en invloed, dat ze oorlogen kunnen uitlokken, regeringen omver werpen en tegenstanders vermoorden. Het verhaal dat Middelkoop ons wil meegeven is ontluisterend en soms heb je werkelijk de neiging om te denken dat deze goudhandelaar toch wel een echte complotdenker is. Toch ligt er zoveel studiemateriaal aan dit boek ten grondslag, zoveel serieus wetenschappelijk onderzoek, dat het geheel het overdenken zeker waard is. Wanneer je na weer een paar bladzijden denkt, tjonge, nu hebben we het wel gehad, komt er iets wat toch nog weer erger is. Het leek wel de tuin waar we een hek moesten zetten, alhoewel daar gelukkig geen slachtoffers vielen.
Het boek is dus niet voor complotdenkers, maar voor nuchtere Hollanders, die vertrouwen hebben in een democratische regering. Het leert om achter de schermen te denken, omdat je er vaak niet achter kunt kijken.

Vakwerk

Wat is het mooi als mensen met liefde praten over hun vak. Gisteravond merkte ik dat bij de excursie van het Nederlands Dagblad bij drukkerij Rodi. Drukkerij Rodi zit hier vijf minuten vandaan op het industrieterrein Verrijn Stuart. Ondanks het wat onzalige tijdstip van tien uur in de avond, was het een belevenis. Om te zien hoe de krant digitaal binnenkomt, vervolgens op platen wordt gezet en daarna met een snelheid van 45 km/u door de persen raast. Er waren ook een aantal ND-medewerkers bij de rondleiding aanwezig en mooi om te zien hoe ze stonden te glimmen bij een artikel of een gedeelte van een pagina dat er mooi uitspringt. De ‘opmaker’ kon zijn plezier niet op toen hij de achterpagina met de Kids Quiz uit de pers zag rollen en maakte mij nog even attent op een paar bijzonderheden die hij bedacht had. ‘De krant’ levert dus vakwerk en in dat onopvallende gebouw op het industrietrein wordt ook vakwerk geleverd. Mooi om dat eens te zien en mee te maken.

De wekker ging al weer op tijd want er zou een nieuwe gasmeter geplaatst worden. Eigenlijk geen tijd om de krant die ik gisteravond gedrukt zag worden, te lezen. De meterkast moest leeg en buiten werden flinke gaten gegraven. Een nieuwe leiding moest worden gelegd vanuit de straat naar de meterkast en opnieuw zie je vakwerk. De gasfitters waren bijna klaar toen Malte aanbelde. Eindelijk had ik iemand gevonden die het dak van mijn tuinschuurtje kon maken, een echte loodgieter, die weet hoe je met zink om moet gaan! Prachtig is het geworden! Zo mooi dat je eigenlijk een trapje naar boven zou moeten maken, zodat je met mooi weer lekker op het zinken dak kunt genieten van de zon… Malte, afkomstig uit Berlijn, maar al jaren werkzaam in Nederland, is van huis uit een vak-timmerman. Maar omdat er tijdlang geen vraag meer was naar ‘echte’ timmerlui, liep hij met een oudere loodgieter mee en wil nu niet anders meer. “Er is meer dan genoeg werk”, vertelde hij. Opnieuw; mooi vakwerk en vandaar dat het een mooi plekje in mijn blog krijgt. Wanneer het weer droog blijft ga ik binnenkort met een deur aan de gang.