Johann Sebastian Bach, troost in Leipzig

Wat een routeplanner al niet te weeg kan brengen… Op de heenweg werden we over Dortmund gestuurd, dwars door het Ruhrgebied, naar Leipzig. Maar op de terugweg zaten we na wat omleidingen opeens op de snelweg richting Hannover. Pas bij Barneveld kwamen beide routes weer bij elkaar. Vanaf Amsterdam rijd je naar het oosten en blijkbaar zijn Nederland en Duitsland zo ruim belegd met asfalt dat er zelfs twee totaal verschillende routes zijn, die ook qua afstand nauwelijks verschillen. Misschien is dat ook wel symbolisch voor hoe je Johann Sebastian Bach kunt benaderen. Zoals Bachstad Leipzig dus meerdere aanrijd-routes heeft, zo heeft Bach dat ook. Je kunt Bach bewonderen om de prachtige muziek die hij heeft gemaakt, ook al heb je helemaal niets met de tijd van Bach en dat hij boven zijn composities SDG (Soli Deo Gloria) zette. De ene compositie zal je dan ook meer aanspreken als de andere. Het kan ook zijn dat je via kerkelijke muziek bij Bach bent uitgekomen en je er daardoor in bent gaan verdiepen. Bij ons ging het via de prachtige uitvoeringen waarin Coos meezong bij het KCOV in het Concertgebouw; de Mattheus Passion en later ook de Johannes Passion. Een aantal jaren later nam Gerard Lubbers een keer met een dubbel LP mee uit zijn verzameling, deel 1 van de ‘Complete Orgelwerken’ door Marie Claire Alain. Die twee ‘routes’ hebben er wel gezorgd dat mijn cd-la zich allengs heeft gevuld met heel veel Bach.
Toen onze buren dan ook voorstelden om een citytrip te organiseren naar Leipzig, waren we dan ook gelijk enthousiast. Om rond te kijken in de stad waar Bach meer dan 25 jaar heeft gewerkt als cantor van de Thomaskirche (1723-1750) leek me geweldig. Natuurlijk leven we bijna 300 jaar later en kun je je nauwelijks voorstellen hoe het leven toen was en hoe men leefde, maar je kunt er iets van proeven. In het Bachmuseum werden we vakkundig rondgeleid en hebben we de maquette bewonderd van de toenmalige Thomasschule. Bach woonde er bij in en was daarmee ook de baas van de school, waarin zowel de slaapzalen waren als de lesruimtes. In de eerste zaal van het museum (een soort heiligdom) mochten we het enige echte portret bewonderen dat er is van Bach. Ik had er over gelezen in de biografie die de beroemde dirigent en musicus John Eliot Gardiner over Bach heeft geschreven. Het portret hing vroeger in zijn ouderlijk huis, maar na veel omzwervingen nu dus in Leipzig. Een bijzonder moment om oog in oog met de grote componist te staan.
Afgelopen zaterdag stroomde de Thomaskirche rond drieën zo goed als vol. Ook wij zetten ons onder het gehoor van de beroemde Italiaanse organist Luca Antoniotti. En gelukkigerwijze speelde hij een Sonata (III d-Moll), die ook op mijn Lubbers-LP staat. Die LP heb ik al zo vaak gedraaid dat je al weet wat er komt aan klanken. Des te bijzonderder is het om het live mee te maken in een kerk waar Bach het misschien ook zelf wel heeft gespeeld, en waar hij in ieder geval wekelijks met zijn rug naar het kerkvolk zijn koor dirigeerde. Romantisch uitgedrukt zou je dat dus een Bachbelevenis kunnen noemen. Zo’n Bachbelevenis gaat gelukkig niet zonder troost; de muziek was als zalf voor onze ziel. In onze koffer ging dan ook een kleine Bachbuste mee naar huis, die nu op de ‘schoorsteenmantel’ staat.

In Leipzig hebben we vorige week flink rondgewandeld. Al rondsjouwend kwamen we van alles tegen, maar werkelijk het mooiste gebouw was de zeer moderne Propsteikirche St. Trinitatis. Het is in 2015 in gebruik genomen staat vermeld op Wikipedia. In WOII werd de toenmalige RK-kerk van Leipzieg volledig plat gebombardeerd, alleen waren er nog wat muren over. Op last van de communistische stadsregering werden die later ook omvergehaald. Pas in 1982 kreeg men toestemming een nieuwe kerk te bouwen. Een oerlelijk Oost-Duits gebouw werd dat. Omdat dat gebouw na 20 jaar in zo’n slechte staat verkeerde kreeg men toestemming om tegenover het raadhuis een nieuwe kerk neer te zetten. Een wonderschoon gebouw, opgetrokken uit rode natuursteen en van een hoogstaande eenvoud. Helaas was toen we even binnen wilden kijken zaterdagmorgen, er een doopplechtigheid aan de gang. Echt indrukwekkend zijn de glazen ramen in de kerkzaal waar de volledige tekst van het Oude en Nieuwe Testament op staan afgedrukt. Ook het waterscherm wat de binnenplaats afschermt is bijzonder; een troostvol gebouw! Zo zie je maar, een stad kan niet zonder kerken.
Omdat ik vandaag toch in Amsterdam-West moest zijn, ben ik maar even doorgefietst naar de Slotermeerlaan. Al twee jaar lang stond het gebouw van GBS Veerkracht leeg en juf Joke appte me dat de sloop was begonnen. Het plan voor nieuwbouw ligt al een paar jaar klaar heb ik gehoord. Voor zover ik weet gooiden vleermuizen in eerste instantie roet in het eten. Die zagen blijkbaar platgooien niet zitten. Toen ik vanwege een burn-out in het najaar van 2010 stopte, was er van sloop nog geen enkele sprake. Er waren wel steeds plannen voor een forse verbouwing en update, maar blijkbaar is nieuwbouw nu toch ‘goedkoper’.
Vanaf de zijlijn heb ik daar zo mijn gedachten bij. Slotermeerlaan 160 was een geweldig schoolgebouw, zo degelijk maken ze ze niet meer tegenwoordig. Ik vergeet nooit dat we in 1981 voor het eerst gingen kijken in de toen behoorlijk verwaarloosde “Koopmanschool”. Wij vonden het ondanks de gaten in de vloer en de verouderde toiletruimtes een kolossaal gebouw en een grote vooruitgang. Waar we in het oude schoolgebouw tegenover toenmalig station Sloterdijk lokaaltjes hadden van 6,5 meter in het vierkant kregen we nu lokalen van 8,5 meter in het vierkant; ruim en licht. Een paar jaar later werd het “nieuwe” gebouw volledig verbouwd, dat was in het seizoen 1985-1986. De lokalen werden toen volledig gestript, alles werd vernieuwd; raamkozijnen, plafonds, vloeren en natuurlijk de toiletten. Voor bijna anderhalf miljoen gulden werd er aan verspijkerd. Ik ga niet becijferen wat er na de invoering van de euro nog allemaal is verbeterd, maar dat is niet mis.
Nu hangen de elektrische zonweringen troosteloos voor de ramen. De sloper vond ze er nog zo goed uitzien, ze zijn nog geen tien jaar oud. De gymzaal ligt inmiddels in puin en in de rest van de school is het een troosteloze bende. Mijn timmermansverstand zegt dat het kapitaalvernietiging is. Natuurlijk krijgen de leerlingen en het team straks een splinternieuw gebouw, maar hoeveel zou het gekost hebben wanneer het nu gerenoveerd zou worden? Wanneer er een mooie entree zou zijn gemaakt, zonder personeelstoilet? Is het nostalgie omdat ik er zoveel jaren heb gewerkt? Dat onze kinderen daar allemaal hun basisschooltijd hebben doorgebracht, alle feesten die we er als schoolgemeenschap vierden, de verhalen die er verteld zijn, maar ook de verdrietige gebeurtenissen, het speelt me door het hoofd wanneer ik de bijna ruïne nog eens bekijk. Ik wordt er verdrietig van en het maakt weemoedig; een tijdperk is voorbij.

Dominee Tim zou er een mooi bubbel-verhaal bij kunnen houden, maar ik denk dat dat ook zo werkt. Ooit gingen we zelf wel eens naar meerdaagse bijeenkomsten waarop sprekers uit Amerika over het geloof in God kwamen spreken. Zij hadden een heldere en net wat andere kijk op een leven met God dan we in Nederland doorgaans gewend waren. Het was motiverend, hartverwarmend en eenmaal thuis had je een heimwee gevoel dat je alleen kon delen met andere congresgangers. Zo werkt een festival ook denk ik. Er zitten zonder dat de deelnemers het doorhebben zeker ook religieuze aspecten aan. Ik kan me dus heel goed voorstellen dat dat ook met Harm iets deed, weg van de waan van de dag. Zeker wanneer het dan ook nog jouw muziek is, geweldig natuurlijk.
Al fietsend langs een kanaal in de Bourgogne weet ik opeens waar mijn verhaal over moet gaan. We zitten nu in onze derde vakantieweek en de meeste dagen zitten we opeens met z’n tweeën opgescheept met het verdriet om Harm.
Ach ja, tegenwoordig is het heel gewoon om je laptop mee te nemen op vakantie. Niks niet ‘even afstand’ dus. Zowel bij het kasteel als op de camping was wifi aanwezig. Bij het kasteel, midden in de Bourgogne, was de verbinding zwak, maar het ging. Bij de receptie van de camping in de Luberon kon ik zelfs mijn favoriete krant downloaden! Op die manier ben je toch verbonden met thuis en de familie en dat voelt goed. Zo kreeg ik afgelopen zaterdag verschillende mailtjes over een ingezonden in het Parool. Een degelijk verhaal van iemand die er goed over heeft nagedacht en de situatie goed kent aan de Nassaukade. Voor de geïnteresseerden, volg deze link: 