Categorie: politiek

Wat te doen met Sinterklaas?

Het Haagje werd gedempt, net als alle andere kanalen in Hoogeveen. Sint moest nu te voet of met paard en wagen komen.
Het Haagje werd gedempt, net als alle andere kanalen in Hoogeveen. Sint moest nu te voet of met paard en wagen komen.

Een grote taai-taaipop en een doosje met Lego waren de cadeaus die ik als klein jongentje kreeg op 5 december. Daarbij moet ik wel heel diep graven in mijn geheugen, want eigenlijk vierden wij niet echt Sinterklaas thuis. Sinterklaas was Rooms en dus niet voor gereformeerden bestemd. Toen ik een keer bij vriendje Wiebe op een zaterdagmiddag aan het spelen was heb ik vanuit de verte de boot van Sinterklaas in het Haagje zien liggen, de goedheiligman was Hoogeveen binnengevaren. Heel spannend, maar ik durfde er ’s avonds niet over te vertellen, want Sinterklaas hoorde niet. Van mijn tijd op de lagere school kan ik mij niet iets van een Sinterklaasviering herinneren. Maar het zou kunnen dat ik het heb verdrongen. Ik ben dus niet echt opgegroeid met een positief Sinterklaas beeld.

Toen mijn kinderen op de basisschool zaten, vierden we uitgebreid pakjesavond met goede vrienden en hun twee dochtertjes. Gedichten, een zak met cadeautjes, lootjes trekken en een paar flinke bonzen op de voordeur door Eddo. Geweldige avonden waar we als gezin met veel plezier op terugkijken. Van jongs af aan hebben we onze kinderen duidelijk gemaakt dat Sinterklaas een verklede man is. In de jaren 70 en 80 van de vorige eeuw werd Sinterklaas onder gereformeerden een geaccepteerd feest en ook wij liepen een beetje met de meute mee. Op de van ’t Veerschool in Amsterdam, werd het jaarlijks een terugkerende discussie. Ik daagde de collega’s uit met mijn ‘verklede man’ standpunt en de juffen lieten zich meezuigen in het als maar uitdijende spektakel van het Sinterklaasjournaal. De keren dat ik Sinterklaas welkom moest heten, ik geef het achteraf eerlijk toe, deed ik dat met een lichte gêne. Toch was het Sinterklaasfeest in een groep 5, 6, 7 of 8 geweldig! Een grote berg prachtig in elkaar geknutselde surprises met de meest fraaie gedichten. Elkaar een beetje op de hak nemen, hobby’s uitvergroten; het kon niet op.

De jaren van onbezorgd vieren van het Sinterklaasfeest zijn echter voorbij. Het fenomeen zwarte Piet is door actiegroepen verbonden met het slavernijverleden van ons vaderland. Veel discussies rond het 5 decemberfeest zijn vaak buiten alle proporties. Toen de eerste actiegroepen zich verzetten tegen Zwarte Piet, moest ik er om glimlachen. Ach wat, het is een volksfeest en het heeft een lange traditie waar toch niets verkeerd mee is? En alle discussies in de krant en op tv, je wordt er niet vrolijk van. Maar wie zich wat verdiept in het koloniale verleden van ons land, kan er niet meer omheen dat de tegenstanders van Zwarte Piet meer dan een punt hebben. Lees bijvoorbeeld de boeiende roman van Arthur Japin over Aquasi Boachi (“De zwarte met het witte hart”). Stevo Akkerman schreef een boeiende roman over een tentoonstelling met 28 Surinamers op het Museumplein (“De inboorling”). Zomaar twee boeken die subtiel aan de oppervlakte brengen dat ons geschiedenisboek heel wat zwarte bladzijden heeft. En er zijn nog veel meer boeken, fictie en non-fictie, te noemen die een beeld geven van ons koloniale verleden. Discriminatie, uitbuiting en slavernij; veel Nederlanders hebben er helaas geen idee van, wat dit voor impact heeft gehad op onze niet-blanke landgenoten en tot op de dag van vandaag heeft. Hoe goed bedoeld ook de bekeringsdrang van VOC en WIC zijn geweest, we zullen vandaag de dag in het reine moeten komen met de uitwassen daarvan. De laatste weken zijn er in Zuid-Afrika veel protesten van zwarte studenten in de universiteitsstad Stellenbosch. Hun protest gaat onder andere over het gebruik van het Afrikaans. Ten diepste hebben zij dezelfde motieven en argumenten als de tegenstanders van Zwarte Piet in Nederland. Het zijn maar een paar voorbeelden om aan te geven dat niet-blanken zich beledigd en gediscrimineerd voelen door een volksfeest met een witte bisschop op een schimmel en een kudde mallotige zwart geschminkte jongelui er omheen dansend.

Het gereformeerde onderwijs waar ik werkzaam ben, en zich al een aantal jaren profileert met het etiket ‘bijbelgetrouw’, heeft zich tot op heden niet geroerd in de discussie over Zwarte Piet. Het lijkt wel of de discussie volledig langs ons heen gaat. Sinterklaas met zijn zwarte knecht zijn nog steeds van harte welkom op gereformeerde scholen. Maar nu zelfs een VN-commissie Nederland min of meer op de vingers heeft getikt, kunnen de gereformeerde scholen zich niet meer verschuilen achter de ‘traditie’. Immers die traditie is voor onze scholen in veel gevallen niet meer dan een traditie van een jaar of veertig oud en alleen daarom al, beslist niet heilig. Wat mij betreft nemen onze scholen een keer het voortouw. En dan niet flauw gaan doen met een regenboogpiet of wat voor kleur schmink je verder nog kunt vinden. Schaf het hele opgeklopte gedoe rond Sinterklaas gewoon af. Geen ‘verklede man’ meer zijn ‘zwarte knecht’ op het podium hijsen en de jongste kinderen van de school de stuipen op het lijf jagen. Geen grappen meer met een domme zwarte Piet die zich heeft verslapen of opeens boven op het dak van de school staat. Want wat je ook doet met knecht Piet, het zal ons steeds blijven herinneren aan de discussies over zijn zwart zijn, welke kleur we hem ook geven. Verlos de scholen en de gezinnen van veel gedoe en gediscussieer en verzin een nieuw decemberfeest! Dat feest mag best met presentjes en met surprises en humoristische gedichten. Mijn creativiteit schiet hierin te kort, maar er is zoveel creativiteit binnen de scholen dat er vast wel weer iets moois zal ontstaan.

Dus wat mij betreft; afscheid van zwarte Piet en Sinterklaas mag met het mee. Beiden zijn immers zo met elkaar verweven dat al zou je van beiden de kleur veranderen, de zaak nog niet verandert. Het lijkt mij voor de gereformeerde scholen een mooi statement; de zogenaamde Sinterklaastraditie bijzetten in het geschiedenisboek. Want ook al is die traditie niet ontstaan in het koloniale tijdperk, de traditie is wel gekleurd door het koloniale verleden. Scholen en gezinnen worden uitgedaagd tot een nieuw decemberfeest waarbij humor, plezier, gelijkheid en creativiteit voorop mag staan.

nooit meer auschwitz

wertheimpark 2Aangezien de bloedbankbus niet meer in Diemen komt, ga ik tegenwoordig weer doneren aan de Valkenburgerstraat in Amsterdam, schuin tegenover bureau IJtunnel. Jaren geleden zaten ze daar vlakbij aan de Rapenburgerstraat, een straat waar je nog mezoeza’s kunt zien. Op de fiets er heen kom je dan langs Artis en het Wertheimpark. Dat parkje is een van de kneuterigste parkjes in Amsterdam, al staan er bij de ingang op twee forse pilaren geweldige leeuwen. Totdat het een wereldbekend monument kreeg, was het een heerlijk buurtparkje. Je kunt er heerlijk aan het water van de Nieuwe Herengracht zitten. Met een bovenbouwgroep heb ik enkele keren het monument van Jan Wolkers in het parkje opgezocht. Een filosofeermonument, de prachtig blinkende spiegels die vooral in het voor en najaar de wolken gebroken weerspiegelen. De spiegels hebben wel een flinke opknapbeurt nodig trouwens. Gelukkig staat de glasplaat er mooi bij. Boven de titel: NOOIT MEER AUSCHWITZ, ligt een nooit meer auschwitzkeurige rij gedenksteentjes, zoals we die ook kennen van Joodse begraafplaatsen. Fietsend langs het park, zag ik dat het hek ontsierd wordt door een fiks aantal spandoeken. De buurt protesteert! Want al een maand lang is het parkje in opspraak, bijna wereldnieuws. Achter de rug van veel belanghebbenden om, heeft de gemeenteraad besloten om het park te vereren met nog een monument. Op zich vind ik het een mooi idee om ergens in het centrum van Amsterdam een monument met alle namen van de holocaustslachtoffers te plaatsen. Wanneer je er wat langer over nadenkt is het ook raar dat zo’n monument er nog niet is. Maar dat zal ook weer met de tijd te maken hebben. De Tweede Wereldoorlog en alle verschrikkingen die daar bij horen zijn nog lang niet weg uit het collectieve geheugen. In de overblijfselen van de Hollandsche Schouwburg, op loopafstand van het Wertheimpark, is een muur met alle familienamen van hen die verdwenen in de vernietigingskampen. Toch blijft dat afstandelijk, je herkent er geen personen in. Toen Guus Luijters de 18.000 namen noteerde van verdwenen kinderen maakte dat veel los; huilende bezoekers op de tentoonstelling in het Stadsarchief. Los daarvan staat, of zo’n namenmuur in het Wertheimpark moet komen. Op het eerste gezicht een mooie rustige plek in de stad. Midden in een buurt waar Joodse mensen woonden. Bezoekers kunnen in alle rust hun verdwenen familieleden herdenken. De buurt wil haar rustige parkje echter niet kwijt en mevrouw Wolkers is boos omdat de gebroken spiegels van haar man in het niet vallen bij een lange muur met 102.000 namen.
wertheimpark 1Gelukkig zijn er best alternatieven. In het Parool las ik dat bij de synagoge aan de Jacob Obrechtstraat in Zuid plaats is voor een namenwand. Micha Moses, de voorzitter van de synagoge doet een uitstekende voorzet. In dezelfde krant schrijft Rob Cohen een paar dagen eerder al, dat hij het Auschwitzcomité een mooi idee aan de hand deed om het monument op het Jonas Daniël Meijerplein te situeren. Hij wilde het zelfs combineren met allerlei educatieve elementen. Helaas kreeg hij geen gehoor.
Daarnaast zijn er nog veel andere locaties te bedenken. Naast het Wertheimpark ligt een tennisbaan die best ingewisseld kan worden voor een namenwand. Elders kan de tennisbaan vast een plek vinden. Ook valt een gedeelte van Artis op te offeren. Deze compleet uit de tijd zijnde dierentuin kan verkleind worden tot een park(je) met alleen die dieren die verantwoord in een stad kunnen worden gehouden. De rest van het terrein kan dan gebruikt worden voor tennissen en allerlei zaken die nu niet kunnen in dit gedeelte van de stad. Ook een oplossing om de muren van de Stopera te gebruiken als namenwand. Bij deze oplossing is de lijst met namen nog veel zichtbaarder in het dagelijkse stadsbeeld. Tegelijkertijd toon je daarmee ook iets van je collectieve schuld als stad! En daar maar hopen dat de verschrikkelijke lakens uit de Plantagebuurt zo snel mogelijk de was in kunnen.

de kaukasus en jelle brandt corstius

Jelle Brandt CorstiusTerwijl op Nederland 1 boer Johan in Denemarken huilend zijn eerste liefde in de armen neemt is op Nederland 2 een indrukwekkende reisdocumentaire te zien. Boer Johan trok dan wel 5 keer zoveel kijkers, maar reisjournalist Jelle steekt dieper af. Na een bezoek aan het Olympische Sotsji trekt hij met een oud busje de bergen van Kaukasus in. Wat volgt is een adembenemende reportage over natuur, homo’s, feesten en uitgeroeide volken en vluchtelingen uit Syrië. Na een geweldige serie over Rusland en India, nu dus de Kaukasus. En het kan niet anders dan dat je dat aan het denken zet. Bijvoorbeeld dat voor de bouw van de olympische sportarena’s heel veel begraafplaatsen zijn platgewalst. Dat in de 19e eeuw de Russen complete stammen in de Kaukasus hebben uitgeroeid, zoals andere Europese landen dat deden in Afrika en Noord-Amerika. Er is niets nieuws onder de zon bedenk je dan, maar het stemt tot nadenken. Zeker wanneer sporters over enkele weken alles op alles zetten een gouden medaille in de wacht te slepen. Jelle Brandt Corstius verdient een medaille voor zijn programma. Alleen al voor zijn dronk op de positieve invloed van de stam. In Nederland leven we langs elkaar heen vertelde hij de stamoudste, maar jullie kunnen altijd op elkaar terugvallen, jullie hebben je stam! Ook de komende weken op Nederland 2 en voor BZV idolaten ook op uitzending gemist.

ramkoers

ramkoersHet Parool is echt mijn Amsterdamse krant. Boordevol nieuws over onze prachtige hoofdstad. Vaak dicht op het nieuws, kritisch en met oog voor de menselijke maat. Helaas kwam ik in de krant te vaak het woord ‘ramkoers’ tegen. Daarom maar eens een keertje gereageerd. Gelukkig kwam ik afgelopen week (donderdag 14-11) een artikel tegen waarin het woord ‘ramkoers’ wel een naderende botsing aankondigde. Deborah Jongejan, ik weet trouwens niet of ze ook over sport schrijft, laat daarin het volgende weten: “Advocaten liggen op ramkoers met het kabinet, dat flink wil snijden in de rechtsbijstand.” In het artikel wordt verslag gedaan van een bijeenkomst waarin boze advocaten in de clinch gaan met kamerleden van VVD en PvdA. En naar te verwachten is, zal er de komende maanden tussen advocaten en bewindslieden nog een flink robbertje gevochten moeten worden. Op ramkoers dus.

om over na te denken

De vakantie ligt al weer een paar weken achter ons. In Frankrijk werden we gelukkig niet gestoord met overdonderende verkiezingsretoriek. We hebben genoten van de rust, stilte, natuur; het was echt vakantie. ’s Avonds genoten we in de Provence van een koel windje, een prachtige sterrenhemel en in de verte het geluid van cigale en uil. Eén van de mooiste boeken die ik in de schaduw heb gelezen was HET WINTERPALEIS van John Boyne. In deze zeer indringende roman komt uitgebreid de aanloop van WOII en alle daarbij behorende ellende aan de orde. In Nederland hielden we ons aan het begin

monument midden tussen de weilanden bij St Jean-les-Apt (Provence)

van de vorige eeuw afzijdig; neutraal. Maar in de rest van Europa voltrok zich een verschrikkelijke strijd.

Zeker in Frankrijk. In elk dorp, elke stad, vind je dan ook monumenten die daar aan herinneren. Grote monumenten, vaak in de nabijheid van de mairie (gemeentehuis); een stoere soldaat, een pilaar. In onze ogen vaak nogal bombastisch. Op het monument zijn vaak plaquettes bevestigd met daarop de namen van de soldaten die in de Grote Oorlog zijn gesneuveld. Elk dorp en elke stad eerde daarmee indertijd zijn zonen; gestorven

monument in Lormes (Bourgogne)

voor het vaderland. Ik vind het bijzonder hoe een land zo zijn gesneuvelde soldaten zo voort laat leven. Wanneer je bij zo’n monument stilstaat, er eens om heen loopt, kom je onder de indruk. Bij veel namen staat ook het jaar van geboorte en het jaar waarin de soldaat sneuvelde. Het zijn allemaal jonge mannen geweest. Midden in een boerendorp sond een groot monument met ruim 60 namen. Dat betekent dat er 1918 in een boerensamenleving heel veel zonen waren weggevallen. Dat moet een ramp zijn geweest voor zo’n gebied. Helaas stopte het niet. In 1940 werd Frankrijk opnieuw aangevallen, tegelijk met Nederland. Op veel monumenten zijn in 1945 plaquettes bijgeplaatst. Weer waren soldaten gesneuveld voor de vrijheid van hun land. Opvallend kleinere rijen namen. In Frankrijk zijn in WOII veel minder soldaten gesneuveld. Soms kwam ik op een monument ook nog namen tegen van soldaten die waren gesneuveld in Algerije en Indo-China. Daarmee is zo’n monument gelijk een geschiedenisboek. Zo kan een vakantie heel ontspannen zijn. Maar ook leerzaam en tot nadenken stemmend. Met het oog op de verkiezingen valt er zeker wat te zeggen over Europa en wat ons dat na WOII heeft opgeleverd in positieve zin. Maar het laat ook zien dat de ‘mens geneigd is tot alle kwaad’. Die realiteit wordt echter door veel Nederlandse politici volledig uit het oog verloren.

kameraad baron

Vorig jaar verscheen van Jaap Scholten ‘Kameraad baron’. Ik had hem een paar gezien in een VPRO documentaire over Hongarije en Roemenië. November vorig jaar kocht ik de 7e druk. Het boek liep dus goed. Scholten schreef een documentaire over, zoals voor op het boek staat in de ondertitel; “een reis door de verdwijnende wereld van de Transsylvanische aristocratie”. Een boeiend verslag van gesprekken, reizen, feesten en persoonlijke indrukken. Scholten woont al jaren in Hongarije en heeft ook een Hongaarse vrouw. Zij is van aristocratische afkomst. Het communistische bewind heeft na WOII geprobeerd de complete aristocratie uit te roeien. Ze werden verdreven  uit hun huizen. Kwamen terecht in werkkampen, krotten, en velen overleefden het niet. Ook vluchtten duizenden naar het vrije westen. Dat alles heeft er toe geleid dat een complete laag als het ware uit de hele bevolkingsopbouw is weggesneden. Er is nog een klein gedeelte over en hun verhalen staan in ‘kameraad baron’. Boeiend, aangrijpend en soms ook verdrietig makend. Een boek om eens rustig lezen. Een paar citaten:

Zsigmond Mikes (1977) vertelt over de veranderingen in zijn Roemenië en eindigt dan aldus: “Het Transsylvanië van mijn grootmoeder bestaat niet meer. Die atmosfeer, die traditie, waarden en multi-etnische samenstelling bestaan niet meer. Ik ben bang dat hier dezelfde mens zal ontstaan als in Hongarije, en dat er daarom geen beter leven te verwachten is. Ook hier laten steeds meer mensen zich door materialisme leiden en hebben ze minder tijd voor elkaar, en wordt er meer en meer tijd besteed aan geld verdienen. In de dorpen zijn er gelukkig nog mensen die tijd hebben. De mens moet het middelpunt van het leven zijn. Ik wil omringd zijn door mensen die tijd hebben. Als men geen tijd heeft voor zinloze zaken, zal het niet beter zijn in Tokyo of New York.” (p. 363)

Ongetwijfeld kleefden er nadelen aan het semifeodale systeem – dat de kansen je te ontwikkelen en vooruit te komen in het leven ongelijk waren verdeeld bijvoorbeeld, een systeem dat in het nepotistische Oost-Europa overigens min of meer ongewijzigd in stand is gehouden -, maar het diepgewortelde besef dat men vóór alles een rentmeester diende te zijn leefde en is met de komst van het communisme verloren gegaan. Met de verdwijning van de aristocratie is de wereld kortademiger geworden. (Jaap Scholten op p. 375)

 

meldpunt PVV en het RD

Je kunt er de laatste dagen niet om heen. De PVV lanceerde een website voor landgenoten om te kunnen klagen over mede-europeanen. Met daarbij de nadruk op het feit dat die mede-europeanen uit het oosten afkomstig zijn. Ik heb even gekeken op de betreffende website om bevestigd te worden. Op tv meende ik al een paar keer gezien te hebben dat er gedeeltes van krantenartikelen te zien zijn. En opvallend genoeg dacht ik daarbij het Reformatorisch Dagblad te zien. (bv. bron RD…..) Het klopte, een aantal keren komt het AD voorbij, maar ook een aantal keren het RD. Naar mijn idee kan dat alleen maar betekenen dat de PVV daar toestemming voor heeft gevraagd aan de redactie van het RD, of dat de redactie van het RD het stilzwijgend goedkeurt. Hoe je het ook wendt of keert, ik zou als serieuze christelijke krant toch beslist niet geassocieerd willen worden met het ronduit verwerpelijke en onchristelijke gegeven van de betreffende website. Ikzelf heb dan ook niet de moeite genomen om overal NEE in te vullen. Dat was me toch echt te veel eer voor de PVV.

leve de koningin!

De laatste dag van januariwerd onze vorstin HKH Beatrix van Oranje vierenzeventig. Vandaag trouwens is het weer feest in huize Oranje. Tien jaar geleden trad Willem-Alexander in het huwelijk met Maxima. Als Oranje-fan is mijn week weer goed! In het TV-programma ’twee-vandaag’ toonde men dat ook dit jaar weer de populariteit van de jarige was gestegen. Er werd zelfs een soort quasi wetenschappelijk betoog bij gehouden. Een van de redenen dat Hare Majesteits populariteit was gestegen, zo werd beweerd,  was onder andere de VPRO serie ‘Beatrix, Oranje onder vuur’. Deze vierdelige serie, waar ik trouwens alleen maar een enkel fragment van heb gezien is, zo zeggen de makers; fictie. Nou ja, men probeert de werkelijkheid zo goed mogelijk te benaderen. De schrijver van de serie is Tomas Ross.

Ross voert in deze laatste 'Schaduw' een vierde geheime dochter van prins Bernhard ten tonele

Tomas Ross is in ons land een bekende schrijver op het gebied van spannende detectives. Niks mis mee, zou je denken. Maar Tomas Ross is echter een complot(be)denker. En in dat laatste zit hem de kneep. Je kunt dus werkelijk de genoemde VPRO serie niet serieus nemen. En dan de grap, dat een gedeelte van ons volk onze koningin sympathieker is gaan vinden door deze fictieve serie. Wat mij betreft worden dit soort series verbannen van de publieke omroep.  Wanneer Wilders moeilijk doet over een hoofddoek, valt heel weldenkend Nederland over hem heen. Laten ze dan ook dit soort majesteitsschennis in de vorm van een fictieve serie over het leven van onze zeer gewaardeerde koningin verwijzen naar de prullenbak.

 

 

 

 

 

jeffrey pondaag

Nederland en Indonesië zijn door hun gezamenlijke geschiedenis voor altijd aan elkaar verbonden. Maar volgens het Comité Nederlandse Ereschulden is Nederland nog lang niet klaar met verantwoording af te leggen over misdaden die in Indonesië zijn begaan. Het Comité heeft onlangs aan het Openbaar Ministerie gevraagd om te onderzoeken of Nederlandse militairen misdrijven hebben begaan tijdens het bloedbad in Rawagede, in 1947. Deze week zei het OM het verzoek in beraad te hebben. Een gesprek hier over met Jeffrey Pondaag, hij is voorzitter van de Stichting Comité Nederlandse Ereschulden.

uit de serie 'verboden foto's' van Politionele Acties

Bovenstaande citaat kwam ik tegen op een NOS-site. Donderdag 19 januari werd er op Radio 1 over gediscussieerd in het programma StandpuntNL. Moeten militairen die zich in Rawagede schuldig hebben gemaakt aan misdaden alsnog voor de rechter komen? Bovengenoemde heer Pondaag is voor vervolging en lichtte zijn mening in de studio toe.

Jeffrey Pondaag heb ik al jaren terug een aantal keren aan de telefoon gehad. Hij sprak zijn ongenoegen uit over de herdenking die we jaarlijks houden op 4 mei bij het monument aan de Haarlemmerweg met de basisschoolkinderen. Ik denk dat hij het een keer meegemaakt heeft en toch wel wat miste in mijn verhaal over herdenken. Verschillende keren benaderde hij mij om te zeggen dat in het onderwijs veel meer aandacht moest zijn voor de wandaden van Nederlandse militairen in het voormalig Nederlands-Indië. Het werden een paar moeizame gesprekken, waarin ik in ieder geval mijn sympathie voor zijn verhaal heb proberen duidelijk te maken. Ik heb hem uitgebreid mijn mening over kolonisatie en slavernij gegeven. Nu hoorde ik hem dus opeens voor de radio en schoten mij de telefoongesprekken weer te binnen. Helaas voor de heer Pondaag kreeg hij maar van 30% van de luisteraars gelijk. De grote meerderheid van de stemmers op StandpuntNL vonden dat we deze kwestie toch moesten laten rusten. Veel reacties vond ik ronduit beschamend. Natuurlijk gaat het om een kwestie van meer dan 60 jaar geleden. Maar over een met de Duisters heulende oorlogsmisdadiger wordt in ons land ook nu heden ten dage, groot ophef gemaakt. Ik doel hierbij op Heinrich Boere, afgelopen week nog weer in het nieuws. Ook ik onderschrijf trouwens dat een man als Boere zijn verdiende straf niet moet ontlopen. Maar dan moeten we ook niet moeilijk doen, over Nederlandse militairen die Indonesië misdaden hebben begaan. We hebben niet over zo maar een misdaad. In Rawagede werden zonder pardon meer dan 400 mensen zonder reden doodgeschoten. Ook al is het meer dan 60 jaar geleden en hadden de jonge soldaten van toen net een vervelende oorlog achter de rug. Jazeker, en ook het Indonesisch verzet verichtte wandaden. Maar ook dat laatste moest en moet bestraft. Nederland heeft flink veel boter op zijn hoofd. Het was al veel te laat met excuses richting de bevolking van Rawagede. Een schadevergoeding wordt nu betaald omdat de stichting van de heer Pondaag maar door en door bleef gaan. Ik wens hem in ieder geval veel sterkte en doorzettingsvermogen voor wat betreft de aanklacht bij het OM.