Categorie: boeken

Een woord een woord

een woord een woordEen + en een –, het stoorde me. Mijn krant schrijft een recensie over een boek dat ik met plezier en bewondering heb gelezen. Wat mij betreft hadden er 5 plussen onder gestaan en geen enkele min. Extra reden om uit te leggen waarom ik zo aansla op het artikel van Herman Veenhof in het ND.
Het laatste boek van schrijver/journalist Frank Westerman heeft de prachtige titel ‘Een woord een woord’. In de proloog van dit boek zet Westerman gelijk neer wat de lijn is van zijn verhaal; de geschiedenis van de treinkapingen in de jaren 70 van de vorige eeuw. Door de treinkapingen vestigden jonge Zuid-Molukkers opnieuw de aandacht op een gevoelige misstand in de omgang van de Nederlandse politiek met deze bevolkingsgroep. Westerman heeft het allemaal als jongetje, opgroeiend in Assen, van dichtbij meegemaakt. Een handenarbeid leraar die uiteindelijk treinkaper werd en gepantserde voertuigen bij hem in de straat.
Diezelfde jaren 70 was ik al wat ouder. In december 1975 (de 1e kaping, bij Wijster) zat ik in mijn eerste jaar van de Pedagogische Academie. In mei/juni 1977 (de 2e kaping, bij de Punt en de gijzeling in Bovensmilde van een lagere school) zat ik aan het eind van het tweede jaar. We maakten het van dichtbij, maar tegelijkertijd ook weer van veraf mee. Ik las er over, we gingen bidden voor de PA studente die in de trein zat. Ook ik was de mening toegedaan dat Nederland een forse schuld had ten opzichte van de Ambonezen. Dat laatste was de benaming die we in die dagen veel gebruikten. Ook in Hoogeveen hadden we een Ambonezenwijk. En de voormalige synagoge aan de Schutstraat werd ook verhuurd aan een Molukse kerk. Na de eerste treinkapingen hebben we als GPJC (de jongerenafdeling van het GPV) zelfs contacten gelegd en een keer een uitgebreide informatieavond belegd in een zaaltje achter de kerk. Achteraf bezien werd dat meer een publicitaire strijd tussen de aanhang van de RMS van ir. Manusama en de aanhangers van “generaal” Tamaela (deze laatste had zich ook opgeworpen als RMS president). Nog jarenlang kreeg ik maandelijks het blad van de stichting Door De Eeuwen Trouw door de brievenbus. Mijn mening in die tijd zal trouwens ook flink gevormd zijn door het Gereformeerd Gezinsblad. Deze krant vertolkte meestal de mening van het Gereformeerd Politiek Verbond, de enige partij die in de Tweede Kamer op kwam voor het streven van een vrije republiek voor de Zuid-Molukkers.

de trein die bij De Punt was gekaapt
de trein die bij De Punt was gekaapt

Westerman zet het in zijn laatste boek goed uiteen. En tegelijkertijd probeert hij de motieven van de jonge Zuid-Molukkers te doorgronden. Jonge mensen die met de Bijbel (Het Woord) in de hand tot deze acties kwamen. Woorden, ook bijbelse woorden, deden er toe in hun handelen. Vervolgens zet de schrijver het verhaal over een vrije Molukse republiek in een groter kader. Hoe moet je deze acties tegemoet treden?  Probeer je ‘terroristen’ met woorden te overreden? Niet voor niets geeft Westerman zo veel aandacht aan de betrokken onderhandelaars bij de kapingen. Beide waren psychiater en wisten vanuit hun vakgebied dat woorden er wel degelijk toe doen. En bij de eerste kaping was het ook min of meer opgelost met woorden. Vanuit die positie is het ook niet zo gek dat Westerman een cursus onderhandelen gaat volgen in Ossendrecht. Daarmee ook tegelijk toegevend hoe lastig en moeilijk het is om mensen die zo vast zitten in hun eigen verhaal en mening, te laten merken dat je werkelijk hun woorden hoort en dat er ook nog een weerwoord is te geven. Regelmatig heb ik bij dit boek even extra moeten ademhalen. De woorden spatten soms van de pagina’s af en zetten aan tot reflectie, ook op je eigen woorden en handelen. Het is niet voor niets dat Westerman ook andere terreuracties in dit boek aan de orde stelt. Daarbij laat hij zien wat de effecten zijn als de overheid niet meer bereid is om woorden te gebruiken en levens te redden, maar alleen de wapens laat spreken.
Enkele weken geleden stak een verwarde man een leegstaand pand in de fik. Het gebeurde in Amsterdam en Het Parool berichtte er later uitgebreid over. De verwarde man klom op de steigers rond het gebouw, al schreeuwend. De politie kwam te laat omdat het volgens de protocollen moest werken en goed bewapend ter plekke moest zijn. Tussen de regels door las je het onbegrip van de verslaggever en de ooggetuige. Was met de juiste woorden een sprong naar beneden te voorkomen geweest? Dat is ook de intrigerende vraag die Westerman opwerpt. Daarnaast vraagt hij ook aandacht voor de ontstaansgeschiedenis van het geweld. Niet voor niets heet dit boek ‘Een woord een woord’. Het hele gezegde is; een man een man, een woord een woord. Dat hele gezegde toepassen is prachtig natuurlijk. Maar het geeft tegelijkertijd de worsteling weer, moet je tegenover terroristen je woord houden? Ook in Westermans boek komt deze vraag aan de orde. En de rol van de overheid is in dit verband niet te onderschatten. De Molukkers voelden zich verraden door de overheid en hadden daar ook alle reden toe.
Het vorige boek van Westerman ‘De slag om Srebrenica’ daagde ook al uit om na te denken over de rol van de overheid. Westerman legde ook daar de vinger op de zere plek en grote woorden van ministers en kolonels kwamen opnieuw niet ongeschonden uit de strijd. Met dit boek is er opnieuw een bijzonder boek toegevoegd aan het oeuvre van Westerman. Een woord, een woord; een waardige opvolger van ‘Stikvallei’ (waarin verhalen en woorden ook centraal stonden) en het definitieve boek over Srebrenica. In het ND vond Herman Veenhof dat Westerman geen recept had tegen religieus terrorisme. Deze uitspraak is mij te negatief. Westerman legt wel degelijk uit dat je religieus terrorisme moet bestrijden door de religie van de ander heel goed te bestuderen, dit in navolging van een Franse wetenschapper. Toon aan tegenover de terrorist die zich geïnspireerd voelt door de Koran, dat hij het werkelijk bij het verkeerde eind heeft. Serieuze christenen kunnen toch ook uitleggen dat de kruisvaarders met hun “God wil het” bij het verkeerde eind hadden en dat Luther met zijn ‘Jodenhaat’ de Bijbel verkeerd interpreteerde?

+ mooi geschreven verhalen, waarbij de persoonlijke geschiedenis verweven wordt met de ‘echte wereld’
+ de schrijver durft eerlijk te benoemen dat een bijzondere bevolkingsgroep onrecht is aangedaan
+ het laat goed uitkomen dat de ene onderhandelaar, de andere niet is (Havinga versus Mulder)
+ de niets ontzeggende en keiharde politiek van Poetin wordt aan de kaak gesteld
+ er staan geen foto’s in dit boek, het woord moet het doen
+ ik denk dat Westerman veel voelt voor theedrinken (Beatrice de Graaf, Job Cohen), maar ook beseft dat de overheid het zwaard niet tevergeefs draagt
+ ‘in het verleden ligt het heden, in het nu wat worden zal’, een uitspraak van Groen van Prinsterer (in mijn PA tijd geleerd van geschiedenisdocent Arjo Vanderjagt), Westerman maakt deze uitspraak waar in zijn boek

Bij de literatuurverwijzingen staat een boek genoemd van Janneke Wiegers, ‘Dit is een kaping’. (Geen Wiggers dus!) Wanneer je haar naam googelt, zijn een paar bijzonder interviews terug te zien. Ze vertelt daarin over haar ervaringen in de trein bij De Punt. Janneke zat bij ons op de PA aan de Hereweg en was de boven genoemde PA studente.  Haar vader werkte bij de provincie Drenthe en kreeg later ook nog te maken met een terreuractie in het provinciehuis, maar kon op tijd ontsnappen.  (13 maart 1978)

DWDD University

IMG_1226Beatrice de Graaf begon haar collega met een citaat uit Dostojevski’s ‘Boze geesten’. Het dikke boek bleef vervolgens op tafel liggen en aan het eind van het college pakte de hoogleraar geschiedenis het nog eens theatraal als een Bijbel ter hand. Ik kende alleen de titel van dit boek; die is intrigerend. Kort geleden heb ik geprobeerd om de ‘De speler’ te lezen, maar ik vond het niet om door te komen. Ik denk daarom dat ik ‘Boze geesten’ niet zo snel ter hand zal nemen De Graaf gebruikte het boek van Dostojevski om iets te vertellen over het ontstaan en de motieven van terrorisme. Al gauw kwamen Bakoenin en vele navolgers in snel tempo voorbij. In een inleidend praatje van Matthijs van Nieuwkerk bleek dat deze aflevering van de DWDD University eigenlijk aangevraagd was door de kijkers. Veel reacties op de DWDD-redactie om Beatrice de Graaf een keer uit te nodigen. Terecht, want na de laatste aanslagen in Parijs hield de hoogleraar geschiedenis, met als specialisatie terrorisme, een uitstekende en nuchtere analyse op TV.
In haar college onderscheidde ze vier golven van terrorisme vanaf Dostojevski. Aangezien dit college werd opgenomen op donderdag 10 maart (50 jaar geleden werd het huwelijk tussen Beatrix en Claus gesloten), is de uitzending op zaterdag 12 maart om 20.30 u. op NPO1. Rijk voorzien van oude beelden wordt het vast een geweldige uitzending. Geen triest en bangmakend verhaal trouwens. De Graaf geeft een eerlijk beeld van alle verschrikkelijke gevolgen van terroristische daden, maar ook aanwijzingen om terrorisme te bestrijden. Ook al heet het terrorisme op dit moment IS, er is hoop! En dat het uiteindelijk wel goed komt, moeten we niet alleen bij de overheid neerleggen, maar ook bij de burgers. Burgers moeten gewoon in gesprek gaan met mensen van andere culturen en religies. Ga maar theedrinken! Zoek de ander op en ga elkaar leren kennen. Ook aan de huidige golf zal een eind komen, wanneer kan ook Beatrice de Graaf niet aangeven. Een gegeven is ook dat er in de toekomst ook wel weer nieuwe terroristen zullen opstaan. De mens is nu eenmaal in zonde ontvangen en geboren. Als belijdend christen weet ook Beatrice de Graaf dat als geen ander.
Gaat dat dus zien, deze zeer informatieve aflevering van de DWDD University!
de kozakkentuin Na afloop van de opnames in ‘Podium Mozaïek’ kregen de bezoekers allemaal een boekje.  De VARA/BNN medewerkers deelden die uit. Op de omslag allemaal foto’s van krantenartikelen met terroristische aanslagen. Mijn eerste gedachte was dat het college van de Graaf al in druk was verschenen. Helaas… het bleek een simpel aantekenboekje ter grootte van een Moleskine agenda. Maar ja… dat omslag, wat moet je daarmee? Plannen voor aanslagen in noteren, voor je eigen geheimschrift? Of is het gewoon een gadget? Ik noteerde de naam van Dostojevski’s boek en een vraag voor de hoogleraar. Waarom geen aandacht voor de rookbom van 50 jaar geleden? Of viel die niet onder een terroristische aanslag?
Over die schrijver van ‘Boze geesten’ verscheen eind vorig jaar een boeiend boek van Jan Brokken. In ‘De kozakkentuin’ vertelt Brokken de bijzondere vriendschap tussen Alexander von Wrangel en Fjodor Michajlovitsj Dostojevski. Een boeiend verhaal over de verbanning van Dostojevski naar het verre Siberië. Het laat mooi uitkomen wat de motieven waren van schrijver Dostojevski en tekent ook prachtig de sfeer van het Rusland onder de laatste tsaren.

een leesrijk 2016 gewenst

Dit zijn mijn boeken van 2015. Ieder heeft zo zijn lijstjes en daar kan de mijne nog wel bij. Natuurlijk is soms volstrekt willekeurig wat je leest. Een gedeelte is door mij gelezen omdat het werd aangereikt door de leesclub. Dat is boeiend omdat je dan boeken leest waar je anders heel gemakkelijk aan voorbij zou zijn gegaan. Soms was het een recensie in het Nederlands Dagblad of in Het Parool dat me nieuwsgierig maakte, zoals ‘de Arabier van de toekomst’ een schitterende beeldroman over een klein jongetje in de Arabische wereld. Een andere keer zie je een boek liggen bij de boekhandel. Zo kwam ik een van de laatste boeken van Tim Keller tegen bij de CLC aan de Raadhuisstraat. Helaas is deze winkel half december gesloten omdat men de huur niet meer kon opbrengen. Een verlies voor Amsterdam omdat je bij Els Oosterhuis altijd hartelijk welkom was voor een praatje en een kop koffie en dan soms als vanzelf weer met een boek of een cd de winkel uitging. Bij de mooiste boekhandel van Amsterdam, Scheltema aan het Rokin, kwam ik zo een prachtig boek tegen, ook een beeldroman, over de wijnbouw! Soms wordt een boek je door vrienden of je dochter aanbevolen, ook dat maakt dan weer nieuwsgierig. Ook zijn er boeken die zo boeien dat je meer van dezelfde schrijver wilt lezen. Dat geldt voor de boeken van Frank Westerman, Jaap Scholten, Stevo Akkerman en Dave Eggers. Eigenlijk kom ik regelmatig tijd te kort en zou ik nog veel meer willen lezen. Deo Volente is er ook in 2016 weer tijd genoeg om zo nu en dan over de horizon te kijken. Ik wens u een leesrijk jaar en Gods onmisbare zegen! Trouwens alle hier afgebeelde boeken zijn zeer lezenswaardig, hoe divers de verzameling ook zijn mag!

2016 boeken

bevorderd tot heerlijkheid

jaap zijlstraVerwachting

Als de dag begint te doven
en de zon mij niet meer ziet,
als de schemering gaat komen
en ik stil word van verdriet,
als de nacht valt en mijn vogel
niet meer opdaagt met een lied –
na mijn duisternis Uw licht,
na mijn zwijgen Uw gedicht.

 

In memoriam Jaap Zijlstra 1933 – 2015
Zat even te twijfelen of het nu met een d of een t moest. Maar het eerste lijkt met toch het meest juist. Broeder Jaap Zijlstra is bevorderd tot hemelse heerlijkheid. Volgens de laatste berichten was hij al ernstig ziek en vandaag meldt de ND-site dat hij is overleden. In mijn exemplaar van de ‘verzamelde gedichten’ heeft hij op 13 maart 2010 in Doorn zijn handtekening gezet. Het zal op een van de inmiddels helaas verdwenen cultuurzaterdagen van het ND zijn geweest dat hij met aandacht en overgave de aangeschafte exemplaren signeerde. Een klein gesprekje hoorde daarbij, waarvan ik mij kan herinneren dat het indruk maakte. Toen ik eind 2010 thuis kwam te zitten heb ik regelmatig zitten bladeren en in alle rust een gedicht tot me genomen. Het advies waar Jaap Zijlstra zijn voorwoord mee afsluit is trouwens zeer wijs:

Lees langzaam,
durf traag te zijn,
u drinkt geen limonade,
u drinkt wijn.

Wat je bij vrijwel geen  enkele verzameling gedichten aantreft, zit wel in deze bundel verzamelde gedichten; een cd met voorgelezen werk door de dichter zelf. Het gedicht VERWACHTING is daar te vinden onder nr 76 en staat op blz 409. Het is het laatste gedicht in dit boekwerk en een paar weken geleden heeft Jaap Zijlstra zijn volgers op Facebook gezegd dat hij er mee stopte. Daarbij tekende hij aan dit gedicht over te schrijven. Ik ga dat doen, vóór in mijn  2016 agenda, langzaam.  Voor de liefhebber nog een gedicht, met de titel Kerst.

Kerst

De herders, zij ruiken de stal,
zij gaan in draf op huis aan
en bekijken met grote ogen het lam
dat in hun kribbe ligt.

De wijzen gaat een licht op,
zij slaan er Bileam op na
en al hun wijze voorgangers
die weet hebben van de ster.

De bijbelkenners en kamerverhuurders,
zij slapen de slaap des rechtvaardigen,
heel Betlehem slaapt.

Wij weten van de prins geen kwaad,
dat komt nog wel,
drieëndertig jaar later.

Het is gelukt met Isings / levend water gaat digitaal (2)

de herders hebben het in doeken gewikkelde kind gevonden
de herders hebben het in doeken gewikkelde kind gevonden

Het heeft wat moeite en heen en weer gemail gekost. De onderhandelingen waren pittig en het was op voorhand al niet gemakkelijk uit te vinden waar de rechten lagen. Waar gaat het om? Nu de bijbelmethode  voor het basisonderwijs helemaal gedigitaliseerd is, staan alle platen van Michel de Boer zo voor het grijpen! Ik bedoel, de juf of meester kan er heerlijk in grasduinen en ze laten zien op het digibord bij het te vertellen bijbelverhaal. Tegelijkertijd opende dat ongekende mogelijkheden. Je kunt binnen de omgeving van LEVEND WATER ook filmpjes online zetten en natuurlijk nog veel meer platen. Een al lang gekoesterde wens van mij gaat nu in vervulling. De zestig prachtige bijbelplaten die J.H. Isings (1884-1977) in de Tweede Wereldoorlog maakte werden rond 1950 opgenomen in “De Bijbel behandeld voor jonge mensen”. Onder het pseudoniem Wolf Meesters had schoolmeester Wolbert Meijer (1904-1996) een jeugdbijbel geschreven. Ik kan me niet herinneren dat er ooit uit is voorgelezen, terwijl ze bij ons thuis in de boekenkast stonden: twee forse delen. Maar het waren de platen waar het om ging; prachtige zoekplaatjes, die een heel verhaal vertelden. Isings heeft ook getekend voor een aantal andere “kinderbijbijbels”, maar deze zestig platen waren paginagroot. Een paar maanden na het overlijden van Isings werden alle zestig platen nog een keer uitgegeven door uitgeverij De Vuurbaak. De platen zijn weergegeven op ware grote en in de oorspronkelijke kleuren en het boek is nog antiquarisch verkrijgbaar.  Helaas mag je de platen niet zo maar gebruiken voor een methode als Levend Water. Er zit auteursrecht op van zeventig jaar. Je zou bijvoorbeeld wel alle bijbelse afbeeldingen van Rembrandt mogen gebruiken. Via uitgeverij Contact, de directeur van De Vuurbaak en uitgeverij Noordhof in Groningen kwamen we terecht bij een bureau in Amstelveen die de rechten van dit soort werken in beheer heeft. Ook de bekende geschiedenisplaten van Isings kunnen ze leveren.
Om een lang verhaal kort te maken, het zou natuurlijk fantastisch zijn wanneer de Isings-platen ook in Levend Water te gebruiken zouden zijn. In 2006 hadden ze voor het laatst nog gefungeerd in een soort uitlegvertelling van de Bijbel. Maar vader en zonen Blokker lieten zich daarbij adviseren door professor Kuitert. En met hoeveel respect ze ook de bijbelse teksten benaderen, het blijft bij een verhaal van drie ongelovigen die de Bijbel als een belangrijk cultureel erfgoed zien. Eigenlijk wel triest dat de platen van Isings daarin figureerden. Isings was een diepgelovig man, die in zijn werk eerbied voor de Heilige wilde laten zien. Op zijn rouwkaart stond: “… ging van ons heen, naar zijn eigen woorden: ‘Vrijgemaakt om met Christus te zijn’ (Filipenzen 1:23)”. Dat laatste is in het boek van de Blokkers, onder de veelzeggende titel “Er was eens een god”, ver te zoeken.
Binnenkort voor de vertellende meester en juf dus ook beschikbaar, platen die getuigen van historisch inzicht en eerbied voor de verhalen in Gods Woord.

God in de oorlog

gee duimbreed k.schilderHet zaaltje van de PThU aan de Boelelaan zat afgelopen dinsdag afgeladen vol. Eigenlijk was ik te laat met aanmelden, maar Wim Berkelaar zegde toe stoelen bij te plaatsen. Het HDC van de VU hield een symposium over het eerder dit jaar verschenen God in de oorlog. De rol van de kerk in Europa, 1939-1945 van Jan Bank. In het dagblad TROUW was er nogal wat ophef over geweest en het onderwerp blijft tot op vandaag natuurlijk actueel. Een vijftal sprekers reflecteerde op de lijvige pil van professor Bank. Ik vond vooral de bijdrage van dagvoorzitter George Harinck boeiend omdat hij het Nederlandse verhaal nog een keer extra belichtte, in het bijzonder de situatie binnen de Gereformeerde Kerken. Nieuw was voor mij het gegeven dat kerken in die tijd, zeker voor Wereldoorlog II, eigenlijk geen openbare uitspraken deden. De rol van de kerken in Nederland was beperkt wat dat betreft. Abraham Kuyper (soevereiniteit in eigen kring) had de kerk omringd met een grote groep organisaties en daarmee was het zicht op de rest van samenleving min of meer verdwenen. Kerken waren dan ook verlegen met de hele situatie toen de oorlog uitbrak. Er waren theologen en dominees die reageerden via brochures en ook in zondagse preken. K. Schilder schreef in 1936 al een felle aanklacht tegen het nationaalsocialisme (Geen Duimbreed), in de oorlog werd hij zelfs een tijd gevangen gezet. In hervormde kring was het dr.J.Koopmans (predikant van de Noorderkerk in Amsterdam) die in het begin van de bezetting een fel betoog schreef tegen de bezetter, ook in brochurevorm. [De Belgische schrijver Geert van Istendaal eerde Koopmans met een geweldig essay in de bundel ‘Mijn Nederland’.] Maar dit waren individuele kerkleden die van zich lieten horen, niet een heel kerkgenootschap. Er waren genoeg anderen die vonden dat de bezettingsmacht de overheid was die gediend moest worden.
Helaas is over de rol van de kerken nog veel te weinig onderzoek gedaan volgens Harinck. Er is veel verzet van gereformeerden geweest. Er waren gereformeerden die in knokploegen zaten, er waren gereformeerden die onderduikers verborgen hielden. Er zijn veel gereformeerden gesneuveld en vermoord in de concentratiekampen, onder hen ook predikanten. Verhalen te over. Na de oorlog leek het soms wel of alle gereformeerden in het verzet hadden gezeten. Maar niets is minder waar. Ik dacht het ook, na het lezen van ‘Snuf de Hond’ en ‘Reis door de nacht’ en zeker ook door de verhalen in het ouderlijke huis. Mijn ouders trouwden in 1942, kregen de eerste twee van de negen kinderen in de oorlog, terwijl ze inwoonden bij opa en opoe. Voor zover ik weet zijn er zeker twee onderduikers geweest. Oom Gijs, de onderduiker, kwam na de oorlog nog wel eens op bezoek. Mijn idee was dat vrijwel iedereen uit de kerk wel iets gedaan had. Helaas was de werkelijkheid anders.
Vooral dat laatste wordt wel heel erg duidelijk uit het boek van professor Bank. Het waren minderheden die zich daadwerkelijk verzetten en dat ook durfden vol te houden met gevaar voor eigen leven. Logisch dat na zoveel jaren, met meer afstand kijkend naar de jaren 40-45, het soms ook wel een ontluisterend beeld geeft. Dat doet echter niets af aan alle inzet en gedrevenheid van al die mensen die wel iets deden. Het is maar te hopen dat er nog eens een bredere studie over de kerken in Nederland ten tijde van WOII wordt gedaan. Al met al een leerzaam congres met aan het eind een pittige discussie. Dr. Jan Ridderbos die een boek schreef over gereformeerde dominees in de oorlog schreef was het wel heel erg oneens met professor Bank. Dat smaakt naar meer discussie en onderzoek.
son of saulWat zouden we er van kunnen leren voor vandaag? Hoe moeten kerken reageren op oorlog? Het lijkt wel een beetje dat veel kerken (als instituut) daar nog niet eens veel verder mee gekomen zijn. Ook daarom zou onderzoek naar het verleden, nuttig kunnen zijn voor het heden. Ondertussen moeten kerkmensen het verleden echt onder ogen durven zien. Een goed voorbeeld is naar mijn idee het aanbod in de bioscoop. Een kaskraker op dit moment is de laatste James Bondfilm. Niks mis mee, aardige verstrooiing maar agent 007 beweegt zich wel heel erg buiten de bestaande werkelijkheid. Christelijke James Bondfans zouden ook ‘Son of Saul’ moeten bezoeken. Een film die in veel dagbladen vijf sterren kreeg van de critici. De Hongaaarse film gaat over een lid van een sonderkommando in een concentratiekamp. Deze kommando’s bestonden vaak uit Joodse mannen en ze moesten het vuile werk voor de kampbewakers in de uitroeiingskampen in WOII opknappen. Vaak overleefden ze het niet en hadden ze ook geen enkel uitzicht op de vrijheid. In de film komt alle barbaarsheid van de kampen naar voren. Een aangrijpende verbeelding van de concentratiekamphel. Op het bovengenoemde congres zat ik ’s middags bij toeval naast David Barnouw. Hij heeft heel lang gewerkt bij het NIOD (oorlogsdocumentatie centrum) en was natuurlijk geïnteresseerd in de discussie over boek van Bank. We kwamen aan de praat, onder andere over ‘Son of Saul’. Barnouw vond de film erg overgewaardeerd, maar daarin verschilden we toch van mening. Barnouw is volgens zijn website een professioneel kijker naar films en documentaires over de oorlog. Een gemiddelde bezoeker kijkt anders denk ik. Ik zit wat dat betreft meer te wachten op een kritische beschouwing van Willem Jan Otten. De laatste ziet er ongetwijfeld een indrukwekkende ‘rite de passage’ in. Een film die je aan het denken zet, over hoe je zelf zou reageren in zo’n uitzonderlijke situatie. Een film die nederig maakt.

Voel je je ook deel van een plaag? (2)

Storm HET PAROOLOp donderdag heeft HET PAROOL altijd een cultuurbijlage. Het brengt je op ideeën en het laat ook zien hoe critici aan kijken tegen bepaalde kunst en boeken. Maar ook CD’s, concerten en films worden meestal op een prettige manier besproken. Al jaren is Arie Storm een van de literatuurcritici. Toen hij vorig jaar de presentatoren van het zaterdagochtendprogramma NIEUWSUUR in een roman op een rare manier bespottelijk maakte, was zijn commentaar op boeken, rond half elf, niet meer te horen. Hij was beslist niet gedroomde vervanger van Martin Ros. Al vaker liet Arie Storm merken niet zoveel op te hebben met moraal en zeker niet de moraal van het christendom. Toen Willem Jan Otten, de man Vonne van der Meer, de P.C. Hooftprijs kreeg, vond Storm dat ook maar niets. In zijn kritiek op ‘Winter in Gloster Huis’, op zich zijn goed recht natuurlijk, maakt Storm duidelijk dat schrijfster Vonne van der Meer geen goede schrijfster is. Daarna vindt Storm dat van de doodwensen die beschreven worden, een karikatuur wordt gemaakt. Volgens Storm gaat dit boek over ‘euthanasie’ niet serieus met de kwestie om. Tja, over smaak valt te twisten, maar over lichtzinnigheid wordt het wat moeilijker. In een uitgebreid interview legde Vonne van der Meer uit dat haar zorgen wel degelijk terecht zijn. Ze wil de lezer daarover aan het denken zetten en steekt daarbij tussen de regels door, niet onder stoelen of banken waar haar sympathie ligt. Over de vraag van het hoe en waarom voor de zelfgekozen dood na een voltooid leven heeft de schrijfster wel degelijk nagedacht. En het mooie is dat ze weet van mensen die opeens door een voorval of gebeurtenis toch afzagen van hun voornemen. Haar boek is onder meer een oproep om eenzame ouderen uit hun isolement te halen en daarmee te behoeden voor een dodelijke keus. Ook wil ze de lezer duidelijk maken dat de dood nier perse mooi en pijnloos hoeft te zijn. Er is nu eenmaal ziekte en aftakeling. Arie Storm wil dat allemaal blijkbaar niet weten of houdt zich onwetend. Een gemiste kans!

Voel je je ook deel van een plaag?

winter in gloster huisHet heeft niet de boekentafel van DWDD gehaald. Soms is dat maar goed ook. Alhoewel, het boek van Vonne van der Meer zou toch minstens het boek van de maand geweest kunnen zijn. Jaren geleden had deze schrijfster veel succes met Eilandgasten en De Avondboot. Verhalen die zich afspeelden op één van de Waddeneilanden. Verhalen over gewone mensen, waarin prachtig onderhuidse verlangens en gevoelens getekend werden. Van der Meers nieuwste roman, Winter in Gloster Huis, speelt in de toekomst, het jaar 2024. Ik dacht; voor je het weet is het zover. Twee broers hebben een heel bijzondere erfenis in de schoot geworpen gekregen. Een miljoenenerfenis en in eerste instantie weten ze niet wat ze er mee aan moeten. Na veel wikken en wegen, de broers zijn erg op elkaar gesteld, vinden ze een bestemming. De ene broer start een Vaarwelhuis en de andere start het Gloster Huis. In het Vaarwelhuis kun je op ‘waardige’ manier sterven, wanneer je denkt dat het leven voor jou genoeg is. Aan de andere kant van het meer wordt het Gloster Huis gebouwd, daar kunnen spijtoptanten terecht.
Laat je verrassen door deze subtiel geschreven roman. Her en der mooi vleugjes humor en een prachtig plot. Een verhaal wat je aan het denken zet, wanneer is het voor de mens genoeg? Achterop, onder de foto van de schrijfster, staat een soort motto ter overdenking.

Wie steeds maar hoort
dat hij deel uitmaakt van een plaag
gaat dromen van zijn eigen einde.

In het klimaat van het absolute

in het klimaat van het absolute‘Een handleiding voor kerkscheuringen’ . Het zou een ondertitel kunnen zijn van het proefschrift van Ab van Langevelde. Met zijn biografie over professor Veenhof verkreeg van Langevelde vorige maand in Kampen een doctorstitel in de theologie. Een goed geschreven levensverhaal, dat blijft boeien tot het eind. Opgegroeid in de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw, kan ik er maar een beetje over meepraten. Eerder heb ik wel eens geschreven over de Synode van Hoogeveen (1969-70), mijn vader zat toen in de huisvestingscommissie. Die synode, ik was 13, heb ik dus als beginnend puber meegemaakt. In Hoogeveen was er vrijgemaakt kerkelijk zeker sprake van een zijn ‘in het klimaat van het absolute’ (de ondertitel van de dissertatie). Wij hadden in Hoogeveen als predikant dominee Joh. Francke en die wist waar hij het over had. Rond de kwestie van dominee van der Ziel in Groningen, in het biografie over Veenhof komt het uitgebreid aan de orde, liet ook dominee Francke zich niet onbetuigd. Tijdens het grote gebed in een kerkdienst werd deze kwestie uitgebreid bij de Heere gebracht. Daarin klonk natuurlijk een oproep tot bekering door, dominee van der Ziel zat immers fout! Ik zal nooit vergeten dat tijdens zo’n lang gebed een hele familie uit ergernis de bank uit stommelde. Vanuit mij ooghoeken zag ik een klasgenootje meegetrokken worden door zijn vader. Het kan niet anders dan dat deze familie later ‘buitenverband’ werd.
Ik merk dat ik gelijk afdwaal naar het persoonlijke, mijn eigen verhaal. Bij het lezen van deze biografie had ik dat regelmatig. Namen van predikanten waar je gelijk een beeld bij hebt, gebeurtenissen waar je eerder over hebt gelezen. Verschillende keren ook ben ik mijn boekenkast ingedoken en heb ze erbij gepakt. De acta van de eerste vrijgemaakte synode in 1945, verschillende boeken van K. Schilder, maar ook Veenhof bleek in mijn boekenkast te staan. Wanneer je nog eens bladert door “Predik het Woord’, roept dat herinneringen op aan avonden discussiëren op de mannenvereniging, onder het genot van een goede sigaar. Voor de goede verstaander is het nog steeds een leesbaar en boeiend boek, ook kun je het op marktplaats voor €4,- kopen.

predik het woordDe biografie over professor Veenhof is ook een kerkgeschiedenisboek. Dat maakt het dus dubbel boeiend. Het geeft een mooie indruk van het drukke leven van een jonge predikant voor de Tweede Wereldoorlog, midden in het kerkelijk leven. Bevriend met K. Schilder weert Veenhof zich geducht in de steeds heftiger wordende kerkstrijd, die ook in de oorlog gewoon doorgaat. Verzaken is er op dat gebied niet bij. Mooi tekent de schrijver Veenhof, deze wil eigenlijk niets liever dan een wapenstilstand in de kerk, probeert daarom Schilder ook af te remmen. Wachten tot de verschrikkelijke bezetting door de Duitsers achter de rug is. Veenhof zal zich dan ook pas na de oorlog bij de artikel 31-ers voegen. Van Langevelde laat vervolgens goed uitkomen dat na WOII het klimaat in de vrijgemaakte kerk steeds absoluter wordt. Er is alleen maar goed of fout, één ware kerk en alle andere kerken zijn daarmee vals. Op de HAVO leerde ik het zo van de schoonzoon van K. Schilder. Zelfs de Christelijk Gereformeerden waren valse kerk volgens zijn zeggen. Uiteindelijk liep dit hele absolute denken uit op een nieuwe scheuring in de tweede helft van de jaren zestig.

Tijdens het lezen besefte ik dat mijn ouders en vele ouders van generatiegenoten in die sfeer van goed en kwaad, waar en vals zijn opgegroeid. Natuurlijk waren er heel veel broeders en zusters in de kerk die wel wat ‘rekkelijker’ waren, maar de heersende stroming was duidelijk. Mijn ouders lazen naast het Gereformeerd Gezinsblad ook de Reformatie, beter was er niet. Het leert dus ook veel over hoe we in onze opvoeding zijn beïnvloed en daar uiteindelijk ook weer op reageren. Daarmee heeft van Langevelde een prachtige spiegel gemaakt. Een spiegel die je het verleden op een rustige manier voorhoudt. Fouten over en weer, er wordt niet over gezwegen. Menselijke zwakheden zijn er in het verhaal te over. Maar het laat ook heel eerlijk de drijfveren zien van onze ouders en grootouders. En steeds weer met een beroep op Gods Woord en daarmee op Zijn Waarheid. Het kan haast niet anders dan dat je dit levensverhaal leert relativeren. Waarom je zo druk maken over al die verschillen en strijdpunten, die wanneer je jaren later terugkijkt, gewoon het ruziemaken niet waard zijn. Bergen blijken opeens kiezelstenen te zijn.

ds. Joh. Francke
ds. Joh. Francke 1908-1990 foto uit ‘Er staat geschreven… Er is geschied’ met als onderschrift: ‘Mag wat kan?’

Een forse aanbeveling dus om te gaan lezen. Lees het verhaal over Veenhof en daarmee het verhaal van een vorige generatie, maar wel een generatie waar wij uit geboren zijn. Misschien kunnen we er wat van leren. Helaas zijn er nog steeds duizenden gereformeerden die zich als maar vastbijten in stelligheden en mijns inziens vergeten dat onze Heiland Jezus omkeek naar hoeren en tollenaars en de Farizeeën veroordeelde vanwege hun wetticisme. En pas op, voor je weet zit je in je eigen denkraam en denk je het beter te weten dan die ‘strenge’ broeders en zusters. De dominee van mijn jeugd was een diehard zei men weleens. Tegelijkertijd was hij een diepgelovig man die naar eer en geweten streed voor Gods eer. Dat laatste vergeten we dan vaak snel. Ondanks al het absolute waren het gelovige mensen die geestelijk met elkaar op de vuist gingen. Achteraf had dat anders gekund en gemoeten. Een mooie opdracht om het absolute achter ons te laten en eenheid te zoeken met zo veel broeders en zusters die ook willen leven van genade.

stem ook voor 18 november!

dit-kan-niet-waar-zijnhttps://nspublieksprijs.nl/

Er staan vijf boeken op de nominatie om de NS PUBLIEKSPRIJS te winnen.  Er zitten aardige boeken tussen, maar naar mijn idee is er deze keer maar één winnaar. Een boek dat maanden op nummer 1 heeft gestaan van best verkochte boeken. Een boek dat wezenlijk iets aan de orde heeft gesteld over hoe banken met mijn en jouw geld omgaan. Een verhaal dat de komende jaren blijvend onder de neus van politici en bankdirecteuren moet worden geduwd. Wat mij betreft; terug naar  de ouderwetse Boerenleenbank of de Raiffeisenbank, of hoe die bank ook maar heten mag. Een bank  die zijn werknemers op een normale manier betaalt, waar je fatsoenlijk een hypotheek kunt afsluiten. Met daarbij aangetekend dat de meeste Nederlanders het dan ook begrijpen wat ze lenen en wat het kost. Recht toe recht aan producten graag. Met groeiende verbazing en ook interesse heb ik Luyendijks boek gelezen. Ik denk dat zijn verhaal wel zo ongeveer de waarheid is. Maar al zou de helft of een kwart waar zijn, dan nog is Luyendijks boodschap verontrustend. Stem daarom ook, het kan gemakkelijk via bovenstaande link. Dit boek moet blijvend aandacht krijgen! Tot slot, het is ook met humor geschreven en doet niet onder voor de gemiddelde hedendaagse fictie.