Categorie: film

‘Visages villages’: een geweldige film!

Een prachtige poster! En dan de titel, klinkt toch prachtig in het Frans…. Visages Villages…, in het Nederlands lijkt het namelijk nergens op; Gezichten Dorpen. In de krant las ik begin december een positieve recensie. Ergens in mijn achterhoofd ging toen een lampje branden, maar langzaam doofde het ook weer. Kende ik mevrouw Varda ergens van? Had ik die foto bij de recensie ergens gezien? Inmiddels hebben we de film gezien in onze plaatselijk theater, annex bioscoop. Na enig zoeken en terugbladeren klopte het, waar Blendle al niet goed voor is. Op de voorkant van de PS (dagelijkse bijlage van het Parool) stond een prachtige foto van de postbode van Bonnieux (midden in de Provencaalse heuvels, met vlakbij het geweldige Château La Canorgue!). Vanaf het terras van madam Sylvie, waar we een heerlijke salade nuttigden, konden we hem zien, een huizenhoge uitgeknipte postbode, afgedrukt in zwart-wit, geplakt op een huismuur. Ik weet dat we het erover gehad hebben; wie doet zoiets en waarom is het gedaan? Een bijzonder statement, maar we legden op dat moment geen verband met de portretfoto’s die het marktplein van Reillanne sierden. Een mooi eerbetoon aan de plaatselijke postbode, dachten we. Bijzonder was wel dat er in Bonnieux op een andere plek nog zo’n grote foto was geplakt. In Reillanne, twintig minuten rijden oostelijker, was ons door de eigenaar van ons vakantieappartement verteld dat die grote portretfoto’s door een bijzondere fotograaf waren gemaakt, “een project of zo..”.

Door de prachtige film ‘Visages Villages’ werd opeens het hele verhaal duidelijk. De jonge Franse fotograaf JR maakte enkele jaren geleden kennis met de inmiddels 89-jarige filmmaakster Agnes Varda. Samen hebben ze deze film bedacht en gemaakt. Gewone mensen opgezocht, ver van de grote stad, en gepeild wat deze mensen bezield. Prachtige portretten zijn het geworden, van ‘gewone’ mensen in verschillende Franse dorpen. Tegelijkertijd maakte de fotograaf ook zijn beelden, vergrootte ze uit en plakte ze op. Als studio gebruikte hij regelmatig zijn busje, dat er van de buitenkant uit ziet als een groot fototoestel. De poster van de film laat een oog van Agnes Varda zien, geplakt op een treinwagon. In de film verdwijnt het oog langzaam in de verte, symbolisch voor het zicht van de filmmaakster, dat ook langzaam achteruit gaat. Zo zit de film vol met persoonlijk verhalen van de beide makers en van gewone, vaak optimistische mensen. De film zet aan tot glimlachen en ook tot nadenken over het leven, het naderende einde en het nut van kunst. Schitterend hoe verbanden worden gelegd door mensen en dieren uit te vergroten. Voor Coos en mij waren verschillende beelden extra treffend, omdat we ze gezien hadden. Maar ook voor diegene die nog nooit in Frankrijk is geweest is de film een must. Gelukkig draait hij her en der nog in ons vlakke Nederland.

Aan de rand van het marktplein in Reillanne, anno zomer 2015.

IDFA 2017 (3)

En ook vandaag was weer bijzonder boeiend, voor de liefhebbers daarom nog een kort verslag en wat indrukken.  Afgelopen maandag was de derde film een ontspannen aangelegenheid. De documentaire ‘Children of chance’ van de Belgische filmmaker Thierry Michel vertelt over het leven in een laatste klas van een basisschool. Hij wilde eigenlijk een film maken over de gesloten kolenmijnen, maar ontmoette toen een schoolklas die bezig was met een project over de mijnen. Uiteindelijk lopen de gesloten mijnen als een rode draad door de film. Een prachtig document met een geweldige juf, die met heel veel tact en liefde haar van oorsprong Turkse leerlingen probeert zo goed mogelijk voor te bereiden op het voortgezet onderwijs. Deze film hoort thuis in het rijtje onderwijsfilms als; Être et avoir, Entre les murs, de klas van Mr. Toshiro Kanamori en de kinderen van juf Kiet. Bekijk de trailer en geniet wanneer je in de gelegenheid bent van de hele film!

Gisteren had ik er maar één docu in mijn agenda staan, ‘Watani My Homeland’. Deze ontroerende film gaat over een Syrisch gezin in Aleppo. Op een dag is vader, commandant van het Vrije Syrische Leger, gekidnapt door IS. Moeder blijft achter met haar zoon en drie dochtertjes en krijgt de kans om via Turkije naar Duitsland te vluchten. Nog steeds in onzekerheid over vader, moet het gezin een nieuwe toekomst, in een volstrekt vreemd land, opbouwen. In Goslar (Harz, voormalig Oost-Duitsland) wordt de familie op een mooie manier opgevangen. Opnieuw een indrukwekkend en aangrijpend verhaal.
Het deed mij extra veel omdat we maandag te horen hadden gekregen dat onze Armeense vrienden Vahe en Aneta met hun twee dochters in Nederland mogen blijven.  Na zoveel jaren onzekerheid hebben ze eindelijk een A-status gekregen, fantastisch en God lof! We weten van hun wat het betekent te moeten vluchten, terwijl je dat zelf niet wilt. Jarenlang niet weten wat er zal gebeuren, moeten leven volgens de regels van de IND en toen ze illegaal gingen; leven van de geef… Hoe zouden wij als verwende Nederlanders reageren? Maar gelukkig is nu het moment aangebroken om weer aan een toekomst te gaan denken!

Gelukkig zijn er ook ontspannende films, alhoewel in ‘Ali Aqa’ zat wel een verdrietige ondertoon. Een duivenhouder in Iran zorgt met veel liefde voor zijn duiven. Achttien maanden heeft Kamran Heidari de oude Ali gevolgd. Ali wordt gekweld door allerlei ouderdomskwalen en heeft ook een hersentumor. Maar ondertussen zijn zijn duiven alles. Een film om bij te lachen en te huilen, over liefde, familieverbanden, handelen in duiven en het verkopen van groente.

En toen was vanmiddag de laatste van mijn serie docu’s aan de beurt. Na een paar minuten wist ik, dit is de film die ik met Harm had willen zien. Dit was een echte docu, over het bizarre oorlogsleven in Noord Irak, verschrikkelijk ook.  ‘The Deminer’ geeft een inkijk in het leven van Fakhir, een Koerdische commandant die als geen ander weet hoe je mijnen en bommen moet demonteren. En ook al verliest hij door zijn werk een been, hij gaat opnieuw door, omdat IS ook zijn sporen achterlaat. En als zijn vrouw en kinderen willen dat hij stopt, kan hij niet anders dan doorgaan; andere kinderen zullen immers getroffen kunnen worden? Een adembenemend verhaal en het bleef lang stil na het laatste beeld. Pas toen de makers Hogir Hirori en Shinwar Kamal op het podium kwamen, werd er lang en luid geapplaudisseerd, terecht! Voor de makers, maar ook voor Fakhir.

Nog drie dagen kunt u terecht in Amsterdam.

 

IDFA 2017 (2)

Het duurt nog tot eind van deze week. Alle tijd dus om nog een keer te gaan. Ik wil de lezer dan ook niet onthouden waar ik inmiddels geweest ben. En even rondstruinen op de site van de IDFA laat zien dat er nog genoeg lege stoelen zijn. Oké, sommige docu’s zijn uitverkocht, maar niet alleen de publiekstrekkers zijn indrukwekkend!

Nadat we vrijdag een begin hadden gemaakt met het schuurtje, waarover later meer, ben ik met broer Henk naar ‘The Man Behind the Microphone’ geweest. Een indrukwekkende en ontroerende film waarin de filmmaakster ontdekt dat haar opa Hédi Jouini, een beroemde Tunesische zanger is geweest. Het levert een prachtige zoektocht op. Waarom heeft ze dit nooit geweten, waarom heeft haar vader er nooit iets over verteld en waarom kan zij zich er niets van herinneren, terwijl ze toen ze jong was toch elk jaar op vakantie naar haar vaders geboorteland gingen? Een intrigerend verhaal met prachtige beelden van de zanger, die in Tunesie en andere Noord-Afrikaanse landen een gevierde held was. Maar ook verdrietig makend, omdat het ook gaat over een verscheurde familie.

 

‘In Cold Blood’ murder house in Holcomb, Kansas

Gisteren was wel een beetje een heftige dag. Ik had drie documentaires gepland, maar gelukkig was het te doen. Voor ‘Cold Blooded: The Clutter Family Murders’ moest ik weer naar de bovenste verdieping van de bioscoop tegenover de Munt. Een heel ander verhaal dan de documentaires van vorige week, maar wel weer een heel boeiend. Eigenlijk meerdere verhalen in één docu. De docu start met de viervoudige moord op de familie Clutter in 1959 in Holcomb, Kansas. Op een zondagmorgen werd de familie in hun huis gevonden door mede-kerkgangers, vader, moeder, zoon en dochter, alle vier koelbloedig vermoord. Uiteindelijk worden de twee daders gepakt, berecht en veroordeeld tot de strop. De maker, Joe Berlinger, heeft prachtig werk geleverd, mee ook omdat hij het non-fictie boek van de schrijver Truman Capote er in betrekt. Het boek werd later verfilmd en boek en film leidden tot opschudding. Va non-fictie mag je verwachten dat het zoveel mogelijk de waarheid weergeeft en dat was nu net het probleem. Een boeiende documentaire, die je volledig meeneemt in het verhaal. Familie, vrienden, oud-politiemensen en ook familie van de beide moordenaars komen aan het woord. Onopgesmukt en goed in beeld gebracht wat de impact van deze verschrikkelijke gebeurtenis had in het kleine stadje.

Gelukkig was ik snel in Tuschinski, maar daar was de hal al wel heel erg vol. De openingsfilm van het IDFA werd vertoont in de grote zaal; Amal. De zaal was volledig uitverkocht en de scheidend directeur heette het publiek welkom. Ook hier was de maker van de film aanwezig.  Mohamed Siam volgt in de documentaire een meisje van 14, tot het moment dat ze als twintigjarige haar groeiende buik streelt. De revolutie heeft het land en de bevolking veranderd, Amal is daar als het ware de spiegel van.
Ook nu weer een indringend verhaal, wat staat voor een veel groter verhaal. Daarnaast is het intrigerend om zo’n inkijk te krijgen, als is het door de ogen van de filmmaker. Je wilt trouwens ook weten hoe het afloopt met Amal, haar moeder en haar grootouders. Dat laatste hoort echt bij het medium documentaire trouwens, het zet aan tot denken en doordenken.

IDFA 2017

Mijn eerste IDFA film zit erop. In een druilerig Amsterdam hingen de IDFA-vlaggen er een beetje triest bij, maar het mocht de pret niet drukken. Twaalf dagen lang staan bioscopen, filmzalen en theaters in het teken van de documentaire. In totaal 319 documentaires worden er vertoond. Onmogelijk om alles te zien natuurlijk en tot op heden heb ik er dan ook maar 8 gepland om te bezoeken. Gelukkig wordt er ook op tv aandacht aan geschonken en zijn er op die manier ook nog een aantal te volgen.
Wat is er nu eigenlijk zo aantrekkelijk aan een documentaire? Wanneer je een liefhebber bent en regelmatig een documentaire bekijkt, dan heb je recht van spreken. De maker heeft zich echt op een onderwerp kunnen richten en dat voor langere tijd. Hij heeft zich echt in zijn onderwerp kunnen verdiepen, motieven en ontwikkelingen bloot kunnen leggen. Een goede documentaire lijkt dan ook erg veel op een goed non-fictie boek. Bij mij op de leestafel ligt op dit moment van Thomas Harding, “Het HUIS aan het MEER”. Een prachtig voorbeeld van een uitgebreid onderzoeksproject. De oma van Harding heeft ooit haar kleinkinderen vanuit Engeland meegenomen naar haar geboorteland Duitsland. Net op tijd was haar gezin gevlucht voor de nazi’s. Maar vergeten is ze haar geboortegrond en in het bijzonder de mooie zomers aan de Wannsee niet. Het levert een prachtig verhaal op over de families die in het huis aan de Wannsee door de jaren heen hebben gewoond.

“The Rebel Surgeon”, een documentaire over een Zweedse chirurg die na jaren werken in Zweden als orthopedisch chirurg in Ethiopië aan het werk gaat. Dit Afrikaanse land is door hem niet willekeurig gekozen, want zijn vrouw is er geboren. En in dit land, met een totaal andere levensstandaard en en niet te vergelijken omstandigheden in ziekenhuizen, kan chirurg  Erik Erichsen ongelooflijk mooi werk verrichten. Met zeer beperkte middelen, en dat is echt een understatement, helpt hij elke dag honderden patiënten. Als voorbeeld laat op een gegeven moment Erichsen zijn boormachine zien. In Zweden geven ze daarin een kliniek wel 4000 euro voor uit vertelt hij, maar hier heeft men er een gekocht in een soort bouwmarkt voor 15 euro. Daarnaast gebruikt hij wielspaken, tiewraps en haarspelden; allemaal omdat ander materiaal in Ethiopië niet voorhanden is.
Een boeiende documentaire die ons westerlingen een spiegel voorhoudt. Erichsen beseft drommels goed dat hij uit een bevoorrechte maatschappij komt. Prachtig fulmineert hij tegen de administratieve rompslomp in zijn vaderland, in Ethiopië kan hij met ongeveer 1% toe. Meer tijd heeft hij er ook niet voor, want elke dag melden zich opnieuw honderden patiënten. Het verhaal zet aan het denken en stelt aan de kaak. En iedereen die wel eens loopt te mopperen op de medische zorg in Nederland, zou zich moeten onderdompelen in dit verhaal.
Het siert de chirurg dat hij ondanks alles, de zieke en ook stervende mens in zijn waarde laat. Ik denk dat hij de maker,  Erik Gandini, op het spoor heeft gezet van de vrienden die een stervende man naar huis brengen. Op een geïmproviseerde brancard dragen acht vrienden, elkaar afwisselend, de stervende naar huis. Erichsen merkt hierbij op: “Hier sterft men nooit alleen!.”

Opstanding | In memoriam Harm 1982 – 2016 (50)

In een film kunnen dingen die in werkelijkheid niet kunnen. Zelfs kleine kinderen beseffen dat al. Toch is het raar als je in een film opeens iets ziet, waarvan je weet dat het niet kan en het toch gebeurt. Het is een beetje raar uitgedrukt, omdat ik denk dat het wel kan. Afgelopen dinsdagavond draaide er weer een Willem Jan Otten film en hij noemde het van te voren in zijn Trouw-essay een Paasfilm. En Pasen gaat over opstanding en daar draaide het om in die film.

Nu hebben Coos en ik vorig weekend ook een andere prachtige film gezien, daarin werd de hele Mattheus Passion uitgevoerd. Een soort documentaire, waarin de makers op een prachtige manier de uitvoering van Reinbert de Leeuw (in de Nieuwe Kerk) hebben vastgelegd. Een sublieme uitvoering en het voelde heel anders dan een uitvoering in het Concertgebouw of wanneer ik de speakers voluit gooi als ik de CD opzet met de opname van Ton Koopman. Maar dat eigenlijk allemaal terzijde. Waar het om gaat is dat de Mattheüs Passion op een vreemde manier eindigt. Het zou simpel kunnen eindigen met het feit dat Jozef van Arimatea Jezus heeft begraven, en dat moest snel, want het begon al donker te worden. Het is ten slotte een stuk voor Goede Vrijdag. Geen opstanding, want Pasen duurt nog even. Toch heeft Bach gemeend  er nog zo’n onbeduidend koor aan toe te moeten voegen, hoe mooi het muzikaal ook is. Het sterven van Jezus wordt beweend en het ‘Rust zacht’ klinkt mijns inziens net even te veel. Totaal geen zicht op wat voor opstanding dan ook.
Wir setzen uns mit Tränen nieder und rufen dir im Grabe zu:
Ruhe sanfte, sanfte ruh! Ruht, ihr ausgesognen Glieder!
Ruhet sanfte, ruhet wohl!
En dat stoort me toch elke keer een beetje.  Het is wel logisch dat het het eind van de Passie open blijft, maar nu is het alleen maar gesomber; rust zacht. Op een grafsteen vind ik dat ook misstaan trouwens.

Maar In Ordet (Het woord; naar Johannes 1), een film van de Deense regisseur Dreyer uit het jaar 1955, vind er werkelijk een opstanding plaats. Op een moment dat je het niet meer verwacht slaat de dode vrouw (die vanwege de bevalling van haar doodgeboren kind is gestorven) de ogen op en kijkt liefdevol naar haar man. Je denkt bij jezelf, wat zou ik graag willen dat dit kon! Ik voelde het moment weer terug, dat we op de IC naast het bed stonden en Harm door machines in leven werd gehouden. Wat hadden we graag gewild dat hij zijn ogen langzaam opendeed en ons aangekeken had, vragend wat hij daar deed… Schrijfster Désanne van Brederode die met Willem Jan Otten de film nabesprak had het ook ontdekt; dit vraagt een levend geloof om het grootste wonder, wat je je voor kunt stellen, te begrijpen. En constateerden beide nabesprekers, de film is niet belerend, niemand kruipt op de stoel van het oordeel. Het wil je ook niks opdringen, maar het zet wel aan het denken. Kan opstanding echt?

Nog een week en het is Pasen. Deze week staan we stil bij het lijden van onze Heiland. Het programma van Passie uitvoerders zit overvol. Zelf zitten we woensdag in het Concertgebouw om de Johannes Passion te ondergaan; prachtig. Maar wanneer je niet gelooft in iets wat eigenlijk niet kan, wanneer je dat kinderlijke vertrouwen niet hebt in de “verrijzenis naar het vlees”, zoals Willem Jan Otten het zo mooi verwoordde, wat is het dan allemaal waard? Dan kunnen solisten en koorleden hun kelen schor zingen, maar blijft het: ruhe sanfte, ruhet wohl. Wanneer het echt alleen maar Goede Vrijdag blijft, dan staan we op Tweede Paasdag, wanneer Harm 35 zou zijn geworden, alleen maar te huilen bij zijn graf. En tranen zullen er zeker zijn als we er bij stil staan dat 34, 34 blijft in Harm zijn bestaan. In die zin is Tweede Paasdag een prachtig symbool en een mooi getuigenis. Door Pasen, 2000 jaar geleden, geloven we dat er werkelijk een opstanding is. Harm zei dan: ‘Het komt wel goed.’ En zo is het, want als je maar even anders kijkt, is er zicht op de hemel!

PS
Regelmatig controleer ik even op All Of Bach of er weer iets nieuws op staat. Deze keer staat er een tranentrekker als nieuw op: BWV 727 gespeeld door Matthias Havinga. Matthias (1983) zat ooit bij Harm in de klas op de Guido in Amersfoort, maar heeft muzikaal heel andere wegen ingeslagen.  Al eerder stond er een stuk geplaatst van hem op All of Bach, maar deze is subliem, ruim tweeënhalve minuut, zo indringend, zo droevig maar ook verlangend. All of Bach, BWV 727. (En bekijk ook eens BWV 527). Matthias zit trouwens aanstaande woensdag als organist op het podium van het Concertgebouw.

Kyrie eleison